Zes rekenmodellen

William de Bruijn ,

Haalbaarheid van basisinkomen berekend

Is een basisinkomen haalbaar en betaalbaar? De vraag is simpel, maar het antwoord uiterst complex. Een snelle wandeling door een zestal rekenmodellen.

Is een basisinkomen haalbaar en betaalbaar? De vraag is simpel maar het antwoord uiterst complex. De hele bevolking van Nederland maandelijks een vast basisbedrag geven zonder enige voorwaarde? Dat kost uiteraard klauwen met geld uit de schatkist. Er staan voor de overheid ‘baten’ tegenover, en er zijn ‘in-' en 'terugverdien-'effecten.

Maar zoals ‘Michel’ op het Sargasso-blog schrijft naar aanleiding van hun onderzoek naar basisinkomen: ‘het is moeilijk om exact te voorspellen wat er met de economie gebeurt als je een dergelijke grote verandering doorvoert. Toch is het goed om te doen: het dwingt je om je aannames expliciet te maken’. In de bestaande berekeningen die wij in de research voor de 'Gratis Geld' episode tegenkwamen en die we hieronder de revue laten passeren, zullen de aannames doorschijnen.

Ook al blijken de appels en de peren (en bananen) een ware fruitmand te vormen: al die 'denkvruchten' zijn eigenlijk al zo verschillend in hun parameters dat ze eigenlijk weer niet te vergelijken zijn. Maar goed: ‘boekhouding en economie zijn ook niet hetzelfde’, om onze ‘eigen’ doorrekenaar Marcel Canoy uit de uitzending te citeren. Een snelle wandeling door een zestal rekenmodellen.  

Model Bregman

Als eerste historicus en schrijver Rutger Bregman. Eind 2013 publiceerde hij op De Correspondent het artikel Waarom we iedereen gratis geld moeten geven'. Daarin berekent hij losjes dat elke ingezetene van Nederlander (dus ook baby's; dat betekent basisinkomen direct vanaf geboorte) zonder voorwaarden 960 euro per maand zou moeten ontvangen, 'de armoedegrens volgens het CBS'. Dat zou jaarlijks 960 maal 12 maal 16,8 miljoen euro kosten = 193,5 miljard euro. Dat noemt hij met recht een 'astronomisch bedrag': zelfs zo'n 30% van het huidige bbp.

Daar staan dan als 'baten' voor de overheid de afschaffing van alle vrijstellingen, aftrekposten en heffingskortingen tegenover: 58,7 miljard euro. De rekensom wordt dus 193,5 miljard euro minus 58,7 miljard euro = 134,8 miljard euro jaarlijks aan extra uitgaven voor de landelijke overheid. Als we weten dat er in de laatste bezuinigingsronde met pijn en moeite 6 miljard werd vrijgevochten, dan hebben we het over 22 keer dat bedrag bezuinigen of lasten verzwaren.

Model CPB

We gingen op zoek naar realistischer berekeningen. Gezaghebbend is het rekenvoorbeeld van het CPB (Centraal PlanBureau) uit maart 2006. In CPB Publicatie nr. 60 'De welvaartsstaat opnieuw uitgevonden' komt econoom Ruud de Mooij –inmiddels bij het IMF- tot de conclusie dat het basisinkomen uiteindelijk niet een goed idee is als een nationale economie op welvaartspeil wil blijven. Hij gaat uit van een basisinkomen (zie p. 66) van 550 euro per maand; '50% van het sociale bestaansminimum', vanaf 18 jaar. En een vlaktax van 53,5% aan inkomstenbelasting om alles te bekostigen: 8 procent hoger dan wat momenteel het hoogste van de 3 belastingtarieven is. Totale kosten voor de overheid: 550 euro per maand x 12 x 13,1 miljoen euro Nederlanders boven de 18 = ongeveer 87 miljard euro. Opbrengsten vanuit de nieuwe belastingregeling: 254,4 miljard euro (totaal belastbaar inkomen in 2006) x 53.5 % = 136,1 miljard euro.

Per saldo: 136,1 minus 87 = 49,1 miljard euro ten positieve? Maar dan zet je mensen dus op de helft van het bestaansminimum. Stel dat je een en ander verdubbelt naar 1100 euro per maand, dan kost het ruwweg (2 x 87 – 136 =) 38 miljard euro. Dat scheelt toch al zo’n 100 miljard euro met Bregman. Het CPB voerde alle gegevens in in hun MIMIC-model, dat de basis is van al hun doorrekeningen. Het model MIMIC wordt gebruikt voor langetermijnanalyse van beleid met betrekking tot belastingen, sociale zekerheid en arbeidsmarkt. 

De conclusie: 'Despite its appeal, a basic income is not efficient as a redistributive system. The reason is that it fails to comply with the targeting principle. Intuitively, a basic income is expensive and requires high marginal tax rates across the board. This causes large tax distortions on labour supply and human capital formation, which reduce welfare'.

Methode Fransman/Canoy

Nou zijn er economen die het MIMIC-model lang niet zo heilig verklaren als het CPB en 'orthodoxe' economen. Robin Fransman, voormalig hoofd van het Holland Finance Center (HFC), schreef in februari 2014, aan de vooravond van de Tegenlicht Meet Up met Rutger Bregman, voor het economische blog Follow The Money een artikel over de huidige rondpompmachine van toeslagen, heffingen en toelagen. 


Tegenlicht Meet Up met Rutger Bregman in Pakhuis de Zwijger

Daarin maakt hij een ‘bierviltje’- oftewel ‘achterkant-van-een-sigarendoos’-berekening waarin hij aan alle Nederlanders vanaf 21 jaar een basismaandinkomen van 760 euro per maand toekent, en aan Nederlanders tot 21 jaar maandelijks 380 euro. Helaas ging het blijkbaar wat al te snel en kort door de bocht.

De kosten beraamt hij op 124 miljard euro, de baten op 121 miljard euro (niet langer te verstrekken uitkeringen 75 miljard euro + aftrekposten en heffingen 40 miljard euro + studiefinanciering 4 miljard euro + bespaarde uitvoeringskosten 2 miljard euro). Invoering zou dus 124 -121 = 3 miljard euro gaan kosten. Dat leek ons aanvankelijk een mooi uitgangspunt voor het 'Tegenlicht basisinkomen boekhoud-grootboek'.

Toen wij Marcel Canoy, de hoofdeconoom van het Rotterdamse research- en consultancybureau Ecorys, uitnodigden om het ons in de uitzending voor te rekenen, koos deze ook direct voor de berekening van Fransman als basis voor een grondiger doorrekening. Canoy geldt als een van de weinige economen-van-naam die serieus over de mogelijkheid van een basisinkomen wil nadenken. Opmerkelijk genoeg verdedigde hij Bregman's pleidooi voor basisinkomen in zijn columns en op Twitter. 

Maar wat bleek toen wij samen met Marcel Canoy het Fransman-begrotinkje gingen doorrekenen: de kosten kwamen volgens de huidige CBS leeftijdcijfers niet neer op 124 maar op 155 miljard euro. En de baten waren niet 121 maar 125 miljard euro. De eindafrekening wordt dus, zoals we in de uitzending melden: 155 miljard euro minus 125 miljard euro = 30 miljard euro.

Da’s al een stuk minder en dus haalbaarder dan Bregman’s 134,8 miljard euro maar nog altijd 5 keer de laatste bezuinigingsronde, oftewel ongeveer de hoogte van het huidige begrotingstekort in Nederland. Er zijn vast weinig politici te vinden die de verdubbeling van het begrotingstekort aan minister Dijsselbloem zouden willen gaan voorstellen.

Model Van Hasselt

Aanzienlijk lager nog dan 30 miljard euro komt de Vereniging Basisinkomen zelf en wel op 17,5 miljard. Michiel van Hasselt, de huidige penningmeester van de vereniging, maakte een rekensom die uitgaat van 800 euro per maand met wel de nodige restricties: je moet er 21 jaar voor zijn, al minstens een jaar in Nederland wonen en niet in de gevangenis zitten.

Dan blijven nog 12,8 miljoen Nederlanders over. Daarvan verrichten 6 miljoen Nederlanders enigerlei vorm van arbeid: van Hasselt stelt voor dat de onderste 800 euro van hun loon als basisinkomen gaat gelden. Daarover moeten dan afspraken gemaakt worden met de sociale partners en de fiscus. De uitkeringen van de 2 miljoen huidige uitkeringsgerechtigden die al op ongeveer 800 euro zitten (bv. de AOW-ers) worden omgevormd tot basisinkomen.

Dan blijven er nog 5 miljoen ‘andere’ uitkeringsgerechtigden en ‘nuggers’ (niet-uitkeringsgerechtigden, bv. studenten) over: om die 5 miljoen te voorzien van 9.600 euro per jaar zou (met eerste inverdieneffecten of ‘F-taks’) op 40,3 miljard komen. Bij Van Hasselt zijn de baten/inverdieneffecten 22,8 miljard hetgeen neerkomt op 40,3 – 22,8 = 17,5 miljard euro

Model Verbeek (Sargasso)

Nog lager komt de bovenaan noemde 'Michel' bij Sargasso. Het blijkt 'systeembeheerder' Michel Verbeek, die in zijn berekeningen vijf verschillende hoogtes van het basisinkomen onderzoekt. Aangezien hij aanvankelijk aanneemt dat de tegenoverstaande besparingen voor de overheid 169 miljard euro per jaar bedragen levert een basisinkomen op netto AOW-alleenstaande niveau (1025 euro per maand) een rekensom op van 180 miljard euro (kosten invoering) minus 169 miljard euro (besparing bij invoering) = een saldo van 11 miljard euro.

Maar aangezien Verbeek de besparingen op advies van gastredacteur Harro Labrujere later moet terugschroeven tot 73,2 miljard euro (*) kost een en ander bij nader inzien toch 180 - 73,2 = 106,8 miljard euro. Al met al maakt het boekhoudkundig geen sterke indruk, maar de stevige bezwaren die Verbeek aanhaalt zijn zeker behartenswaardig.

Model Ketelaars

De allerbeste deal krijgen de overheid en de burgers met een begroting van Robin Ketelaars, webmaster van een groep die zich ‘Vrijheid Maakt Arbeid’ noemt. Deze gaat uit van een basisinkomen van 1435 euro per maand, zijnde 60% van het 'mediane' inkomen in Nederland. Dit voor mensen vanaf 21 jaar. Het jeugdbasisinkomen wordt 70 euro per maand vanaf 0 jaar, per verjaardag oplopend met 65 euro tot aan je 21e.

Ketelaars schaft rente en inkomstenbelasting geheel af, stelt het BTW op maar liefst 50%, plus een vlaktax op vermogens van 25%. Laten we de haalbaarheid hiervan voor het gemak maar even buiten beschouwing, dan luidt de berekening 16,8 miljoen euro x genoemde uitkeringen = 260,9 miljard euro extra overheidsuitgaven per jaar. En geraamde inkomsten vanwege omvorming van het bestaande stelsel en nieuwe belastinginkomsten: 263,4 miljard euro. Conclusie: we houden zelfs nog 2,5 miljard euro over 'voor leuke dingen'. De politieke en maatschappelijke haalbaarheid van dit alles laten we graag aan het oordeel van de gemiddelde burger over.

Conclusie

Concluderend: het lijkt ons dat de meest extreme eindtotalen van dit hier (te) vluchtig bekeken rekenmodellen (Bregman's 134 miljard en Ketelaars' min 2,5 miljard) tevens de meest onrealistische zijn. Binnen de beweging voor het basisinkomen noteerden wij voorgestelde maandbedragen tussen de 800 (Michiel van Hasselt) en de 1500 euro (Yara Rahimi, van de clip ‘Het Goede Leven’ en lid van de vereniging pleit voor 1500, hetgeen zelfs nog ietsje meer is dan bij Ketelaars). Vooralsnog lijkt het ook in geval van zo'n kleinere 'amplitude' een gerechtvaardigde conclusie : hoe hoger het maandbedrag en de totale meerkosten-bij-invoering hoe onwaarschijnlijker de kans dat een dergelijk model ooit haalbaar zal blijken (**). 

Voetnoten

(*) Opgebouwd uit: 62 miljard aan uitkeringen + 4,2 miljard aan zorgtoeslagen + 3,7 miljard aan studiefinanciering + 3,3 miljard aan kinderbijslag. Deze bedragen verschillen dan weer enigszins van degene waarmee Marcel Canoy werkt in de animaties van de uitzending.
(**) Voor wie deze exercities interessant vindt heeft de Vereniging Basisinkomen nog veel
meer rekenmodellen op een rijtje gezet.