Voetbal is mijn identiteit

Charley Fiedeldij Dop ,

Voor échte voetbalsupporters is het honk je thuis, clubleden je familie, het stadion je kerk en spelers je helden. Voetbal is niet wat je doet, het is wie je bent.

'Voetbalfan zijn' kan verder gaan dan een hobby. Het is een kwestie van identiteit. Zo wordt de eerste wedstrijd waar je vader (of moeder) je mee naartoe neemt gezien als een overgangsritueel, een inwijding in een andere wereld en een andere familie. Eenmaal toegetreden tot de groep deel je wel en wee met jouw club: overwinningen, verlies, pijn en vreugde. Een echte supporter is fan voor het leven.

Wie meer wil weten over de voetbalcultuur in Nederland en daarbuiten, en hoe voetbal zich verhoudt tot identiteit (en religie), kan terecht bij de multimediale tentoonstelling 'Voetbal Halleluja' in het Amsterdam Museum. Daar werd VPRO Tegenlicht door curator Annemarie de Wildt en projectleider Sander Rutjens rondgeleid langs een collectie van controversiële spelersshirts, een zoektocht naar authentiek voetbal en een FC Twente supporters-grafkist. 

Ik ben wat jij niet bent

'To be or not to be, that's the question'. Wie je bent, is vaak het makkelijkst uit te drukken in dat wat je niet bent ('ik ben Ajacied, want ik ben geen Feyenoorder'). Rivaliteit is dan ook een belangrijk onderdeel bij het vormen van een identiteit: zowel spelers als fans hebben tegenstanders nodig om de strijd aan te kunnen gaan. Dat werd duidelijk door protestborden van Ajax-supporters tijdens een thuiswedstrijd tegen Feyenoord, waar geen Feyenoorders bij mochten zijn: 'Nooit zat de Arena zo vol, maar voelde de klassieker zo leeg'. 

Door jezelf en jouw groep te onderscheiden van een ander, verstevig je het eigen groepsgevoel. Als supporter maak je onderdeel uit van een groep, waarmee je juicht, zingt, schreeuwt en huilt. Op gelegenheidssupporters wordt neergekeken: een echte supporter steunt zijn team door dik en dun. En die steun wordt getoond: supporters dragen de kleuren van hun club en zingen liederen, waarin de verschillende identiteiten van de eigen club en die van de ander expliciet naar voren komen.

Op de tentoonstelling 'Voetbal Halleluja!' zijn de ontwerpen te zien van Floor Wesseling. Hij vermengt de kleuren en logo's van verschillende clubs met elkaar in zijn project Blood In Blood Out (2004-2014). Dat gebeurde niet zonder ophef. Het shirt 'De Klassieker', dat de kleuren van Ajax en Feyenoord met elkaar vermengt, zorgde voor heftige reacties. Feyenoord-fans dreigden bijvoorbeeld het museum in brand te steken. Op sociale media geven veel supporters aan het shirt als een vorm van heiligschennis te zien. Met name het feit dat de bovenkant van het shirt de kleuren van Ajax toont, en de onderkant die van Feyenoord, zorgde voor veel woede onder Feyenoords-fans.

Tot de dood ons scheidt

De echte supporter is fan tot de dood. Fan ben je voor het leven, maar zelfs daarna. Dat wordt duidelijk als je tijdens de tentoonstelling oog in oog staat met de FC Twente-doodskist. Sinds 2011 biedt de Vredehof Uitvaartverzorging in Enschede de mogelijkheid om met een FC Twente Uitvaart begraven te worden, met toestemming van de voetbalclub. Op de kist staat het logo van de club gegrafeerd, samen met de bekende voetbaltekst You never walk alone

Naast de kist is het mogelijk om FC Twente-vlaggetjes op de rouwauto te plaatsen, een bloemstuk met een gesigneerde voetbal op de kist te plaatsen, of de spelersbus te gebruiken voor het vervoer van familie en vrienden. Voor supporters van Vak P is een rode kist beschikbaar. In Amsterdam is het mogelijk om als echte Ajacied begraven te worden. In het herdenkingspark Westgaarde kan de as van overleden Ajax-fans uitgestrooid worden, waar in 1996 een deel van de grasmat van het oude Ajax-stadion De Meer naartoe is verplaatst. 

Nostalgie voor dat wat is geweest

'Voetbal Halleluja!' heeft een gedeelte van Tom Bodde's collectie mogen tentoonstellen, een voetbalromanticus en zogenaamd groundhopper. Hij reist al sinds 1995 door de wereld om zoveel mogelijk voetbalwedstijden in zoveel mogelijk stadions mee te maken. Tot nu toe heeft hij al meer dan vijftig 'voetbalnaties' bezocht. In zijn reizen zoekt hij naar 'clubliefde, hartstocht, cultuur en nostalgie': de supportersbeleving. De voetbalromanticus is de commerciële topclubs en de geregisseerde sfeer in galmende stadions zat. Ook van nationaal voetbal moet hij niks hebben. Hij is op zoek naar de authentieke voetbalcultuur, en die vind je bij het clubvoetbal, volgens Bodde. In het museum is een verzameling aan kaartjes, sjaals en andere supportersspullen te bezichtigen die hij heeft verzameld: relikwieën van zijn zoektocht naar de authentieke voetbalcultuur.

Diezelfde hang naar nostalgie is terug te zien in de ontstaansgeschiedenis van VAK410, beter bekend als het 'sfeervak'. VAK410 is opgezet door jonge Ajacieden die ontevreden waren over de sfeer bij Ajax-wedstrijden. De beruchte F-side kent een lange wachtlijst en aan de Noordzijde van het stadion was weinig te beleven. Daarom deden de jonge Ajacieden een oproep voor 'sfeer in de Arena': een plek waar supporters mogen staan en zingen. Dat resulteerde in 2001 in de oprichting van VAK410. VAK410 was eerst gevestigd aan de Noordzijde van de Arena, maar sinds het begin van het seizoen 2008-2009 is het recht boven het goal gevestigd, vlak boven de F-side. Het biedt ruimte aan zo'n vierhonderd supporters tussen de zestien en twintig jaar.

'Voetbal Halleluja!' is nog tot 4 januari 2015 te bezichtigen in het Amsterdam Museum (Kalverstraat 92 Amsterdam).