The Matrix en het 'wikilisme'

William de Bruijn ,

‘Weet je hoe je je rol nog beter kan spelen? Lees dit boek!’ Dat kreeg acteur Keanu Reeves in 1998 te horen van de scenarioschrijvers van de bioscoopfilm The Matrix. Het boek was ‘Out of Control’, van Wired-oprichter en cybervisionair Kevin Kelly. In ‘Out of Control’ filosofeert Kelly over de toekomstige symbiose van onze biologie met hoogwaardige technologie. Maar meer nog denkt hij dóór over de implicaties daarvan.

Als het leven in de toekomst van twee kanten ‘smarter’ wordt, zal het ons dan lukken om onze o zo menselijke hang naar controle los te laten? Wie is er nog control freak als de techniek om ons heen steeds meer processen als het ware vanzelf ‘onder controle’ houdt? Waarom je hoofd nog pijnigen over een muziekje dat je niet direct herkent als de Shazam app van jouw i-phone het al ‘vanzelf’ herkent?

deze bijlage hoort bij de volgende afleveringen


Hoe past WikiLeaks hier in? Het is in elk geval prikkelend om The Matrix deel 1 (1999) weer eens te bekijken met Julian Assange in het achterhoofd. Het verhaal van The Matrix: een club hacktivisten is erachter dat de wereld een virtuele schijnwereld is, geproduceerd door…..machines, in feite. Hoogtechnologische machines weliswaar, maar toch. Als kijker volgen we hoe een nieuwe hacker, die de naam Neo krijgt, door rebellen wordt losgeweekt uit die schijnwereld. In een paar fraaie scenes vertelt rebellenleider Morpheus hoe de wereld daadwerkelijk in elkaar zit. De aarde is een grijze smeulende massa maar in de beleving van de bewoners lijkt alles nog koek en ei: iedereen rijk, knap en gelukkig. ‘Welcome to the real world!’ is het letterlijke welkom van Morpheus aan Neo, na de ‘bevrijding’. En die bevrijding is een hoogtepunt in de geschiedenis van de special effects: ‘Neo’ ligt nog in zijn bakje in een soort gigantische superbatterij. Mensen leiden (of 'lijden'?) een vegeterend bestaan in die bakjes: kabels en snoeren tappen hun levenssappen af, en die vormen de energie voor de geprojecteerde schijnwereld.

Het is verleidelijk om die benarde positie van de mens te zien als een metafoor voor de menselijke conditie. De gewone burger (en da’s natuurlijk wat anders dan ‘de hardwerkende Nederlander’) als degene die het systeem draaiend houdt met z’n ‘lifeblood’: de arbeid die we leveren, de belasting die we betalen, de stem die we aan de politiek geven en –meer overdrachtelijk- de kinderen die we leveren voor de toekomst, om het systeem ook voor de toekomst instand te houden. De wijze waarop dat systeem de burger inschakelt lijkt in onze dagen voor steeds meer verontwaardiging te zorgen. Het populisme spint garen bij die verontwaardiging: politici vullen hun zakken en beschamen het vertrouwen van de kiezers, banken spelen riskante spelletjes en ‘wij’ mogen de schulden aflossen met onze belastingcenten, tot en met de Kerk die niet van onze kinderen kon (kan?) afblijven.

Wat WikiLeaks niét doet is het exploiteren van die onvrede door wéér een nieuwe politieke partij van straatvechters op te richten. Maar wel legt WikiLeaks iets van de werking van ‘het systeem’ bloot, door het eigen syteem (internet, digitale ambtsberichten, eigen militaire video-opnames) als het ware tegen zichzelf te gebruiken. Ongeveer zoals Neo in The Matrix het systeem bestrijdt door er de fijne kneepjes van te leren en het vervolgens tegen zichzelf in te zetten. Is WikiLeaks dus een politieke organisatie? Zoals Hans Wiegel gisteren in Uitgesproken WNL zei: ‘WikiLeaks is gewoon een linkse actiegroep’. In NRC Next van diezelfde dag: ‘Julian Assange is de Robin Hood van deze tijd. Burgers vinden alles wat WikiLeaks doet prachtig, en de staat zou dat signaal serieus moeten nemen’ (Jan Staman).

Sterker nog, zou ik zeggen: wellicht is WikiLeaks in de zin van systeemonthuller wel een mooi modern en krachtig antwoord op het populisme. In z’n beste inhoud biedt het namelijk een instrument, zoniet een wapen om het gezag van autoriteiten (hetzij politiek, hetzij economisch) ter discussie te stellen. En op een inhoudelijker manier dan het populisme. Zouden we kunnen spreken van ‘wikilisme’? Het ter discussie stellen van hoe gezag wordt uitgeoefend en hoe macht wordt gebruikt als begin van andere machtsverhoudingen? Wat we ons daarbij zouden moeten voorstellen vertelt Kevin Kelly in de slotquote van ‘De wereld na Wikileaks’: ‘we gaan van een wereld van ownership naar een wereld van (permanente) access’.

Denk niet foto maar Flickr. Denk niet ‘mijn muziekcollectie’ maar ‘mijn Spotify-account’. In de Age of Access (de titel van een al wat ouder boek van Jeremy Rifkin) is het niet langer nodig om eigenaar van iets te zijn: de wetenschap en de ervaring dat je er permanent toegang toe hebt is eigenlijk al genoeg. Als alle muziek in de ‘cloud’ hangt en jij zonder problemen op allerlei manieren in die cloud terecht kunt, dan is het niet meer nodig om thuis allerlei dragers te hamsteren en verzamelen. Dat is zelfs niet meer nodig op je computer of je externe harde schijf. Het bestaat en wordt 'vanzelf beheerd en geadministeerd. En jij hebt onbeperkte toegang.
Dat is nu precies wat er met informatie aan het gebeuren is…

Maar wat voor wereld krijgen we als we de progressie van ‘ownership’ naar ‘access’ toepassen op: macht?