zondag in ovt: jesus christ superstar

Voor altijd 33

Voor altijd 33, een documentaire over Jesus Christ Superstar en de Jezus-film
Zondag 20 april, 10.00-12.00 uur op Radio 1

Gierende gitaren, schaars geklede danseressen en een blonde flowerpower-Jezus. Het is weer zover: Jesus Christ Superstar komt op tv.

Radiomaker Laura Stek, groot fan, vroeg zich af wat er geworden is van Jezus. Ze sprak de bijna zeventig jaar oude Ted Neeley in Rome.

Laura Stek interviewt Ted Neeley

Gesprek met Laura Stek

Wat trekt je zo aan in Jesus Christ Superstar?
‘Dat is moeilijk te zeggen. Ik heb niet echt een verklaring, het is meer een gevoel; het verlangen er ook bij te willen horen. Erbij zitten in die bus, door de woestijn rijden en dansen in die gekke pakjes. De hilariteit van al die dansjes sprak me aan, en de muziek natuurlijk. Die is echt geweldig. Die opening alleen al, zodra die begint zit ik er helemaal in.

Ik ben niet christelijk opgevoed, helemaal niet, maar dat hele hysterische gedoe sprak me ontzettend aan. En ik was natuurlijk gewoon verliefd op Jezus. Ik wilde ook om hem heen dansen. Ik keek de film elk jaar, maar niet alleen met Pasen – ook als ik ziek was, samen met Flodder.’

Ik heb altijd gedacht dat Jesus Christ Superstar het ultieme christelijk vermaak voor ongelovigen was. Zie je dat ook zo?
‘Nou, ik ken inderdaad mensen die het vooral als een ironische film zagen, maar sinds ik dit item heb gemaakt, weet ik dat de makers het allemaal heel serieus namen. Ted Neeley is echt strenggelovig lid van de Southern Baptist Church, kent de Bijbel uit zijn hoofd. Ze deden erg hun best om de film zo christelijk mogelijk te maken.
 
Die overgave zie je ook wel terug. Ted Neeley zegt zelf dat hij in de film een soort baby-Jezus was, dat hij nu pas echt de rol kan beleven zoals die bedoeld is. Als je onderstaand fragment kijkt, zie je ook wat hij bedoelt. Het is bijna heavy metal geworden.'

Kijk je anders naar de film nu je Ted Neeley hebt ontmoet?
‘Niet echt. Als er al iets is veranderd, ben ik meer fan geworden. Ik denk dat veel mensen zullen denken “Wat een ongelooflijke gekkerd”, dat hij al die jaren deze zelfde rol is blijven spelen. Meer dan 5000 keer heeft hij Jezus vertolkt. Dat komt neer op veertien jaar lang elke dag, dat kun je je haast niet voorstellen. Hoe gek moet je dan zijn? Hij heeft de rol zo omarmd dat hij het op een bepaalde manier geworden is. Zelfs buiten de set voelt hij zich verantwoordelijk voor dat personage. Tegelijkertijd denk ik ook, als iemand het toch moet doen, dan is hij dat. Hij geeft zoveel aandacht, is werkelijk oprecht en aardig. Het is misschien een gek, maar dan een hele bijzondere gek.

laura's favoriete scènes

Een letterlijk hoogtepunt is altijd wanneer Ted die hoge noten aanslaat. Bijvoorbeeld in de tempelscène. Daar moest hij boos worden, maar dat ligt hem helemaal niet, hij komt ook echt over als iemand die nooit zijn geduld verliest.

Ook in Gethsemane gaat hij helemaal los. Dat is ook een heel typerende scene voor deze film, waar Jezus echt als een mens wordt neergezet, twijfelend, iemand die het allemaal niet zo goed weet. Dat was echt een breuk met eerdere Jezus-films.

En de woestijnscène vind ik ook altijd mooi, met die dames die om hem heen dansen. Zijn huidige vrouw danst er ook tussen, ik heb haar geprobeerd te vinden, maar dat is niet gelukt. Je ziet dat Ted helemaal niets doet, nauwelijks reageert, maar dat is ook wel weer logisch: wat zou hij anders moeten doen, in die jurk?

Hoe zou het met Ted zijn?

Laura Stek schreef een verhaal over haar ontmoeting met Ted Neeley, gepubliceerd in de Vrij Nederland van 17 april.
Lees hier een fragmentje:

'Jezus betaalt!’ roept de man achter kassa. Het is toch een beetje ongemakkelijk, zo achter elkaar in de rij van de kantine. Ik probeer de omgeving uit te schakelen. TL-licht, kunststof dienbladen en blikjes Red Bull passen nu eenmaal niet binnen een geromantiseerd jeugdideaal. Ted Neeley neemt een bordje pasta, zijn dochter legt een appel op zijn dienblad. ‘Gezond,’ zegt ze. Pilatus, in wit trainingspak, heeft zich over een stuk vlees gebogen, Judas prikt in een sappige bol mozzarella. Ted schuift tevreden aan. ‘Ik vergeet vaak te eten, zo veel energie krijg ik van deze rol.’
Dit is het dan. Lunchen met Jezus in de periferie van Rome.