Tegenlicht

De Impact. Betekenis van 9/11

Tegenlicht evalueert 'tien jaar 9-11' met drie prominente Amerikanen: een militair, een diplomaat en een politicoloog. Voor elk van hen afzonderlijk heeft de lange nasleep van de val van het WTC een speciale betekenis.

Wat gebeurde er in de VS op 12 september 2001, de day after? Hoe kon het dat de War on Terror gevoerd werd tegen nationale staten? En wat betekent de huidige Arabische lente eigenlijk voor de internationale positie van grootmacht Amerika? Veel problemen van het huidige Amerika vinden hun oorsprong op 11 september 2001. De jaren nul van de 21e eeuw zullen de geschiedenis ingaan als het decennium waarin de VS veel verspeelde.

Op 12 september 2001 begonnen militaire vergeldingsacties die zich nog steeds voortslepen. De geldverslindende invallen in Afghanistan en Irak droegen bij aan de inmiddels dubbele economische recessie. En het internationale imago van de VS werd door Guantanamo Bay, Abu Ghraib en Bradley Manning op hardhandige wijze van elke glans ontdaan. Dat maakte de tiende verjaardag van de val van het World Trade Center afgelopen weekend tot een extra wrange herdenking.

egen die achtergrond spraken Tegenlichtregisseurs Shuchen Tan en Olaf Oudheusden met Lawrence Wilkerson, Paul Bremer en Francis Fukuyama.

De wereld leerde kolonel Lawrence Wilkerson (1945) kennen in de tijd dat hij chef-staf was van Colin Powell, de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken in de eerste ambtstermijn van George W. Bush (2001-2005). 'Larry' Wilkerson, voormalig kolonel in de US Marines en Vietnam-veteraan, ging recentelijk met pensioen. Tot voor kort doceerde hij militaire strategie aan de George Washington University; nu vist hij o.a. op forel in de Great Smoky Mountains. Daar zocht Tegenlicht hem op voor een terugblik op de dagen vlak na 11 september. Wie was nou eigenlijk achteraf verantwoordelijk voor welke Amerikaanse strategie?

Lewis Paul Bremer (1941) was eind jaren tachtig Amerika's ambassadeur in Nederland. Bekender nog werd hij als bewindvoerder in Irak, van mei 2003 - juni 2004. Zijn functie als 'administrator of the Coalition Provisional Authority of Iraq', zoals zijn officiële titel luidde, had hij mede te danken aan zijn expertise in het vakgebied van de 'counter terrorism'. Hoe kijkt de man die de legendarische woorden 'We Got Him!' uitsprak zeven jaar na dato terug op die langgerekte bezetting van Irak? Gevraagd naar historische analogieën komt Bremer tot verrassend vergelijkingsmateriaal.

Francis Fukuyama (1952) geldt als dé spijtoptante neoconservatief. De politieke filosoof die wereldfaam verwierf met 'The End of History and the Last Man' (1992) ondertekende in 1997 de beginselen voor de Project for a New American Century. Maar in de loop van de jaren nul moest hij concluderen dat zijn voormalige ultrarepublikeinse vrienden alle krediet verloren. Inmiddels gaat Fukuyama nog verder: de overreactie van de VS op de aanslagen van 11 september hebben de wereld 10 jaar gekost. Vooral het Midden-Oosten heeft daardoor langer moeten wachten op democratie. De democratie die Amerika nou juist zo graag naar de Arabische wereld had willen exporteren...


Regie/Interviews: Shuchen Tan / Olaf Oudheusden
Samenstelling: Eugène Paashuis / Jos de Putter
Research: William de Bruijn
Productie: Helen Goossens / Anja van Oostrom
Eindredactie: Henneke Hagen / Jos de Putter