Samuel P. Huntington versus Amartya Sen

In zijn meest recente boek 'Identity and Violence' trekt de Indiase econoom en Nobelprijswinnaar Amartya Sen fel van leer tegen politicoloog en Harvard-collega Samuel P. Huntington en diens ideeën over de botsing der beschavingen.

door Jolien Linssen

Sens centrale stelling is dat individuen niet één enkele, eenduidige identiteit bezitten, maar dat zij zich met verschillende groepen identificeren. Hij verzet zich daarom tegen denkers die personen proberen te classificeren aan de hand van een zogenaamde dominante, vaak religieuze, identiteit - zowel de voorstanders van een dialoog tussen de beschavingen, als zij die geloven in een botsing tussen de beschavingen, zoals Huntington. Om Sens kritiek te kunnen begrijpen, is het dus van belang om op de hoogte te zijn van Huntingtons ideeën. Wat bedoelt hij precies wanneer hij spreekt over 'the clash of civilizations'?

In de zomer van 1993 publiceerde Samuel P. Huntington in het Amerikaanse blad 'Foreign Affairs' zijn controversiële artikel 'The Clash of Civilizations?'. In dit artikel stelt hij dat globale conflicten zich in de toekomst niet langer zullen afspelen tussen prinsen, nationale staten en ideologieën binnen de westerse beschaving, zoals voorheen het geval was. Nu de internationale politiek sinds het einde van de Koude Oorlog in een nieuwe fase terecht is gekomen, zal deze gedomineerd worden door de interactie tussen het westerse en niet-westerse beschavingen, en door de interactie tussen niet westerse beschavingen. In zijn boek 'The Clash of Civilizations and the Remaking of the World Order', gepubliceerd in 1996, gaat Huntington dieper op deze stelling in.

In zijn Foreign Affairs-artikel onderscheidt Huntington de zeven à acht beschavingen die de wereldpolitiek in de toekomst zullen domineren: Westers, Confuciaans, Japans, Moslim, Hindu, Slavisch-Ortodox, Latijns-Amerikaans en - mogelijk - Afrikaans. Hij definieert een beschaving als de grootse en meest algemene groep waarmee een individu zich identificeert, als het ware een overkoepelende identiteit. Dit wil echter niet zeggen dat individuen in het bezit zijn van maar één enkele identiteit. Volgens Huntington bezitten personen verschillende identiteiten op verschillende niveaus: een inwoner van Rome bijvoorbeeld, kan zich in meer of mindere mate identificeren als romein, Italiaan, katholiek, christen, Europeaan en, ten slotte, westerling.

Beschavingen zijn dynamische culturele entiteiten. Ze overlappen, kunnen in elkaar opgaan of zelfs helemaal verdwijnen. Ook kunnen ze subbeschavingen bevatten, zoals het geval is met de westerse beschaving, waarop twee varianten bestaan: de Europese en de Noord-Amerikaanse. Maar, hoewel de breuklijnen tussen de verschillende beschavingen zelden scherp zijn, is hun bestaan niet te ontkennen. Het is Huntingtons overtuiging dat conflicten in de toekomst zullen plaatsvinden op de breuklijnen van de beschavingen: "The most important conflicts of the future will occur along the cultural fault lines seperating these civilizations from one another", zo schrijft hij.

In 'The Clash of Civilizations?'geeft Huntington zes redenen voor deze stelling. Om te beginnen stelt hij dat de verschillen tussen beschavingen fundamenteel zijn en dieper gaan dan verschillen tussen politieke ideologieën of regimes. Om die reden zullen zij niet gauw verdwijnen.

Tegelijkertijd wordt de wereld steeds kleiner. Doordat er meer interactie bestaat tussen de verschillende beschavingen, zullen individuen zich meer bewust worden van hun culturele identiteit.

Daarnaast vinden er over de hele wereld sociale veranderingen en processen van economische modernisatie plaats. Mensen raken onthecht van hun traditionele, locale en nationale identiteiten en in grote delen van de wereld wordt deze leegte opgevuld door religie, niet zelden door fundamentele groeperingen.

De groei van een cultureel bewustzijn wordt bovendien gestimuleerd door de dubbele rol van het Westen. Enerzijds bevindt het Westen zich op het hoogtepunt van haar macht: niet-westerse beschavingen worden immers steeds meer westers. Anderzijds bestaat er binnen niet-westerse culturen het verlangen om terug te keren naar de 'roots' en zich af te keren van het Westen.

Culturele eigenschappen en verschillen zijn daarnaast minder veranderlijk dan politieke en economische eigenschappen en verschillen. Om die reden zijn ze dan ook veel moeilijker op te lossen. Politieke sympathieën kunnen veranderen, maar dit is niet zozeer het geval voor culturele en religieuze identiteit. Is het bijvoorbeeld mogelijk om tot twee religies te behoren?

Ten slotte, schrijft Huntington, is er steeds meer sprake van regionale economische activiteit. Wanneer deze economische activiteiten succesvol zijn, zal het cultureel zelfbewustzijn toenemen. Aan de andere kant zou een gemeenschappelijke beschaving een voorwaarde kunnen vormen voor het slagen van regionale economische activiteiten.

Het moge duidelijk zijn dat er volgens Huntington in de nabije toekomst geen universele beschaving zal bestaan. Onze wereld zal daarentegen gekenmerkt worden door verdeeldheid, een opvatting waar de kosmopoliet Amartya Sen zich niet mee wil en kan verenigen. Volgens hem kan er simpelweg geen sprake zijn van een 'clash of civilizations', omdat hij gelooft de wereldbevolking niet zomaar in een aantal groepen of beschavingen in te delen is. Mensen behoren tot meerdere groepen en hebben vele identiteiten. Door te spreken over beschavingen, worden personen gereduceerd tot eendimensionale wezens, met maar één relevante identiteit. Het is Sens stellige overtuiging dat deze opvatting leidt tot een aanscherping van de tegenstellingen die in onze wereld bestaan. Het lijkt er daarom op dat zijn geloof in de meervoudigheid van identiteiten niet alleen maar voorkomt uit intellectuele overtuiging, het is voor Sen de enige manier om dichter bij elkaar te komen in een verdeelde wereld.