Een brug over de generatiekloof

William de Bruijn ,

De 'grijze prop', de 50plussers, de 'baby boomers': een steeds zwaarder wegende last voor de samenleving, of juist een uitgelezen kans?

Het is een aardig spel. Ga naar de website van het Centraal Bureau voor de Statistiek en kijk eens goed naar de fraaie interactieve bevolkingspiramide die daar wordt weergegeven. Al scrollend door diverse geboortejaren zijn er drie uitschieters te zien in de golvende lijnen van blauwe en roze geboortecijfers. In 1920 en 1969 blijken de cijfers hoger dan omringende jaren, maar de absolute topper is 1946. De visualisering van geboortecijfers in dit jaar geeft weer wat de babyboom is gaan heten. Beweeg de 'tijdschuif' onder de interactieve grafiek naar rechts en zie de vergrijzing procesmatig in beeld gebracht: de 'grijze prop' in werking.
 

"Zonder steun van de andere generaties kan een generatie haar evolutionaire rol niet vervullen." 

Aart Bontekoning

De generatietheorie van Aart Bontekoning suggereert een vloeiend geheel van elkaar harmonieus opvolgende leeftijdsgroepen die elkaar ondersteunen in die transitie. De werkelijkheid ziet er enigszins anders uit als we kijken naar de boomers en daarop volgende generaties. Zelfs de meest oppervlakkige volger van het nieuws zal hebben gemerkt wat het demografisch gegeven van de ‘grijze prop’ voor onze samenleving betekent. Niet alleen is vergrijzing een veelvuldig terugkerend thema; het fenomeen wordt doorgaans ook nog eens belicht vanuit het 'wij-versus-zij' perspectief: de babyboomers tegenover de generaties die daarna kwamen.
 

Kleine kinderen...

Zij die in 1946 en de 10 à 15 jaren erna werden geboren hadden de wind, de tijd en het tij mee. Ze groeiden op in de weldadige en optimistische periode van wederopbouw en na hun opleiding lagen de banen voor het oprapen. Ze namen succesvol afstand van de generatie van hun ouders, de zogenaamde 'stille generatie' (geboren tussen 1928 en 1945). En daar laten ze zich niet zelden op voorstaan: met de nozems, de bezetting van het Maagdenhuis, het Kralingse popfestival en het wegwerken van de puntjes bij de V.P.R.O. bevocht deze generatie zich een eigenzinnige en unieke positie in de geschiedenis.
 

Worden groot

Nog steeds bestaat er discussie of het de eigen verdienste was van wat ook wel de protestgeneratie wordt genoemd, dat het pluche moeiteloos werd veroverd in bestuur, economie en publieke functies en dat vervolgens tenminste dertig jaar lang geprofiteerd kon worden van voortdurend toenemende welvaart en groei in de economie. Dit in combinatie met het zelfbewustzijn van deze generatie is wat meer dan eens frictie creëert.
 

Én oud!

Nu de babyboomers massaal het arbeidsproces verlaten en met pensioen gaan is het vooral belangrijk hoe de generaties van de huidige opa's en oma's omgaan met de 20ers en 30ers van nu. Dat is ook waar Tegenlicht's 'Het grijze goud'-aflevering zich op richt. Hoe verhouden de protest generatie en de eighties babies (geboren na 1980 dus) zich ten opzichte van elkaar? Die vraag stelden Frits Spangenberg en Martijn Lamprecht zich al in 2000, met een vooruitziende blik en met een duidelijke aanbeveling aan Nederlandse politici: 'passeer de protestgeneratie'! 
 

Dertien jaar later schrijft journaliste Yvonne Hofs in een spraakmakend artikel in de Volkskrant: 'Beste 60plussers, ik schrik van jullie schaamteloze egoïsme en onwetendheid'. Op basis van een cijfermatig gezien vakkundig uitgeplozen onderzoek naar pensioenen in Nederland concludeert ze dat boosheid en onwetendheid in het generatie-debat samengaan: aangezien de 60plussers momenteel de rijkste groep zijn in onze crisis-economie, is het alleen maar rechtvaardig dat zij inleveren.
 

Clash of generations

Een ware clash of generations barstte los in de Nederlandse media. Veel 50plussers in Nederland, met Henk Krol (1950) en zijn 50Plus partij voorop, kwamen in opstand tegen de voorstelling van zaken als zouden de babyboomers de (pensioen-)pot verteren. Vijftig-'minners' (zoals in onderstaande video Jony Ferket (1988) van jongerenbeweging G500) waren dan vaak weer blij met de vaststelling dat inderdaad de huidige ouderen het in elk geval beter hebben dan de vier nu levende generaties die na hen zijn geboren. Het debat was een echo van wat Diederik Samsom al over zich heen kreeg toen hij in februari 2013 waagde te beweren dat ouderen in Nederland toch echt de rijkste groep zijn.
 

Het pensioen- en generatiedebat is vastgelopen in een patstelling. Ouderen voelen zich benadeeld omdat aan zuurverdiend en met moeite gespaard geld wordt geknabbeld; jongeren voelen zich benadeeld omdat zij vrezen dat er niets meer over zal zijn tegen de tijd dat zij voor hun pensioen aan de beurt komen. Die laatste overtuiging wordt gedeeld door de Franse auteur Hervé Juvin die in zijn boek 'Hoe de wereld verandert doordat wij steeds ouder worden' (2005) vaststelt dat de babyboomers in feite 'de laatste generatie' zijn. Omdat ze gezond oud worden, zijn ze helemaal niet meer van plan om 'over te geven aan de volgende generatie'. Als dat een trend wordt is het hele mechanisme van elkaar opvolgende generaties passé...
 

Goudzoekers

De laatste generatie, clash of generations: het zijn geen termen om vrolijk van te worden. Maar Tegenlicht zou geen Tegenlicht heten als we met ‘Het grijze goud’ niet een heel ander licht op de zaak werpen en wellicht een rooskleuriger uitkomst van het debat dan dat doorgaans geschetst wordt. Naar een idee van de jonge film- en televisieregisseur Camiel Zwart verdiepten we ons in de mogelijkheden in plaats van de nadelen die de vergrijzing van de samenleving biedt voor jonge ondernemers, de 20ers en 30ers van nu. Want waar zitten de klanten? Waar zit het meeste kapitaal en de tijd om het te spenderen?
 

Geen brug te ver

Welkom dus in het tijdperk van de silver economy oftewel de 'senioren-economie'. In plaats van lijnrecht tegenover elkaar te staan, moeten de grootouders en de kleinkinderen van nu gaan uitvinden wat ze gemeen(-schappelijk) hebben. Wie weet kan het ons nog verder en/of sneller uit de economische crisis trekken. Het conflictmodel zou kunnen worden vervangen door een soort van slimme 'win-win solidariteit'. Niet de generatiekloof voorop stellen, maar gezamenlijk bouwen aan een brug tússen de generaties.