Arbeider en vakbondsleider Mike Green

Mike Green komt uit een typische blanke "GM family". Een familie waarin soms al generaties lang de loonstrookjes van General Motors afkomstig zijn, een traditie waar nu een einde aan lijkt te komen. Het zijn families die vaak van de wieg tot het graf werden "verzorgd" door Grote Moeder GM. Het autoconcern betaalt alles: zwangerschapsverlof, opleidingen, ziektekosten en pensioenen - volgens strikte afspraken met de machtige autovakbond UAW, stammend uit een tijd waarin GM nog moest vechten om goeie arbeiders.

Vier generaties en bij elkaar opgeteld driehonderd jaar lang werkt de familie Green al voor General Motors. Van overgrootvaders tot grootvaders, vaders, ooms, tantes, zoons, dochters, neven, nichten. Tien leden binnen de familie Green werken op dit moment nog bij GM, of hebben er gewerkt. De meesten aan de assemblagelijn in Lansing, Michigan, niet ver van Detroit en Flint. General Motors bouwt hier al meer dan honderd jaar auto's. Eerst alleen Oldsmobiles, en later ook modellen van de merken Cadillac, Buick en Pontiac. De fabriek in Lansing zelf wordt op dit moment niet bedreigd met sluiting. Maar om de grote voorraden weg te werken die na het instorten van de verkopen zijn ontstaan is de productie wel teruggeschroefd en zijn arbeiders ontslagen.
Het jongste lid van de familie Green, Rollin (23), werkte nog maar een jaar in de Lansing fabriek van GM, maar is nu al ontslagen. Toen Rollin begon te werken in de Lansing fabriek moest hij al een loon accepteren dat de helft zo laag was als dat van zijn vader, ooms en tantes, die in betere economische tijden waren aangenomen. Toen het met GM steeds verder bergafwaarts ging moest vakbond UAW een concessie doen aan de relatief hoge lonen bij General Motors, Ford en Chrysler. De lonen van fabrieksarbeiders bij de Grote Drie lagen vele jaren ruim dertig procent hoger dan in de Amerikaanse fabrieken van Japanse concurrenten als Toyota en Nissan. Een carrière aan de band bij GM bood daarmee uitzicht op een comfortabele plek in de Amerikaanse hogere middenklasse. Niet alleen het loon dat Rollin kreeg was lager, ook de andere arbeidsvoorwaarden waren veel minder gunstig. Zo kreeg Rollin geen contract waarin was opgenomen dat GM hem financieel zou helpen als hij nog zou willen studeren. Een mogelijkheid die zijn oudere familieleden nog wel geboden werd. Met Rollins vroegtijdige ontslag begin deze zomer beseft de familie Green terdege dat de dagen voorbij zijn waarin het vanzelfsprekend was dat iedere nieuwe generatie van de familie Green kon rekenen op een goeie, veilige carrière bij GM.

Vader Mike is auto-arbeider en vakbondsleider van de lokale afdeling van de UAW voor de GM fabriek in Lansing. Hij was dus rechtstreeks betrokken bij de concessies die de vakbond moest doen aan de zeer royale lonen en arbeidsvoorwaarden die GM-arbeiders vele jaren hebben genoten, en waarvan zijn zoon als eerste binnen de familie de dupe werd. De Greens wonen op een enorme familieboerderij vlak buiten Lansing, op een stuk grond dat sinds overgrootvader Kenneth er kwam wonen is uitgegroeid tot een oppervlakte van 160 ha. Zal de familieboerderij zo groot kunnen blijven nu de "vette jaren" voorbij lijken bij GM?

Voorlopig wil zoon Rollin overigens een toekomst bij GM nog niet opgeven. Hij hoopt dat de vraag naar auto's nog aantrekt. Zo niet dan wil hij aankloppen bij een lokaal bedrijf dat windmolens bouwt... Heeft groen dan toch de toekomst voor de familie Green?