Dwars door Afrika

aflevering 3: Terug in Harare

Zeg Zimbabwe en je zegt economische chaos. Bram Vermeulen reist per Rolls Royce door het land en ziet het land door de ogen van de plunderklasse en door die van de arme meerderheid. Werkt Zimbabwe?

Elmar Veerman,

Is Zimbabwe een mislukt land?

Harare, de hoofdstad van Zimbabwe. Bram Vermeulen was er zes jaar geleden voor het laatst. ‘Ik kwam hier altijd als een soort dief in de nacht, met knikkende knieën, kijkend of ik niet gevolgd werd door de geheime dienst.’ Kennelijk is die tijd voorbij, of in elk geval kan hij nu openlijk als journalist in het land werken, met een officiële perskaart.

Wat is er nog meer veranderd in die zes jaar? Destijds was het een land in chaos: de economie was ingestort, er heerste cholera, politie en jeugdbendes maakten jacht op de oppositie en op buitenlandse journalisten. De macht van president Robert Mugabe leek te wankelen. Maar de nu negentigjarige alleenheerser, al aan het roer sinds Zimbabwe in 1980 onafhankelijk werd, zit er nog steeds. Hij voelt zich niet meer bedreigd sinds zijn partij de verkiezingen won, en laat meer persvrijheid toe.

Mugabe is al 90, maar nog steeds aan het werk

En economisch? Zimbabwe is een stabiel land met enorme mogelijkheden, zegt Phillip Chiyangwa, een man die stinkend rijk is geworden in de tijd van chaos en crisis. Het heeft rijke platinamijnen, de beste vindplaatsen voor diamanten, vruchtbare landbouwgebieden, enzovoort. Zelf zit deze miljardair vooral in industrie, vastgoed en infrastructuur. Zoals het half afgebouwde luxe hotel waar hij met Bram heenrijdt in een van zijn vele auto’s. En zijn enorme huis. Allemaal te danken aan zijn eigen ondernemingslust, zegt deze neef van de president.

De winkels zijn weer vol, en er is niets meer te merken van de absurde hyperinflatie waarbij je op het laatst biljoenen Zimbabwaanse dollars moest meebrengen voor je boodschappen. Maar dat betekent natuurlijk niet dat iedereen het nu goed heeft. Maar liefst 80 procent van de Zimbabwanen heeft geen officiële baan. Die mensen moeten het hebben van de zwarte markt, waar ze meestal net genoeg bij elkaar kunnen scharrelen om te overleven.

Wat is er gebeurd met de oppositie, die zes jaar geleden nog overtuigd was van een snelle overwinning? Bram bezoekt Barnabas Mdira, die met zijn twee broers destijds vooropliep in de protesten. Een van die twee is vermoord door de geheime dienst. Deze man is uiteraard een stuk minder te spreken over het Zimbabwe van vandaag dan de miljardair. Hij ziet nog steeds onderdrukking, economisch verval en wijdverspreide corruptie.

De perskaart blijkt echt nodig als de voorzitter van een wijkcomité wil weten wat de cameraploeg komt doen.

Veel arme tegenstanders van het regime zijn de stad uit gejaagd. Hun huisjes werden vernietigd en tegenwoordig wonen ze op het platteland. Ze hebben alle tijd om met Bram te praten, want werk hebben ze niet. De kinderen gaan niet naar school, terwijl Zimbabwe altijd het Afrikaanse land was dat uitblonk in onderwijs.

Maar niets illustreert de crisis beter dan het lokale begraafplaatsje, met een hele rij verse baby- en peutergrafjes. Het vorige maand overleden dochtertje van een man die er met zijn gezin naast woont, ligt er niet bij. Er was geen geld voor een graf, dus ze hebben de dode baby in het ziekenhuis achter moeten laten.

Oppositie voeren is er nauwelijks meer bij in Zimbabwe. Toch zijn er wel kritische geluiden. Bram bezoekt de makers van een satirisch programma, met clips als deze en deze. Hier stellen ze zichzelf voor. Zij willen naar eigen zeggen een fundament leggen voor een nieuw Zimbabwe dat is gebaseerd op vrijheid van meningsuiting en kritisch denken. Is het land volgens hen veranderd in de afgelopen zes jaar? Ja, het is veranderd, zeggen ze, en niet per se ten goede. Een voorbeeld: ‘Er is nu van alles te koop, maar de mensen hebben geen geld. Toen was er geld, maar niets te koop.’