Tegenlicht Lab met Rutger Bregman

De noodzaak van een utopie

Jonge historicus Rutger Bregman pleit in Tegenlicht Lab voor de terugkeer van het utopisch denken.

We moeten opnieuw utopisch leren denken, stelt de jonge historicus, columnist en non-fictie auteur Rutger Bregman (1988). Aan de hand van onder meer foto’s, boeken, videofragmenten en een broodrooster komt Bregman uit bij oude dromen als de radicaal kortere werkweek en het basisinkomen. Een televisie-essay in Tegenlicht als nieuwe vertelvorm: Tegenlicht Lab.

reacties op aflevering

We zijn rijk, veilig en gezond maar leven toch in een tijd van onbehagen. Steeds meer mensen verlangen naar vroeger, naar een Gouden Tijdperk dat eigenlijk nooit heeft bestaan. Waar komt die nostalgie vandaan? En hoe kunnen we onze blik weer op de toekomst richten? De jonge historicus (Universiteit van Utrecht en Los Angeles) en columnist Rutger Bregman (Volkskrant, De Correspondent, The Washington Post) kijkt naar de wording van wat Paul Schnabel ook wel het 'met-mij-gaat-het-goed-met-ons-gaat-het-slecht-gevoel' heeft genoemd. Nederlanders zijn individueel gelukkig, maar maken zich collectief zorgen over de toekomst, hun land en de wereld.
 

We lijken te zijn aangekomen aan het einde van de geschiedenis, in een tijdperk dat door Middeleeuwers zonder aarzelen als 'Luilekkerland' zou worden bestempeld. Maar wat is ónze droom van een betere wereld? Soms lijkt het alsof we onze idealen levend begraven hebben. Politiek is een kwestie van probleemmanagement geworden en wie nu aan de toekomst denkt, praat al snel over technologische vooruitgang: een nieuwe smartphone, robotauto's of machines die volautomatisch ons voedsel zullen bereiden. Eén vraag wordt te weinig gesteld: hoe zullen we (samen)leven over pakweg vijftig jaar?

In dit televisie-essay haalt Bregman oude dromen van stal, zoals de radicaal kortere werkweek en het basisinkomen. In een wervelend betoog gaat hij langs zestiende-eeuwse schilderkunst, hoopvolle statistieken, Beau van Erven Dorens en een simpele goedkope broodrooster die nogal complex in elkaar blijkt te zitten.

Regie: Frank Wiering
Research: William de Bruijn
Productie: Marie Schutgens
Eindredactie: Henneke Hagen & Frank Wiering
Foto: Roel Siebrand