Sociologie van de Nederlandse identiteit?

Harry Holland is een allegorie. Een persoon die symbool staat voor de meest voorkomende meerderheid, en dan in dit geval ook nog impliciet voor de Nederlandse natie. Want niet voor niets heeft Duitsland zijn eigen Otto Normalverbraucher, in Engeland woont John Smith, de VS kennen Joe Sixpack, in Frankrijk heet hij Jean Dupont en in Denemarken Morten Menigmand. De Ieren doen het eigenlijk nog het mooist, met hun 'Sean Citizen', de doorsnee burger. Hier ten lande ook wel de Familie Doorsnee.

Tot de jaren '70 van de vorige eeuw waren alle Nederlanders onder te brengen in vier 'zuilen'. Iedereen paste wel in de ordening protestant - katholiek - socialist - liberaal. Oftewel: twee verschillende groepen gelovigen en bij de niet/minder-gelovigen het onderscheid tussen 'arbeiders' (werknemers) en ondernemers (werkgevers). Maar die ooit zo overzichtelijke identiteitstructuur raakte vanaf de jaren zestig aan 'ontzuiling' onderhevig. Naast de zuilen werd toen 'Jan Modaal' uitgevonden. Het Centraal Plan Bureau bedacht de figuur Jan Modaal in het kader van het eerste 'koopkrachtplaatje', in 1969. In eerste instantie is het een etiket op basis van financiën en inkomen. Het begrip 'modaal' betekent letterlijk het 'meest voorkomende inkomen', en uitdrukkelijk níet het gemiddelde inkomen. 'Modaal' is afkomstig van 'modus', en de modus is in de statistiek de waarde die in een verzameling het meest frequent voorkomt. In theorie vormen alle modale Nederlanders bij elkaar dus de kern van onze bevolking en volksaard. En dat is niet hetzelfde als het gemiddelde. Wie het begrip 'gemiddelde burger' letterlijk zou nemen, zou die burger anno 2007 bijvoorbeeld een minder blank huidskleurtje moeten geven dan wie de 'modale burger' schetst. Want de meerderheid is zeker nog erg blank. De modale burger is dus de meest voorkomende categorie, de grootste gemene deler.

Maar wie zijn nou precies aan te duiden als die grootste gemene deler in Nederland? Niet alleen zijn de zuilen uiteen gevallen, ook Jan Modaal is inmiddels versplinterd geraakt. Tegenwoordig werkt het CPB -ooit bedenker van meneer Modaal- met 'puntenwolken' die effecten van beleid weergeven. Onze samenleving is immers dermate gefragmenteerd dat het lastig aan te geven is wat bepaalde maatregelen voor de vele diverse inkomensgroepen zullen gaan inhouden. Het modale inkomen (momenteel ongeveer 30.000 euro per jaar) kan in het huidge tijdsgewricht bij elkaar verdiend worden door een kostwinnende loonslaaf met drie kinderen, maar ook door een alleengaande oudere, een duobaanhoudster, een kleine zelfstandige, een daytrader, een freelancer of zelfs een illegaal. Nederland telt intussen bijna evenveel subcategorieën als inwoners. Bepaal dan nog maar eens de 'grootste gemene deler'.

En toch is die nationale grootste gemene deler de laatste jaren in alle landen actueler geworden. In een snel veranderende, want globaliserende, en potentieel bedreigende wereld, gaat de bevolking van een land zich vragen stellen. Soms uit angst en onzekerheid, soms om de eigen kracht te herbevestigen en vandaaruit te opereren. Of de buitenwereld nou een boze is of juist kansen biedt, elke natie is bezig positie te bepalen. En de basis daarvoor is de bevolking, het sociale kapitaal. Op een relatief kleiner en competitiever wordende planeet wordt het bijvoorbeeld ineens veel belangrijker dan vroeger wat de gemiddelde leeftijd van je bevolking is...

Op een meer mentaal vlak is in veel landen momenteel een groei te zien van (de hang naar) wij-gevoel. Een zoektocht naar gezamenlijke normen en waarden. Het is wellicht geen toeval dat voormalig minister van Buitenlandse Zaken Ben Bot in zijn afscheidspeech sprak over een 'hernieuwde profilering van Nederland als soevereine staat'; en de titel van het meest recente regeerakkoord ('Samen Werken, Samen Leven') is ook niet zonder gevoel voor de tijdgeest tot stand gekomen. In Nederland lijkt een 'soulsearch' naar wie wij zijn nog extra acuut gezien de maar liefst drie politieke moorden op autochtone burgers: Pim Fortuyn, Theo van Gogh en Louis Seveke. Exit status van tolerant gidsland. De verwarring waarin dat heeft geresulteerd veroorzaakt nu een soort collectieve 'herinburgering' voor alle inwoners van Nederland. De canons, Bekendste Nederlanders en het Nationaal Historisch Museum zijn dan ook niet -zomaar- van de lucht.

Ook in de parlementaire politiek is dat zichtbaar. Liberaal en individualistisch ingestelde partijen verloren stuk voor stuk stemmen bij de laatste verkiezingen. Meer collectief ingestelde politici (Marijnissen, Wilders, christelijk-sociale partijen) drukken momenteel hun stempel op 'Den Haag'. Dus rijst de vraag naar wat ons allen als Nederlanders bindt. Wat zijn nou precies de overheersende normen en waarden? En: als individualisme ons blijkbaar niet verder brengt, wat is dan het grotere collectief waarbij kan worden aangesloten? Wat is precies de canon van Nederlanderschap waarmee kan worden 'ge-her-integreerd'? Meer op personen gericht: wie zijn dan die burgers die het Nederlands burgerschap anno 2007 het best vertegenwoordigen? Wie vormen dus die grootste gemene deler die in feite de Hollandse identiteit draagt? En hoe kunnen die Harry Holland's voorgaan in een hernieuwde 'identificatie met Nederland'?

Otto Normalverbraucher is als fictie geboren uit marktonderzoek. Tekenend is dat marktonderzoekers en trendwatchers de laatste tijd belangrijker lijken te worden in visies op identiteit dan bv. sociologen en demografen. Die laatsten kijken vooral nog naar klasse, generatie en etnische afkomst. Marktonderzoekers gaan echter uit van harde statistieken en onderzoekscijfers. En een tijdgeest die de nadruk verlegt van kwaliteit naar kwantiteit en van aanbodgestuurd naar vraaggestuurd, kijkt vooral naar (koop-)gedrag en achterliggende waardenstelsels die bepalend zijn voor dat bewuste gedrag. Veel marktsegmenteringen vormen in feite een rangschikking van groepen naar gelijkluidende waardenstelsels. In theorie zouden de omvangrijkste groepen van al deze marktsegmenteringen de harde kern zijn van het Hollanderschap. Zoals Motivaction ze noemt: de moderne burgerij. Wie meer wil weten over 'de moderne burgerij', of de 'gele groep' (SmartAgent Company) zou kunnen beginnen met 'Waar zit u/jij eigenlijk?' (zie hiernaast, aan de linkerkant).

Tekenend in de numeriek overheersende 'gele groep' uit de uitzending is het zoeken naar gezelligheid, naar een gevoel van 'samen'. In eerste instantie in een gezin, maar graag ook uit te breiden naar de hele natie. Balkenende heeft het begrip 'samen' zeker als frame geadopteerd, niet alleen in de titel van het regeerakkoord. (Frames zijn te vertalen als begrippen annex themagebieden die worden geclaimd of toe-ge-eigend in de markt en/of de samenleving). Het zal niet voor niets zijn dat het huidige regeerakkoord begint met een zestal 'pijlers' waarover 'we' het in meerderheid wel eens kunnen zijn.
De tragiek van dit alles is dat markt en overheid aan de hand van continue markt- en publieksonderzoeken de burgers wel heel veel kunnen leveren en aanbieden, maar nou juist niet de zo node gemiste.....saamhorigheid. Dat gevoel is niet zomaar te koop of maakbaar; de behoefte eraan nu eenmaal lastig te bevredigen. Anno 2007 moet ook saamhorigheid wellicht weer helemaal opnieuw worden uitgevonden. En voor een groot deel door de burger zelf, ook de doorsnee burger.

Of vormen versnippering en fragmentatie nou juist de nieuwe grondvesten voor 21e eeuwse samenlevingen, en zullen identiteiten steeds meer evolueren richting het wereldburgerschap? Harry Holland lijkt er huiverig voor. Een andere Harry (Mulisch) zei onlangs, op de hem zo typerende toon: 'Ik ben in Nederland geboren, maar Nederland is niet in mij geboren'. Zullen onze jaren een laatste oprisping zijn van 'verschansing achter de dijken', waarna nieuwe generaties een mondialere en meer kosmopolitische kijk zullen vestigen in Nederland? Daarover binnenkort meer in het kosmo-blog, ons seizoensweblog voor het komende televisieseizoen, september 2007-juni 2008.

(met dank aan Marcel Lever van het Centraal Plan Bureau voor de informatie over de oorsprong van Jan Modaal)