Jos de Putter over zijn documentaire

een interview met de regisseur van de aflevering 'denkend aan europa'

Hoe is het idee voor een documentaire over het Europese beschavingsideaal ontstaan?
“Het idee is voor het eerst naar voren gekomen tijdens een brainstormsessie van de redactie van Tegenlicht. We waren al bezig met een uitzending over de toelating van Turkije tot de Europese Unie (‘Ben Bot: even Europa uitleggen’, red.) en wilden meer doen met Europa. We zijn toen gaan kijken naar een aantal internationale conferenties over het Europese beschavingsideaal die voor de deur stonden. De conferenties werden georganiseerd door het kabinet en het Nexus instituut en hadden als titel: ‘Europe: a beautiful idea?'. Ik heb daarvoor contact gehad met Rob Riemen, de directeur van het Nexus instituut, maar kwam er al snel achter dat het thema van de conferenties moeilijk te filmen is. Het is vaag en ongrijpbaar. Tegelijkertijd was dat wel de uitdaging om er iets mee te doen. Uiteindelijk heb ik gekozen voor een zoektocht naar de ziel van Europa. Een zoektocht laat zich filmen, een abstract idee niet.”

Is het van belang dat naar de ziel van Europa wordt gezocht?
“Ja, dat is van belang. Europa is de ruimte waar je kinderen opgroeien en ik maak me zorgen over de toekomst. Ons land is sinds de moord op raadspensionaris De Witt niet meer zo de weg kwijt geweest. Het is de vraag wat de toekomst voor de volgende generaties zal brengen.”

Maar waarom een zoektocht binnen Europa en bijvoorbeeld niet binnen Nederland?
“Omdat in Europa de oplossing kan liggen. Het zou mooi zijn als Europa een eigen bestaan zou leiden, een eigen signatuur heeft. Zoiets als een Europese identiteit bestaat volgens mij niet, maar je kunt er als begrip wel mee werken. György Konrád zegt bijvoorbeeld dat Europa al die boeken zijn die hier zijn geschreven. Vanuit mijn vak zeg ik ‘je hebt ook al die films’. Wanneer je dan de vraag stelt waarom er op dit moment sprake is van een cultuurcrisis, heb je een keihard politiek punt. We zouden ons kunnen afvragen of we de Europese cultuur niet meer moeten bewaken.”

Wat is reden dat je tijdens die zoektocht in Polen terechtkomt?
“Dat hangt samen met de conferenties over het Europese beschavingsideaal. Daar waren een aantal Polen uitgenodigd en ik vond dat zij een heldere opvatting over Europa hadden. Die opvatting komt voort uit een lange geschiedenis. In Polen hebben ze meer moeten vasthouden aan hun religieuze en spirituele identiteit, en minder aan de Verlichting zoals wij die kennen. Als de Polen straks de economische dynamo van Europa worden, zullen hun ideeën en opvattingen ook hier naar toe komen. Van die ideeën en opvattingen kunnen wij leren.”

De Verlichting speelt een belangrijke rol in je verhaal, waarom?
“Volgens mij hebben alle discussies van vandaag de dag met de Verlichting te maken. Ook bijvoorbeeld de discussie over integratie. De term is alleen gekaapt door de Hirsi Ali clan. Zij spreken zogenaamd uit naam van de Verlichting en denken dat alles goed komt als hun opvattingen worden gevolgd. Ik denk dat de Verlichting gerelativeerd moet worden. Het een simplificatie is om te zeggen dat alles hierdoor is veroorzaakt. Daarom is het goed om buiten Nederland te kijken. Je hoeft maar naar Polen te gaan om te zien dat zij een compleet andere geschiedenis hebben en het grote vertrouwen in de Verlichting niet met ons delen.”

Maar als in de documentaire naar een gemeenschappelijk Europees beschavings-ideaal wordt gezocht, zijn we dan niet iets aan het homogeniseren dat van oorsprong heterogeen is?
“De kracht van Europa ligt ook in zijn heterogeniteit, maar er is ook nog zoiets als een Europese cultuur. De vraag is of je die cultuur moet opofferen aan de globalisering. Als het aan mij zou liggen niet. Het liefst zie ik dat de John de Mol’s van vandaag de dag in het gevang komen omdat zij de openbare ruimtes bevuilen. Ik wacht op hun arrestatiebevel.”

Is de documentaire niet snobistisch of elitair?
“Ik vind het dédain waarmee dat wordt gezegd verschrikkelijk. Nu is het enige doel van de media aansluiting te zoeken bij de middelmaat, terwijl niemand weet wie ‘de kijker’ is. ‘De kijker’ is verzonnen door cijferaars en iedereen lonkt hiermee. Er is sprake is van een dictatuur van de middelmaat. Men zou juist de uitdaging moeten opzoeken.”

In de documentaire speelt je tweede dochter een belangrijke rol. Waarom heb je voor deze persoonlijke benadering gekozen?
“Het idee hiervoor ontstond tijdens haar geboorte. Met deze benadering viel opeens veel op zijn plaats. Ik begon mij af te vragen hoe de ruimte eruit zal komen te zien waarin zij zal opgroeien. En daarmee bedoel ik niet alleen de geografische, maar ook de culturele en spirituele ruimte. Ik heb mezelf daarom de vraag gesteld wie mijn dochter zou kunnen zijn over vijftien jaar. Daarom worden in de documentaire drie groepjes van vijftienjarige meisjes geïnterviewd, en niet bijvoorbeeld ook groepjes jongens.”

De meisjes op het VMBO zijn uitgesprokener over waar Europa voor staat dan de meisjes op het Atheneum. Heb je enig idee hoe dat komt?
“De meisjes op het Atheneum zijn defensief. De meisjes op het VMBO hebben door hun achtergrond nog veel te veroveren en dat kan je aan hen zien.”

Zou het onderwijs er misschien anders uit moeten zien?
“Het idee dat onderwijs leuk moet zijn, is een vergissing. Er moet meer uitdaging in komen. Nu is het een slappe hap. Je kan tijdens het onderwijs iemand niet hard genoeg laten werken.”

Heb je iets uit de documentaire weggelaten?
“Ik had in het oostblok nog een aantal architecten over het concept van de openbare ruimte geïnterviewd. Ook heb ik nog gesproken met Krzysztof Pomian. Hij is een museum over Europa aan het opzetten. Tijdens het gesprek met hem ging hij de breedte in, terwijl ik juist de diepte in wilde gaan. Dit gesprek kon ik daarom niet gebruiken.”

Als je kritisch naar je eigen documentaire kijkt, wat denk je dat de reacties zullen zijn?
“Wellicht dat de documentaire te snobistisch is en slechts voor de ‘happy few’, maar dat is volgens mij dus een vergissing.”