Pauselijke zegening van de imam

Merijn Wierenga

Broeinest van jihadi's, kweekvijver van terrorisme, een islamitische enclave. Na de aanslagen in Parijs wordt er alleen nog maar in krachttermen gesproken over de Brusselse gemeente Molenbeek. Wat is daar aan de hand?

Merijn Wierenga,

De Belgische documentairemaker Eric Goens stelde zichzelf die vraag en om achter het antwoord te komen besloot hij 100 dagen in Molenbeek te gaan wonen. Toen wist hij nog niet dat de wijk na het verschijnen van deze documentaire weer in het middelpunt van de belangstelling zou staan door de aanslagen in Brussel. Vanaf 12 april is de documentairereeks Molenbeek 4 weken lang op dinsdag te zien, NPO 2, 22.55 uur.

VPRO.nl sprak met Eric Goens over wonen in Molenbeek, potentiële terroristen en het maken van de documentaire.

Molenbeek

U bent 100 dagen in Molenbeek gaan wonen. Waarom?

‘De dag na de aanslagen in Parijs hoorde ik niet voor het eerst de link naar Molenbeek. Dat was ook zo bij de verijdelde aanslagen in de Thalys en in Verviers. Eigenlijk overal en altijd was het: de aanslagpleger is opgegroeid in Molenbeek, hij verbleef in Molenbeek. Wij Belgen kennen Molenbeek eigenlijk niet, dat is een probleem dat we heel lang voor ons uit hebben geschoven. Dus mijn vraag was: wat is daar aan de hand?’

Waarom koos u voor deze benadering?

‘De enige manier om die vraag te beantwoorden is om er te gaan wonen. Anders blijf je een soort portretje maken zoals er, met alle respect, dertien in een dozijn zijn gemaakt de afgelopen maanden. Een cameraploeg strijkt neer in Molenbeek, registreert daar drie uur het dagelijks leven en komt dan met een portret van Molenbeek. Dat wilde ik duidelijk niet. Ik wilde een werk met een langere adem met de medewerking van de lokale gemeenschap en het kost tijd om dat op te bouwen.‘

'Veel jongeren gaan gewoon niet meer naar de moskee omdat er alleen maar Arabisch wordt gesproken. Het merendeel van de imams spreekt namelijk geen woord Frans, ook al zijn ze hier al veertig jaar.'

Wat hoopte u te vinden in Molenbeek?

‘Antwoorden op mijn vragen. Wat is er in die gemeenschap aan de hand? Hoe is het samengesteld? Wat is het probleem? Hoe moet het aangepakt worden? Waar zit het probleem? Antwoorden en inzicht.’

Heeft u die antwoorden gevonden?

‘Ik zocht antwoorden en inzicht zonder dat ik de pretentie had dat ik de grote wonderdokter was die alle problemen op gaat lossen. Maar ik denk dat ik wel een aantal zaken heb vastgesteld die redelijk essentieel zijn, onder andere de geslotenheid van de gemeenschap. Er is een gigantische kloof tussen de vertegenwoordigers van de islam en de jongeren. Veel jongeren gaan gewoon niet meer naar de moskee omdat er alleen maar Arabisch wordt gesproken. Het merendeel van de imams spreekt namelijk geen woord Frans, ook al zijn ze hier al veertig jaar.’

In de moskee

Wat is het grootste probleem?

‘Er zijn veel factoren die van invloed zijn. Deels onderwijs, deels familie, deels religie, deels repressie, deels opvoeding, deels cultuur. Voor de eerste generatie was het vrij eenvoudig, die zijn hier binnengekomen en die hebben zich letterlijk en figuurlijk kapotgewerkt. Er was hierdoor weinig ruimte om te ontsporen. De tweede generatie komt terecht in een economische crisis waardoor er veel mensen thuiszitten. De imam zegt dat de mensen van de tweede generatie fouten hebben gemaakt en dat ze die recht moeten zetten.'

'Er zit een heel ontroerende scène in met een vader wiens zoon onder de radar is geradicaliseerd, vervolgens is vertrokken en om het leven is gekomen. Die man is heel nuchter in de analyse en bezweert mij dat hij niets heeft zien gebeuren. Ook de politie en de mensen in het onderwijs hebben niets doorgehad. Het is dus een combinatie van veel factoren die niet op korte termijn kunnen worden opgelost. Het is net iets makkelijker als je Arthur van Amerongen heet en je mening kan geven vanuit een of ander buitenhuis in Portugal, dan is er niemand die je tegenspreekt. De realiteit is vaak anders.’

Wie zijn de mensen in de gemeenschap?

‘Als je de publieke opinie moest geloven, beslaat de buurt alleen maar uit jihadisten. Ik wilde horen en zien wie dat waren. Maar je hebt er ook gewoon een slager, een garagehouder, de imam, noem maar op - mensen van vlees en bloed zoals u en ik, zoals ze ook in Amsterdam of in Gent wonen. De inwoners van Molenbeek hebben alleen door de recente gebeurtenissen het stigma gekregen van een potentiële terrorist.’

U spreekt veel verschillende mensen in de documentaire. Hoe ging u te werk?

‘Dat is echt een kwestie van elke dag opnieuw proberen. Overal waar je in het begin kwam kreeg je letterlijk en figuurlijk de deur in je gezicht geslagen. Want mensen wilden niet praten, ze hadden echt genoeg van al die cameraploegen. En dan kun je wel binnenkomen en zeggen dat je het anders gaat doen maar dat zegt natuurlijk iedereen. De imam bijvoorbeeld, hij had tot dusver nog nooit gepraat met de media. Het heeft een paar weken geduurd voordat we die man konden overtuigen en zijn vertrouwen konden winnen. Dat is gewoon een kwestie van: “Hey here we are again, here we are again.” Dan zien ze ook dat je het serieus meent.’

Stonden de buurtbewoners open voor een gesprek?

‘Ja absoluut. Het speelt wel mee dat je veel tijd hebt geïnvesteerd zonder camera’s om mensen te leren kennen, om mensen jou te leren kennen. Dat is een bepalende factor geweest. ‘s Avonds na de opnames met de imam of de politie liep ik vaak nog even binnen bij de slager waardoor je ook een soort gewoonte opbouwt. Daardoor word je ook onderdeel van het dagelijks leven. Zodra ik eenmaal binnen was in de gemeenschap heb ik me daar best wel goed gevoeld. Ik vind het een heel warme gemeenschap, met heel sociale mensen.’

Hebben we hier te maken met criminelen die geïslamiseerd zijn of hebben we te maken met moslims die gecriminaliseerd zijn?

Oud-burgemeester in gesprek met buurtbewoners

Daardoor lijkt het allemaal heel makkelijk te gaan,  was dat ook zo?

‘Nee, absoluut niet. De eerste man met wie we vertrouwen konden opbouwen is Mohammed Bouzerda, de slager. Hij is echt een hoofdrolspeler geworden en heeft ons in contact gebracht met de imam. Hij nodigde ons uit voor het vrijdaggebed en heeft toen voor een volle moskee gezegd dat wij goede journalisten waren. We kregen voor een paar duizend aanwezigen een soort van pauselijk zegen. Ik denk dat dat misschien wel een keerpunt is geweest.’

U doet in de documentaire ook een belangrijke ontdekking. Een uitbater van een brasserie is eerder beroofd door Brahim Abdeslam, de broer van het brein achter de Parijs-aanslagen en opgepakt.

‘Dat is het openingsbeeld van de documentaire. Het plaatst het hele verhaal in een heel ander kader. Als je ziet dat die jongens een paar maanden voor de aanslag nog aan fondsenwerving moeten doen door lokale speelkasten open te trekken, stel ik mijn vragen bij de grote financiering van terroristische organisaties van buitenaf. Hebben we hier te maken met criminelen die geïslamiseerd zijn of hebben we te maken met moslims die gecriminaliseerd zijn? Ik denk het eerste. De twee broers die zijn omgekomen bij de aanslagen op Zaventem, zijn gewoon doorgewassen criminelen met een laagje islamisme erover, als ik dat zo mag uitdrukken. We zijn er toch lang vanuit gegaan dat het moslims waren die naar de wapens grepen. Ik denk dat het de wapens zijn die we aan de moslims hebben gegeven.’

'In België hebben we de gewoonte gehad om Molenbeek als een ver-van-ons-bed-show te beschouwen maar intussen blijkt het bed toch in ons huis te staan.'

Na 100 dagen in Molenbeek, wat denkt u dat de toekomst is voor de gemeente?

‘Het zal nog een flinke poos zal duren voordat alle problemen daar zijn uitgepraat en dat zal politieke moed vergen op lange termijn. Als we er vanuit gaan dat het zo even snel geregeld zal zijn kunnen we over een jaar de sequel gaan maken over Molenbeek. Zoals iemand al zei, de potentiële terroristen van 2025, die zijn vandaag tien jaar oud. Dus als we daar die maatschappij niet ten gronde gaan proberen te helpen, dan vrees ik dat dat scenario waarheid wordt. Maar laten we vooral van het goede uitgaan en hopen dat de boodschap intussen duidelijk genoeg is geweest. In België hebben we de gewoonte gehad om Molenbeek als een ver-van-ons-bed-show te beschouwen maar intussen blijkt het bed toch in ons huis te staan. Ook het huis krijgt een kwalijke reputatie.’

Waarom moeten Nederlanders de documentaire gaan kijken?

‘Omdat Molenbeek hen ook heel erg aangaat. Molenbeek is, hoe graag ze ook willen dat het niet het geval zou zijn, helaas perfect inwisselbaar met de banlieus van Parijs of Amsterdam-West. Dus ik denk dat de oorzaken van het probleem zo universeel zijn dat Molenbeek wat dat betreft maar een voorbeeld is.’