Wat wil de EU met het zaad?

Valerie Schulte Nordholt ,

In mei kwam de EU met een nieuw wetsvoorstel over zaden. Volgens milieuorganisaties
een ramp voor de diversiteit.

De EU staat met dit nieuwe wetsvoorstel (ook wel het plantenpakket genoemd) recht tegenover de milieuorganisaties. Het plantenpakket beoogt namelijk meer uniformiteit en controle op wat voor soort zaad gebruikt mag worden. Milieuorganisaties zijn hier sterk op tegen, omdat zij vinden dat diversiteit juist noodzakelijk is voor de toekomst van de voedselvoorziening. De organisaties streven naar een systeem waarbij toegankelijkheid en soortenvariatie centraal staat. Dat idee is gebaseerd op een pamflet van de Indiase zadenactiviste Vandana Shiva. 

EU: Voedselveiligheid en gezondheid staan voorop

Volgens de EU gaat het plantenpakket voedselveiligheid en gezondheid verbeteren en leidt het tot een efficiëntere zaadhandel. Het pakket leidt tot een ‘ruimere keuze voor gebruikers’ en dat zorgt uiteindelijk voor een grotere biodiversiteit. De wetgeving is onderdeel van een groter wetsvoorstel over voedselveiligheid van eurocommissaris Tonio Borg, commissaris voor gezondheid en consumenten.

Wat houdt het wetsvoorstel precies in? Kort gezegd moeten Europese land- en tuinbouwers voortaan verplicht standaardzaad, dat bij de EU geregistreerd is, gaan gebruiken. Standaardzaad is zaad dat voldoet aan een aantal kwaliteiten (uniformiteit, onderscheidbaarheid en homogeniteit).

Concessies aan de zaadindustrie

Het plan leidde tot ophef onder milieuorganisaties. Deze vonden al langer dat er een nieuw wetvoorstel nodig was, omdat ook de huidige wetgeving volgens hen niet toereikend was. De nieuwe wetgeving gaat volgens hen echter helemaal de verkeerde kant op. De organisaties zien de wetgeving als een rechtstreekse concessie aan de mondiale zaadindustrie. Zij hebben de zaadmarkt grotendeels in handen en hebben dus baat bij strengere controles. Strengere registratievoorwaarden maken het bovendien moeilijker voor nieuwe spelers om de markt te betreden.

Ook de Groenen, een partij in het Europarlement, voeren grootschalige campagne om de wet tegen te houden. Ook zij zijn tegen de uniformiteit van de nieuwe registratievoorwaarden.  De uniformiteit is volgens hen nadelig voor de diversiteit. Juist diversiteit is heel belangrijk omdat dit het aanpassingsvermogen van zaad verhoogt en daardoor bescherming biedt tegen plantziekten.  Omdat landbouwgronden overal verschillend zijn, is het bovendien ook niet logisch dat zaad uniform moet zijn.

Uitzondering voor boeren?

In het wetvoorstel van de EU is er wel een uitzondering van de registratieplicht ingebouwd voor boeren en particuliere tuiniers. Ook zijn enkele oude, traditionele gewassen uitgezonderd van de plicht. Op het eerste gezicht lijkt dit een hoop bezwaar weg te nemen, maar ook daar hebben de Groenen kritiek op. Volgens Europarlementariër Bart Staes worden boeren hierdoor ondergebracht in een nichemarkt. Door alleen maar een bepaalde soort gewassen uit te zonderen zouden de bedrijven die aan biodiversiteit werken klein gehouden worden en groeit de marktconcentratie.

“De EU beledigt boeren, die in haar ogen niet meer dan kopers van zaaigoed zijn, door de zaden te willen registreren die ze zelf vermeerderen zoals ze dat altijd al gedaan hebben."

Vandana Shiva, zadenactiviste

Nieuw systeem

Volgens de Groenen moet er een heel nieuw systeem komen voor de zaadhandel. Ze baseren zich op een pamflet van de Indiase zadenactiviste Vandana Shiva. Haar systeem is gebaseerd op toegankelijkheid, soortenvariatie en een robuust ecosysteem. En dat is juist niet de uniformiteit die de EU beoogt. Volgens de tegenstanders zal deze uniformiteit namelijk leiden tot een tekort aan zaadgoed in de toekomst. De intensieve en dure inzet van zaad is volgens hen niet duurzaam en zal op de lange termijn ook niet de wereldbevolking kunnen blijven voeden.