VPRO Tegenlicht

E-stonia: een land als start-up

Wat als onze 'digitale zelf' ergens kon leven met alle rechten, plichten en privileges die daarbij horen? In Estland kan het: de eerste e-residents zijn een feit.

Helemaal in het noordoostelijke puntje van Europa, grenzend aan Rusland, ligt het kleine Estland. Estland kent het grootste aantal start-ups per hoofd van de bevolking, internettoegang wordt er beschouwd als een mensenrecht en alle inwoners hebben gratis wifi. Alles wat nieuw is op het gebied van de digitale samenleving wordt hier als eerste uitgeprobeerd en toegepast. Zo hebben de eerste e-residents inmiddels hun vingerafdruk afgestaan in ruil voor een virtuele verblijfsvergunning. En heeft het de ogen van durfkapitalisten uit Silicon Valley, ondernemers en wereldburgers op zich gericht.
 

reacties op aflevering

Na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie kwam er in 1992 een piepjonge regeringsploeg aan het roer in het net onafhankelijke Estland. De centrale planeconomie werd razendsnel hervormd en als eerste Europese land voerden zij twee jaar later een vlaktaks in en werden de invoertarieven afgeschaft. En ze besloten om de eerste e-samenleving te worden: overheidsdiensten, onderwijs en gezondheidszorg zijn online, de overheidsuitgaven zijn transparant en je bent er eigenaar van je eigen data. Niet voor niets is dit het land waar ontwrichtende technologiebedrijven als Kazaa, Skype en Transferwise vandaan komen, die door hun peer-to-peer structuur de macht van de telecom- of bankensector kundig omzeilen.

Maar die sterke digitale ontwikkeling maakt het land ook kwetsbaar voor cyberaanvallen. In 2007 vond in Estland de eerste cyberoorlog plaats, die door de meeste onderzoekers wordt herleid tot Russische hackers. De servers van banken, kranten en ministeries werden door zogenaamde DDos-aanvallen stilgelegd. Sindsdien loopt het land ook voorop in cyber-security en is het NAVO “Cyber Defence Centre of Excellence” gevestigd in de hoofdstad Tallinn. Tegenlicht mocht er binnen kijken. Op een hackaton spreken we met jonge cyber-security specialisten die zich vrijwillig inzetten voor het Estse leger.

In Londen bezoeken we de allereerste Estse e-resident, de journalist Edward Lucas, die vanuit zijn huis in Londen met zijn Estse ID-kaart versleutelde mails kan sturen, en volgen we een Iraans-Amerikaanse Skype medewerker die al zijn contracten online ondertekent met een digitale handtekening die straks in de gehele EU erkend wordt. We duiken in de succesvolle start-up scene waar jonge Estse ondernemers broeden op ideeën voor de volgende Skype. En in een interview met de Estse president Ilves moedigt hij de rest van Europa aan om zich niet af te sluiten van de wereld maar om te blijven rennen, want technologie gaat hard en in een digitale wereld doet het er niet toe of je land op een korte tank-afstand van Rusland ligt; cyberspace trekt zich niets aan van geografische grenzen.

President Ilves ziet ook niet in waarom slechts één soevereine staat de identiteit van een burger kan valideren. Inmiddels hebben niet alleen de 1,3 miljoen burgers van de kleine Baltische staat een digitale identiteit, maar gaan ze zelfverzekerd de concurrentie aan met andere landen om interessante nieuwe virtuele inwoners. Want wie niet sterk is moet slim zijn: het streven is dat 10 miljoen virtuele inwoners van over de hele wereld zich aan Estland verbinden, en dan is Estland een land dat door digitalisering opeens veel groter is geworden.

Regie Shuchen Tan
Research Marijntje Denters & Sasha Kheyfets
Productie Jeroen Beumer
Eindredactie Marije Meerman & Doke Romeijn

meer als 'e-stonia: een land als start-up'