Hij werd bekend als chroniqueur van Nederland en vergeleken met Bert Haanstra. In zijn werk houdt hij de kijker als het ware een lachspiegel voor. In 2009 toonde Van Erp zich van een andere kant met de film ‘Angst’ waarin hij het dagelijks leven van mensen met een angststoornis registreerde. Lotje Ijzermans praat met Michiel van Erp over mededogen, ironie en een vleugje venijn.

Samenvatting uur 1

Het begon in het hier en nu – de film die hij nu aan het maken is en die al over twee weken op televisie moet, over Rotterdam en de Tour de France. TV Rijnmond wilde graag zien hoe Rotterdam het zou houden onder de komst van de tourorganisatie die de stad voor een paar dagen overnam. Rotterdam hield zich prima en hij maakte er een groter verhaal van: van oude wielrenners die hun helden van nu en vroeger zien.

Meteen ging het over het werk van een documentairemaker. Van Erp ziet zijn hoofdpersonen pas op het moment dat hij gaat filmen – voor die tijd zijn alleen de researchers langs geweest, die het voorbereidende werk doen, er is al bedacht welke handelingen de mensen zullen doen, wat ze zullen vertellen. Maar toch zorgt van Erp ervoor dat er ook weer juist andere dingen gebeuren, het onverwachte, spontane. Hij haalt mensen uit de handeling die ze aan het doen zijn, en vraagt naar iets heel anders. Dan kan je de echte emotie te pakken krijgen, dat zijn de momenten die in de film komen. Het is een trukendoos, zegt hij, maar het is sowieso nooit de werkelijkheid. Er is een camera, er is licht, en ik laat mijn werkelijkheid van die mensen zien, zegt hij.

De interviewster zegt dat dat per definitie manipulatie is – néé manipulatie nee, zegt hij fel. Uiteindelijk komen ze samen uit op de omschrijving van waardevrije manipulatie, het hoeft niet per se. Er zijn documentairemakers die acteurs inhuren – dat zou hij nooit doen, ‘ik heb daar niks mee’’, zegt hij. Hij vindt het al vervelend als mensen een stukje naar links moeten van de cameraman vanwege het licht. Hij laat mensen ook nooit iets over doen. Maar je doet je wel onnozeler voor dan je bent, merkt de interviewster op. Dat is dat ironiserende, bijvoorbeeld in die eerste serie die zijn stijl zette, ‘Lang Leve….’ Zelf vind hij het nog steeds ontroerende portretten, al ziet hij ook wel dat hij toen erg voor de ironie ging, en nu meer voor de emotie. Al hoewel: Pretpark Nederland uit 2006 was toch ook zo’n film waar de hele zaal dubbel van het lachen lag bij de premiere en de beide hoofdpersonen, de organisator van een Chocoladefestival en de bedrijfsleider van Bataviastad, helemaal niet begrepen wat er nou zo grappig was. Maar zich toch ook helemaal niet vervelend of slecht behandeld voelden.

Wat is nou de functie van ironie, is de vraag. Dat is zelfspot, komt er als beslist antwoord, je herkent als kijker ook jezelf. Je houdt mensen een spiegel voor. Ik ben een goedaardige parasiet, zo omschrijft van Erp het, ik maak gebruik van mensen en situaties maar goedaardig. Al krijgt hij soms complimenten van buiten op zijn werk juist vanwege zijn geslepenheid, zijn valsigheid – dat hij zo meedogenloos juist de grappige mensen en hun strijd in het leven laat zien. Het laatste deel van dit eerste uur verbleven we in het gezin van Erp in Eindhoven in de jaren 60 en 70. De vader die de enthousiaste eigenaar was in een kleine muziekwinkel en een orkest had opgericht, en die stap later in zijn leven had gezet omdat hij dat zo héél graag wilde. De vader die het voorbeeld heeft gegeven aan zijn zoon om een droom na te jagen – en dat zijn ook precies de mensen die hij graag filmt, mensen met een droom.

UUR 2

Zijn eerste droom in zijn werkzaam leven was om acteur te worden – maar hij werd afgewezen voor de theaterschool en toen ging hij maar studeren aan de TU, hij werd productontwerper. Na die studie werd hij alsnog acteur, bij een jeugdtheater in Den Haag. Na vier jaar acteren besloot hij dat hij middelmatig was als acteur, en er dus zijn geld niet mee kon verdienen. En toen kwam hij bij de jeugdprogramma’s van de VPRO tv terecht en merkte hij meteen dat hij veel gelukkiger was achter een camera dan als acteur. Hij wilde zijn werkelijkheid laten zien. Met de Hollandse volksaard als specialiteit. De kleine man, wie hij ook maatschappelijk is. En het filmen van die werkelijkheid is een gevoelsmatig proces, niet zo bedacht, geconstrueerd, wil hij nog even toevoegen, het is niet alleen een trukendoos.

Neem die serie Welkom in Nederland, die gaat over Nederlanders die zich inzetten voor de Nieuwe Nederlanders. Waarbij het hem vooral opviel hoeveel mensen doen. Zo werd hij geraakt door twee vrouwen in het Gooi die zich hebben ontfermd over het gezin van een Iraanse vluchteling van wie de vrouw weggevallen was. Dat grenzeloze helpen, dat raakte hem. De interviewster zag toch ook weer de ironie, de vrouwen met hun knuffelallochtoon, en was die ene niet gewoon verliefd op die man? Zo’n vraag zou ik nooit stellen, zegt van Erp, maar ik monteer het wel zo dat jij dat kan denken. Maar ik oordeel niet. Ik laat gewoon zien wat ik gezien heb.

Van Erp heeft inmiddels ook een flink aantal films gemaakt rond het koningshuis. Wat er achter de schermen gebeurde bij de uitvaart van Prins Claus. Een film over de voorbereidingen op Koninginnedag in Katwijk, die voor de grote dag werd uitgezonden en die de Koningin zelf gezien bleek te hebben. En waarover ze zei: eens maar nooit meer, want Koninginnedag moet een sprookje blijven. Van Erp is ervan overtuigd dat Beatrix bewust niet uit haar eigen glazen doos stapt. Zij denkt echt dat er een sprookjeswerkelijkheid bestaat omdat wij met z’n allen die facade blijven ophouden. Weg ermee, met dat koningshuis?is de vraag, nou nee, dat ook niet, maar dat gesloten gedoe achter de schermen, daar houdt van Erp niet zo van.

Het gaat over het portret van de fotograaf Erwin Olaf, waarin die vrij lang gaat huilen als het over zijn mogelijke dood gaat. Hoe zit ik daarbij?, vraagt de filmer zich af, dat is heel dubbel, ik wil hem troosten, maar dat doe ik niet, ik let ook op het kader, het licht, en ik stel wat vragen om hem langer te laten huilen, waarvan ik weet dat ik die vragen eruit zal knippen. Over manipulatie gesproken! Zegt ie met een lach. Zou jij jezelf door jou zelf laten portretteren, is de vraag. Néé. Zegt hij meteen - zonder nadenken. Van Erp noemt zichzelf een gelukkig man, gelukkig in zijn werk, twee jaar geleden getrouwd met de man waar hij al 25 jaar mee is, en vader van een pleegzoon Joey, die op zijn 14-de bij hen kwam wonen, en die zelf een moeder had die niet voor het geluk in de wieg gelegd was.

Wie is Michiel van Erp?

Michiel van Erp is al een kwart eeuw documentairemaker. Voor de VPRO maakte hij verschillende kinderprogramma's. Zijn carrière kwam pas goed op gang toen hij in 1996 voor de VARA de serie Lang Leve... ging maken: een reeks televisiedocumentaires waarin gewone mensen op een buitengewone manier werden geportretteerd. Hij won er verschillende prijzen mee, onder meer de 'silver medal award' op het New York Filmfestival. Van Erp vestigde daarmee naam als chroniqueur van Klein Nederland.

Van Erp werd geboren in 1963 en groeide op in Eindhoven, waar zijn ouders een muziekwinkel runden. Hij studeerde industriële vormgeving aan de TU in Delft. Liever was hij naar de toneelschool gegaan, maar daar vonden ze hem te jong. Na zijn afstuderen aan de TU werkte hij alsnog een aantal jaren als acteur. Via het theater kwam hij bij de televisie terecht. Na Lang Leve... (1996-2003) volgden er meer series waaronder Ons Genoegen (1996) en Op Avontuur (2003). Daarnaast maakte hij ook documentaires  als Vergeet Mij Niet (2002), over de Zangeres Zonder Naam en de bioscoopfilm I am a woman now (2011), over de eerste generatie transseksuelen die zich in de jaren vijftig en zestig in Casablanca laten opereren. Recenter is zijn succes rond de dramaserie Ramses (2013), waar hij zowel de Nipkowprijs, een Gouden kalf als Prix Europa voor won. Hieronder kun je meer over dit werk terug zien en/of lezen.

Maar het theater bleef lonken en in 2001 debuteerde hij als regisseur bij theatergezelschap Mug Met De Gouden Tand. Later werd hij daar artistiek leider, samen met goede vriend Frank Houtappels en Mugoprichters Joan Nederlof en Marcel Musters. Hoewel hij voor het theater blijft regisseren (in 2014 nog de voorstelling Afterparty) blijkt zijn echte roeping toch de documentaire. Hij maakte indruk met Op Handen Gedragen (2003), de film over de voorbereidingen op de begrafenis van Prins Claus, Pretpark Nederland (2006), Angst (2009) en  Beatrix, Majesteit (2009): allemaal producties van De Familie, het bedrijf dat hij sinds 2003 samen met Monique Busman leidt.

Wil je meer weten over de regisseur, luister dan onder meer het Marathoninterview uit 2010 met Lotje IJzermans. Dan kom je ook meer te weten over 'de persoon Van Erp' (de maker is doorgaans niet heel vrijpostig in interviews over zijn privéleven en eigen gevoelens). Het gesprek gaat over identiteit en ironie, fictie en nonfictie, angst en vergankelijkheid. Thema's die vaak terug komen in zijn werk.

Michiel van Erp heeft meer gedaan voor en met de vpro. Recent is het gesprek met Pieter van der Wielen in Nooit meer Slapen over de dramaserie Ramses (2014) die Van Erp regisseerde. 'Het plezier tijdens het draaien van deze serie was dat ik de acteurs tot echte mensen probeerde terug te toveren. De doorleefde scènes moet je voelen en het mag niet enkel techniek zijn.'

Over I'm a woman now sprak hij met Chris Kijne in het gesprek Regisseur aan de keukentafel (TV) en je kan twee delen zien van Tijd van je Leven.

Meer Michiel van Erp