'wij zijn professionals'

Hugo Hoes ,

Sinds deze week zijn de fragmenten van het legendarische en extreem grappige jeugdprogramma Rembo & Rembo (1987-1995) te zien op vpro.nl. De VPRO Gids ging met de makers Maxim Hartman en Theo Wesselo naar de Chinees.

Maxim Hartman: Theo komt uit een heel hoog en net milieu.
Theo Wesselo: Nee, ik ben…
M: Laat mij dat nou effe vertellen. Zijn het jouw ouders of de mijne?
T: Hij is gewoon jaloers dat ik eerder wees was.
M: Nee. Hij was wel eerder wees, maar ik heb nog nooit meegemaakt dat zo’n onaangepast sujet thuis de allerliefste zoon ever was. Nou moeder, wat een lekkere aardappeltjes weer. Dank u wel.
T: Anders kreeg ik geen zakgeld man.
M: Zoals dat meisje uit Magdat? Zo was ie in het echt. En buiten deed-ie altijd lelijk tegen de mensen.
T: Zo gaat die lekkerrr. Zullen we een raampje opendoen?
M: Waar zijn je vragen, joh?
T: Ik ben benieuwd. We gaan een prijs geven voor een vraag die we nog nooit hebben gehad. Wat is je lievelingskleur?

Volgens Wikipedia zijn jullie geboren op 13 augustus 1963. Zijn jullie tweeling?
T: 34 augustus? Klopt niet. 13? Dan ben ik jarig.
M: Hij is op 10 november jarig, toch. Nog gefeliciteerd, man.
T: Heb je een cadeau?
M: Als er één mijnheertje attent is, is het wel Theo Wesselo. Staat altijd klaar voor de ander. Er klopt geen reet van Wikipedia.
T: Maar dat geeft niets.
M: Als je op dezelfde dag geboren bent, ben je nog geen tweeling. Als je uit verschillende baarmoeders komt ben je twee-eiig, maar geen tweeling.
T: Tenzij die baarmoeder in dezelfde moeder zit.
M: Je zult dit geschreeuw en geblèr moeten uittikken.
T: Ik vind het wel belangrijk, dit is een voorbeeld…
M: …van hoe slecht hij voorbereid is.
T: Dat Wikipedia niet te vertrouwen is.
M: Hugo dit gesprek kan heel kort gaan worden. Een beetje onderzoeksjournalist regelt die shit.
T: (tegen Maxim) Wanneer moet jij weg
M: Nou bijna. Als dit de toon van het interview is, ben ik er heel snel klaar mee.
T: Als dit de sfeer is. Het ligt niet aan de sfeer, het ligt aan de mensen. Ha ha ha ha. Die kan je pikken.
M: Wat is dat voor een slechte Rotterdamse lach? Een Lee Towers-lach. Nee, Gerard Cox. Daar lijk je trouwens steeds meer op.
M: Hij was een hele zachte net opgevoede lieve...

Gescheurde mouwen

Oh, wat een lekkere aardappeltjes.
T: Hé hé hé. Niet lachen om mij, hè?
M: Ja wat zijn ze weer heerlijk.
M: Zullen we hem het pispaaltje maken in dit interview?
T: Dat ben ik mijn hele leven al geweest.
M: Je trui mag er wezen, gast. Dat is een schitterende trui die je aanhebt.
T: Je mag hem zo hebben. Ik heb net een jas gekocht. Zal ik hem laten zien?
M: Ja.

Speciaal gekocht voor de foto?
M: Tuurlijk. Hij is altijd met kleding bezig. Van jongs af aan al.
T: Ik ben een echte modenicht
M: Hij is gewoon tweeling met Maik de Boer.
(Theo trekt zijn nieuwe jack aan)
T: Moet je kijken.
M: Wow!
T: Helemaal wit, man!
M: Niet normaal, maar toch leuk.
T: Dank je. Zelf gemaakt.
M: Theo heeft een hele goede smaak. Als kleine jongen was hij altijd al bezig met mouwen afscheuren. Als hij een trui kocht bij H&M of zo die niet leuk was, dan scheurde hij de mouwen er af en dan was het toch een stoere trui zeg. Mag ik de aardappel moeders.
T: Die Kartoffeln brennen an.
M: Theo is veel liever dan de mensen denken. Ook al heeft hij geen cent te makken, hij staat altijd voor je klaar. Als jij in nood zit, nee jij niet, maar als ik in nood zit, geeft hij mij zo een tientje. Serieus.
T: Moet je geld hebben? Ik heb bij me.
M: Hij is zo goed van hart. Dat begrijpen mensen niet. Is echt zo.
(Theo legt 275 euro op tafel.)
T: Pak maar.
M: Pak maar.
Serveerster: ‘Goedenavond. Willen jullie al bestellen of nog even gezellig lekker kletsen?’
M: Nee ik wil liever eten en snel naar huis. Het is helemaal niet gezellig.
T: Wanneer komen de dobbelstenen op tafel?
Serveerster: ‘De dobbelstenen op tafel?’
T: Dit is toch een gokhal? (zwaait met het geld)
M: Hij eet nooit, maar daar moet je niet over beginnen.
T: Ik heb geen tanden.
Serveerster: ‘Ik heb hier de wijnkaart. Kijkt u maar even rustig.’
M: Mogen we de kaart ook opgefokt bekijken? Ik heb adhd.
T: Ik heb ook adhdhdhad.
M: Je heb wel heel veel ritalin gekregen herinner ik mij.
T: Daarom. Napoleon, die had dat ook.

Adhd?
T: Ja maar zonder die h. Hij had add.
M: Ik ben even niet aanwezig.
T: Waar is de fotograaf?
M: Ik had een laatst een fotograaf. Die gast zegt: kun je een beetje met je heupen draaien en een beetje naar mij kijken. Ik zeg gast, doe jij es effe normaal. Je neemt gewoon een foto van mij. Ik ga geen teringmodel zijn.
T: Met je heup draaien?
M: Was ie helemaal beledigd.
T: Kan ik wel doen, maar overleef ik niet.
M: Hij wou een close upje nemen en ik zei nee dat wil ik niet. Ik wil er totaal op… gewoon afstand. Ik ga met deze gast ook niet close up. Echt niet.
T: Ze zegt wel dat we hier niet mogen gokken, maar....

Misschien wachten ze tot het minder druk is.
M: Het is zo denigrerend om alle Chinezen met gokken te associëren. Zeg sorry tegen haar.
T: Sorry.
Serveerster: Zal ik alles op tafel zetten?
T: En een beetje op de grond.
 

Spiffanten

Rembo & Rembo zijn ooit aangekondigd als ex-behangers met een videotheek.
T: Wat? Ex-behangers?
M: Ja gek, dat hebben we toch zelf verzonnen.

Sloeg dat ergens op?
M: Nee, joh. Hij komt uit een hoog milieu en ik kom uit ook best wel een hoog milieu.
T: Hij had hoogtevrees en kwam daarom uit een wat lager milieu.
M: Uit een arbeidersmilieu. Hij uit een elitair VPRO-kakgezin.
T: Met spiffanten. Mensen met stifttanden.
M: En een zitkuil.
T: Aan de andere kant, ik werd wel vastgebonden in mijn bed. Dat verwacht je ook niet.
M: Zijn moeder was heel goed in Franse bondage.
T: Heel strak.
M: Ze was uren bezig met die knopen. Liggen kreng!
T: Japanse macramé.
M: Wil je eindelijk eens praten over je jeugdmisbruik? Nee, moet je niet doen.
T: Hij weet alles.
M: Ik weet wel veel. Hij is niet voor niets zo geworden. Totaal verknipt die kerel.

Theo kwam uit een elitair VPRO-kakgezin

Maxim

Waarom heetten jullie alletwee Rembo?
T: Even een boertje.
M: Ik ook. Ik krijg last van mijn darmen.
M: Gast, het is nu 2015. Dat is godverdomme bijna dertig jaar geleden wat je vraagt. Sorry hoor. Denk je dat wij dat nog weten?
T: Ik weet het ook niet meer.
M: Ik weet wel dat Theo alle sketches verzon en dat ik het meeste geld had.

Ik hoorde dat jullie elke week een lange lijst met sketches voorlegden bij de VPRO waarna gekozen werd wat gemaakt zou worden.
T: Ja da-aag. Nee joh. Het was eerder andersom. Als ze zeiden die, die en die graag, gingen we de andere maken.
M: We zijn twee keer teruggefloten. Een keer gingen we darten op de stip op een hoofd van een Indiër. We hadden niets kwaads van zins, maar dat kwam racistisch over. Was niet onze bedoeling. En we hadden Tampie een keer laten verkrachten door Patrick, de trekpik. Dat liep helemaal uit de hand.
T: Dat is het broertje van dat meisje. Weet je dat niet?
M: Het is zo’n slecht interview dit.
T: Zakt helemaal naar een dieptepunt
M: Altijd dat verleden. Hou er eens over op. Laten we over mijn nieuwe programma bij RTL 7 praten.
T: En mijn band Hausmagger.

Heb jij met Hausmagger nee gezegd tegen De Wereld Draait Door?
T: Ja, dat mag ook wel eens.
M: Ik zeg altijd ja.
T: Ik hoorde dat ze je gevraagd hadden om vaste gast te worden, maar dat je daar nee tegen hebt gezegd. Vind ik goed. Zo hoort dat. Moet je je haar weer door de war doen.
M: Ga ik ook niet doen. Maar wat moet jij daar dan?
T: Je hebt daar toch van die bandjes die een minuutje mogen spelen. Dat wil je toch godverdomme niet.
M: Nee moet je niet doen. Ik kan heel goed met Matthijs. Matthijs van Nieuwkerk is inmiddels een goede vriend van mij.
T: Mag je ook Matthijs zeggen?
M: Matth.
T: Zijn zoon…

Agressief

Laten we het over humor hebben.
T: Waarover?

Humor.
T: Dat is twee keer.
M: Daar moet je het nooit over hebben.

Hoe maak je grappen?
M
: Hou even op. Dat gaan we toch niet uitleggen hier. Waar zie je ons voor aan?
T: Je maakt de beste grappen als je het niet weet.
M: Ja, onbedoeld. Wanneer je denkt dat je grappig bent, ben je het meestal niet.
M: Wij zijn professionals.
M: Van dit soort vragen kan ik heel agressief worden.
T: Is ook heel moeilijk om antwoord op te geven.
M: Nog een zo’n vraag en ik ga ik lekker aan een andere tafel zitten. Dan zoek je het maar uit met je Rembo & Rembo.
T: We kunnen het beter over Koefnoen hebben.
M: Ja, vind ik ook interessanter.

Kung fu?
T: (zingt) Everybody was kung fu fighting.

Carl Douglas.
T: Ja die!
M: Sorry. Ik ben er nog steeds niet overheen. Hoe maak je grappen? Deze vraag doet pijn aan mijn hart. Is toch geen vraag gast.
T: Hoe gaan we dit oplossen?

Jullie zijn samen een kinderprogramma gaan maken.
M: Maar dat weten we toch niet meer. Ga je serieus het interview over Rembo & Rembo doen?
T: Ik wilde helemaal geen kinderprogramma maken.
M: Oh. Ga je het er toch weer over hebben?
T: Nee.
M: Is trouwens wel waar wat je zegt.
T: Wij wilden gewoon die gasten van Jonge helden in hun reet neuken. En een beter…
M: Ja!
T: Ben jij een ram?
M: Hij trekt zo je zo horoscoop. Wat is zijn ascendant?
T: Kameleon. Nee, kwal.
M: Hij is geen kwal.
T: Nee, ikke.
M: Theo verzon alles en ik kreeg het geld. Hij is niet zakelijk, nooit geweest ook.
T: Dom van me.
M: Ja. Hij vindt geld niet belangrijk. Het gaat hem om de humor.
T: Ik heb mijn tatoeage-apparaatje meegenomen.
M: Heb je weer een tatoeage
T: (ontbloot borst) Hier, zelfgemaakt. En deze ook.
M: Leuk. Vooral in combinatie met die professionele.

Het graf in

Jullie schreven alles uit?
M: Ja er was geen enkele improvisatie.

Dat werkt niet?
T: Hoe weet jij dat nou?
M: Was je er soms bij?
T: Ben jij getrouwd?

Ja.
M: Maar waar is je ring dan?
T: Wou je vanavond soms een beetje kans maken zonder ring?
T: Weet je wie ik laatst zag?
M: Geef die gast even de kans om enige lijn in het gesprek aan te brengen.

We hebben nog heel veel shit liggen.
Niet dat dat ooit naar buiten komt

Theo

Zien jullie elkaar regelmatig?
M: Oud en Nieuw vieren we samen. Oud en Nieuw is voor mij Theo.
T: De laatste keer ben je vroeg vertrokken.
M: Naar Tim Hofman. Dat is mijn nieuwe vriend.
T: Een broer van Thom Hoffman. Ik ben Thom Hoffman. T-h-o-m Hoffman. Die sketch heb jij nooit gezien maar dat is een hele goede. Loop jij in een rode jurk door de tuin van het Boijmans en roep je T-h-o-m. Weet je dat niet meer? Die heb ik thuis liggen.
M: Was dat de hele sketch?
T: Ja, maar heel goed.
M: Ik herinner me heel vaag iets.
T: We hebben nog heel veel shit liggen. Niet dat dat ooit naar buiten komt.
M: Mensen kunnen het wel kopen.

Materiaal dat nooit is uitgezonden?
M: Dat neemt hij mee in zijn graf. Het is van Theo.
T: En ik kan het niet gebruiken zonder hem. En hij niet zonder mij.
M: Ik doe er niets mee. Het is Theo zijn pensioen.
T: Maar ook mijn doodscontract. Als ik het zomaar gebruik…
M: Gaat ie kasje wijlen. Ik heb zestien Joegoslaven klaar staan. Die villen hem.
T: Dat is ouderwets man, Joegoslaven. Tsjetsjenen.
M: Kom laten we die vragen er even doorheen jassen. Kunnen we daarna ontspannen.

Hebben jullie ook wel eens een regisseur gehad?
T en M: Ja.
M: Maar dat heeft toch helemaal geen zin.
T: Nee dat heeft ook geen zin.
M: Als ik moet poseren doe ik het niet.
T: Hoe lang ben je al getrouwd?

Al...
T: Het gaat niet over jou, hè. Het gaat over ons.
(de fotograaf heeft zijn spullen in gereedheid gebracht en komt vragen of Theo en Maxim even tijd hebben)
M: Ik kan niet poseren. Raak ik gestrest.
T: Wij doen gewoon wat je wil. Jij bent artiest.
M: Stuur je de foto ook op? Dan kan ik hem nog naar mijn moeder sturen.
T: Nou ja!
M: Sorry. Helemaal vergeten.
T: Zijn moeder is net overleden.
M: Hoe kan ik dat nu vergeten?
T: Ik vond jouw moeder altijd top.
M: Nee Theo, dìt moet je echt niet doen.
T: Ik krijg nu wel honger.
M: Mag ik jouw nieuwe witte jack aan?
T: Natuurlijk.

O-positief

(Binnen enkele minuten ontstaat er onenigheid tussen Maxim en de fotograaf. Maxim loopt weg en zegt dat de foto’s niet gebruikt mogen worden. De fotograaf blijft ontsteld achter en vertrekt even later. Maxim en Theo keren terug aan tafel.)
M: Ik heb een hekel aan fotografen die niet communiceren.
T: Ik heb er minder moeite mee, omdat ik knapper ben.
M: Jij staat er altijd goed op.
T: Ook niet altijd. Ik kan je wel een paar foto’s sturen waar ik niet knap op sta.

Wat was jullie rolverdeling?
T: Ach Jezus. Dit hebben we al zo vaak verteld. Gaan we niet meer doen. Het enige dat mij nog nooit is gevraagd, is mijn bloedgroep en die verklap ik niet.
M: O-positief.
T: Klopt.
M: Ik vind het helemaal niet leuk om zo foto’s te nemen. Raak ik zwaar geïrriteerd door.
T: Hij vroeg of ik wilde gaan zitten. En als ik dat niet doe wordt hij chagrijnig. Moet je bij mij niet doen.
M: Rot dan maar lekker op met je camera.
T:
Je kunt ook vragen of ik mijzelf ophang daar boven de bar. Doe ik ook niet. Moet je ook niet chagrijnig worden.
M: Voorlopig heb je nog geen foto. Want deze gast gaat geen foto van mijn publiceren.
T: Weet je dat we geen enkele prijs hebben gewonnen? Nooit, behalve een troostprijs.
M: Ik wel. Met Lekker dansen. Een superlelijk ding van Jan Wolkers.

Jullie wilden de Jonge Helden in hun kont neuken?
T: Dat had ik heel graag gewild, tot ik er achter kwam dat het wel leuke gasten waren. Maar wij wilden ons gewoon laten gelden.
M: Blinde ambitie.
T: Blind ja.
M Heb ik dat niet mooi gezegd?
T: Ja.
M: Mag je wel gebruiken hoor.

Parenclub

Wilden jullie geen kindertelevisie maken?
M: Jawel. Uiteindelijk wel.
T: Kinderen hadden er niets mee te maken. Het criterium was toch of je er zelf om kon lachen.
M: Ik zou niet weten hoe je het anders moest doen. Iets maken waar een ander om kan lachen?
T: Veel mensen doen dat.
M: Snap ik niet.
T: Ik ook niet.
M: Hugo, ik geef serieus geen toestemming om die foto te gebruiken. Theo is getuige.
T: Ik was ook getuige op zijn huwelijk. En toen hij stopte met roken.

Maar hij rookt.
T
: Ja nu wel. Ik was een keer met hem op vakantie. Ging hij stoppen met roken, ha ha ha.
M: Is wel waar.

Samen op vakantie?
M: Skivakantie in Tirol

Nee!
T
: Jongen, je weet niet half wat we doen. Van die Brabantse boerderij. Heb je dat al verteld?
M: Van die parenclub. Dat je nog kon lópen.

Je kunt niet met twee mannen naar een parenclub.
M: Hij was als Tampie. Bel de fotograaf maar op dat de foto’s niet gebruikt mogen worden.
T: Je moet het niet te belangrijk voor jezelf laten worden.

Ik ga niet bellen.
M: Dan stop ik met het interview.

Doe normaal man.
T: Het is best leuk zo.
M: Jij respecteert mij niet en dan ga ik naar huis. Simpel. Veel succes verder.
T: Met je leven.
M: Tot ziens. Ik ga buiten roken en als je binnen een kwartier niet gebeld heb ben ik ben ik weg.
(trekt jas aan, pakt rugzak en vertrekt)
T: Dit is toch een perfect interview. Zoiets heb ik nog nooit gehad. Maar je moet niet vergeten dat zijn moeder net is overleden. Geen grap hè. Donderdag is de uitvaart. Ik vind dat je toch even naar hem toe moet.’
(Ik ga buiten op zoek naar Maxim en smeek hem weer naar binnen te komen. Na tien minuten zitten we weer aan tafel.)
T: Het wordt bijna een soort relatieding.
M: Het is helemaal geen relatieding. Ik laat niet met mij fokken.
Serveerster: ‘U bent weer terug.’
M: Ja ik ben weer terug. Ik ga pas verder als ik die gast gesproken heb. Wat is zijn nummer? Ik ga het ook niet eens zeggen. Ik stuur hem wel een sms’je.

Lijkt me beter.

T: Jij kunt toch ook een foto van ons maken.
M: Maak jij er maar een.

Heb ik gedaan.
T: Die willen we zien. Haal ik zeker mijn lul uit de broek. Ik heb namelijk twee lullen en ik wil altijd de langste laten zien. Best lekker eten hier, maar misschien heb ik gewoon honger.
M: Kom op. Het nummer is 06…
(Theo en Maxim bekijken mijn foto)
T: Is geen goede compositie.
M: Nee, slechte foto. Wat is zijn nummer? Alsjeblieft.
T: Wij zijn altijd alleen maar met compositie bezig geweest. Inhoud maakt mij geen reet uit. Alleen de vorm.
M: Zeg anders maar tegen de beeldredactie… Ach, ik stuur ze zelf wel een mail. (Maxim schrijft een mail.)
T: Ken je Little Britain? Zij treden ook live op in het theater. Die gasten hoeven helemaal niets te doen. Dat is echt zo grappig. Ze verkleden zich, komen op, iedereen ligt dubbel, ze krijgen applaus en dan gaan ze weer.
M: Goede gasten hoor.
T: Wij hebben er ook wel over gedacht om iets in het theater te doen maar wij maakten het onszelf veel te moeilijk. Hoeft eigenlijk niet.

Burn-out

Komt alles van Rembo & Rembo online?
T: Bijna alles. De presentaties zijn weg en er zijn wat doktersmoppen uit.
M: Ik stuur de mail ook even door naar jou, Hugo.
T: Ik hoef hem niet te hebben, hoor.

Heb je vaker ruzie met fotografen?
M: Ja, ik vind het gewoon tuig. Al dat artistieke gedoe. Fuck you. In de tv-wereld wemelt het van de prutsers.
T: Alleen maar.
M: Tachtig procent is prutser. Ik kan daar niet mee omgaan.
T: Je bent zelf ook een prutser, maar je hebt er meer mee te stellen.
M: Dat is filosofisch mooi gezegd. Maar als je een betere prutser bent kun je andere prutsers niet verdragen. Als je een niet-prutser tegen komt denk je wat is het fijn om met deze mensen te werken.

Hoe hou je het dan vol in de tv-wereld?
M: Door ze te corrigeren.
T: Je levert wel een jaartje in.
M: Qua stress en ergernis. Zeker. Maar wat zou je dan moeten doen? Denken, ach het zal wel.

Theo, doe jij ook nog wat bij televisie?
T: Alleen maar.

Waarom zie ik dat niet?
T: Daar mag ik niets over loslaten. Ik kan niet meer werken in zo’n omgeving.
M: Jij hebt dat nog meer. Ik erger mij, maar jij bent nog veel stelliger.
T: Dat hoeft niemand te weten hoor.

Waar stoor je je aan? Onkunde?
T: Jij zegt het.
M: Is echt waar Theo.
T: Je moet niet vergeten, ik had er niet voor geleerd. Ik kwam daar als een soort hobby. En het moet wel leuk blijven. Als het niet leuk is het gewoon niet leuk. Ik word niet echt heel veel gelukkiger van televisie.
M: Ik ook niet. Maar als het eindproduct goed is ben ik wel blij. Het is alleen maar oorlog voeren. Zes dagen per week. De hele dag. Ik ben nu drie maanden aan het oorlog voeren om een programma te maken. Je hebt met zoveel zwakke mentaliteiten en gebrek aan scherpte te maken. Op een paar uitzonderingen na moet iedereen constant achter zijn reet aan gezeten worden.
T: Een burn-out krijg je ervan. Ik heb een serie gemaakt waar ik echt heel tevreden over was. De producer daarvan is ontslagen, ik kreeg een soort burn-out en een gouden handdruk. Een leuke serie. Ik playbackte maar, in plaats van mijn stem hoorde je die van hem.
M: Heel raar.
T: Sloeg nergens op maar ik ben blij dat we dat gemaakt hebben.
M: Luister. Je had net zo goed kunnen bellen Heb je een beter gesprek met ons gehad dan hier. Dit is een heel moeilijk onderwerp.
T: Wat? Humor?
M: Nee, Rembo & Rembo. We hebben geen zin om dertig jaar terug te gaan. Ik niet tenminste.

We hebben geen zin om dertig jaar terug te gaan.
Ik niet tenminste.

Maxim

Kalifaat

Ben je grappiger geworden?
M: Ik ben een behoorlijk grappig programma aan het maken ja.
T: Heb je daar een dvd van voor mij?
M: Ik heb er eentje voor je gebrand. We deden sketches maar dat zou ik nu niet meer willen. Nu maak ik reportages en dat is het beste op reportagegebied. Ik ga nu weer een stapje verder en de manier waarop ik er inhak zonder onsympathiek te worden, al kun je je dat misschien niet zo goed voorstellen, is uniek. Daar ben ik echt trots op en is heel wat anders dan sketches. Ga ik tekeer tegen een vrouw in de bonbonwinkel en is het nog grappig ook. Best bijzonder.
T: Daar ben ik trots op.
M: Dat weet ik. Hij vond mij vaak te soft. Nu ben ik echt heel militant
T: Ben ik blij om.
M: Daarom doe ik het natuurlijk ook. Ik beschouw je toch een beetje als mijn vader. Je bent er altijd. Of ik nu geld of emotionele steun nodig heb. Je hebt een goed hart.
T: Het gaat waarschijnlijk alleen niet zo lang mee.
M: Je bent behoorlijk taai.
T: Zullen we ermee ophouden?
M: Het is ook leuk om strijd te leveren. Om zeven uur sta ik op, dan neem ik een koude douche en daarna gooi ik de beuk erin tot ik om twaalf uur helemaal verrot weer in mijn bed lig.
T: Jij leeft je helemaal in.
M: Klopt maar jij ook. Ik ga conflicten niet uit de weg.
T: Zonder conflicten ben je een homo.
T: Ik ga verhuizen.
M: Oh. Naar Amsterdam?
T: Nee, naar het kalifaat.
T: Ik ben bij E. een zeemeermin op zijn plee aan het schilderen.
M: Leuk.
T: Je kunt op allerlei manieren leuke dingen doen.
M: Je gedichten zijn ook leuk.
T: En mijn muziek.
M: Daar heb ik iets meer moeite mee.
T: Alle optredens zijn uitverkocht.
M: Theo zingt heel stoer terwijl het een heel iel mannetje is. Daar kan ik niet goed tegen. Hij zou eigenlijk met een heel hoog stemmetje moeten zingen.

Professor Paardekuth

Hoe hou je dit vol, Maxim?
M: Dat is mijn levensenergie.
T: Uit een conflict kun je juist heel veel goeds halen.
M: Hoe kun je hier in godsnaam een goed interview van maken?

Kan niet, en ik geef ook geen toestemming voor publicatie.
M: Wij zijn samen gevaarlijk. We staan in de top dertig van moeilijk te interviewen mensen.
T: Hij gaat vaak lopen zeiken.
M: Laten we Hugo nog even wat input geven. Kan hij er nog een mooi stukje van maken. Zullen we even uit onszelf wat vertellen? (in hoog tempo tegen Theo) Denk je nog vaak terug aan de tijd van Rembo & Rembo?
T: Uhm. Ik…
M: De antwoorden hoef ik niet te horen. Hoe belangrijk is dat geweest in je leven? Hoeveel sketches heb je verzonnen?
T: Blauw.
M: Wie zocht je kleren uit? Oefende je de sketches? ‘De rijinstructeur’ is eclectisch.
T: Wat betekent dat?
M: Weet ik veel. Heb ik vandaag gehoord. Ik bedoel episch. Het is een epische rol. Hoe heb je die voorbereid?
T: Helemaal niet.
M: Wel! Die heb je thuis geoefend.
T
: Nee. We deden er vier per dag.
M: Je bent godverdomme vijftig. Geef toe dat je dat thuis voor de spiegel heel veel hebt geoefend.
T: Als ik dat nu zou moeten toegeven slaat dat nergens op. Daar hadden we helemaal geen tijd voor.

En alles was uitgeschreven.
T: Maar dat is geen voorbereiden. De scripts bestaan trouwens allemaal nog.
M: Aan het schrijven en de slotmontage beleefden we de meeste lol. Daar tussen in was het een grote hel.
T: Waarin alles werd verziekt door andere mensen. En door geld. Dat je er op een dag opeens vier in plaats van drie moest maken.
M: Nu is het veel erger, joh. Wij hadden een luxe positie. We monteerden maanden aan Rembo & Rembo. Tegenwoordig heb ik zes dagen voor een programma van 25 minuten.
M: Welke sketch zou je mee het graf in willen nemen?
T: Als ik daar over zou moeten nadenken zou ik er over nadenken. Maar ik schaam me voor geen enkele. Dus dat is oké.
M: Heb je er veel profijt van gehad in de rest van je leven?
T: Nee dat niet.
M: Je hebt toch heel veel vrouwen versierd dankzij Rembo & Rembo?
T: Dat zeg jij, maar daar was ik altijd al heel erg goed in. Wij zijn zo veel typetjes waar mensen om hebben gelachen. Dan kan het heel goed zo zijn dat een griet die onder je ligt denkt het is Professor Paardenkuth waar ik mee lig te pompen.
M: Ja. Als ik klaarkom roep ik vaak ‘dat is toch niet normaal. Dat is toch niet te geleuven.’
T: Ik ben al heel lang fan, zo niet verliefd, op Mariëlle Tweebeeke.
M: Wie is dat?
T: Van Nieuwsuur.
M: Echt waar? Wat leuk!
T: Echt een leuk en lekker wijf.
M: (in het opname-apparaat) Mariëlle, als je dit hoort…
T: Ken jij die?
M: Ja, … neem contact op met Theo.
T: Kun je dit niet gewoon tegen haar zeggen dan?
M: Lijkt me goed om dat via een interview te doen. Ze is al wel een dagje ouder.
T: Elke dag is ze ouder. Ik moet schijten. Ga jij betalen of wegrennen? Ik vind het wel weer genoeg geweest, jij niet?
M: Ik weet het niet. Het is ook zonde als je hier de hele avond zit en je hebt niks.
T: Je kunt ook alle woorden nog door elkaar gooien. Dan kun je er van alles van maken.
M: Dat is wel zo. Je hebt alle lidwoorden en alle letters.
M: Luister eens Hugo, dit is middelbare school wat je hebt gedaan. Waarom heb je het zo braaf voorbereid?
(Maxim grist mijn papieren weg)
M: Hij heeft een lijstje, bijna ontroerend.

(Ik trek de papieren uit de handen van Maxim en daarbij valt een vaas om, over mijn recorder. Gelukkig zit er geen water in.)
T: Dit bandje wil ik wel hebben. Leuk voor als ik een keer in de trein zit. Ik weet namelijk nooit wat ik zeg.
M: Daar doe je hem een groot plezier mee.
T: Nou, niet echt.
M: Strijd of plezier, dat moet je boven je stuk zetten. Al die sociale bullshit.
T: Het wordt alleen maar erger. Mensen worden steeds banger. Kijk bijvoorbeeld maar eens naar interviews op televisie. Vroeger had je Ischa Meijer. Die kreeg wel wat gedaan.
M: Veel beter dan al die conflictvermijdende interviewers. Jeroen Pauw is goed. Die gast is zo slim. De king van de tv en hij is nog aardig ook.
T: Hij slaat wel alle wijven.
M: Nee hij pakt ze.
T: Hij slaat ze ook.
M: Ja hij slaat ze ook. Pauw is ondergewaardeerd. Ga maar eens kijken.

Death wish

Ondergewaardeerd?
M: Dat is ironie gast. Moet ik dat uitleggen?
T: Over Mariëlle Tweebeeke nog. Zeg maar dat ik heel goed… Ik kan eigenlijk alles goed.
M: Jij kunt heel goed luisteren.
T: Dan slaap ik. Deed mijn vader ook altijd.
M: Ik vind Theo bijzonder aardig vanavond.
T: Je moest eens weten wat ik denk.
M: Dat maakt niet uit.
T: Heb je al betaald? Hoeveel pagina’s krijg je?

Vier, inclusief foto’s.
M: Maar die zijn er niet meer.
T: Heb je al een titel? Is belangrijk.
M: Strijd en plezier. Weet je wat? Je belt ons morgenvroeg gewoon nog even op. Zeg je maar dat we vanavond niet waren komen opdagen.
T: De uitvaart van je moeder, die is toch donderdag. Zal ik komen?
M: Je bent welkom. Hou je dan een speech?
T: Wat doe jij zelf?
M: Weet ik veel,
T: Kom je zelf wel?
M: Ja natuurlijk. Ik moet gaan. Voor mijn familie. Ik hoef er niet heen. Ze is dood.
T: Ik bedoel..Ik heb een heleboel ouders gehad en ik vind het tof dat jij er toen ook was. Bij mijn vaders begrafenis. Bij die van mijn moeder.
M: Ik bij je moeders begrafenis? Echt niet. Ook niet bij je vader.
T: Zit in mijn hoofd. Klopt dat helemaal niet? Dan kom ik donderdag ook niet bij je moeder.
M: Ik ga echt niet naar begrafenissen. Ik ben helemaal niet van beleefdheid.
T: Nee, maar misschien was je geweest om te kijken hoe ze er bij lag in haar discopakkie.
M: De liefde tussen Theo en haar was wederzijds. Jij vond haar leuker dan ik haar vond. Ze was heel dol op Theo. Ik zat tegen haar weleens een beetje te mopperen op hem maar dan zei zij altijd dat het zo’n goede jongen was. Nou, dat zegt wel genoeg. Iemand die dol is op Theo, wat is dat voor een figuur? Dan spoor je ook niet.
T: Het is wel weer genoeg jongens. Ik geef nergens toestemming voor. Niks. We kunnen voor de gids ook een tekening van elkaar maken. Zullen we dat doen?
M: Ja dat doen we.

Dat is het geheim van Rembo & Rembo. Niet aanpassen.

Maxim

T: Jouw moeder is net overleden. Misschien ben je daarom zo.
M: Ik ben al twee maanden zo.

Hoogspanning
M: Ja, maar dat is fijn. Vier dagen geleden gebeurde hetzelfde bij een andere fotograaf.
T: Misschien is dat dezelfde stream waar je inzit.
M: Hij zal nooit goede foto’s maken van mensen.
T: We lezen het wel in de krant.
M: Wat? Dat hij is doorgebroken in New York? Zegt nog niks.
T: Nee dat hij zelfmoord heeft gepleegd. Dan is het jouw schuld. Zijn we klaar?
M: Het heeft echt niks te maken met de dood van mijn moeder.
T: Laten we er over ophouden.
M: Het is een symbool. Wij passen ons namelijk niet aan.
T: Nou, ik wel. Het is jammer als het niet past.
M: Dat is het geheim van Rembo & Rembo. Niet aanpassen.
T: Is waar. En niet onderhandelen.
M: Als je het echt wil weten, dát is het fokking geheim. Als iedereen het kut vindt, fok iedereen. Wij maken wat wij goed vinden. Theo is daar in principe nog extremer in, maar ik haal hem in nu.
T: Je krijgt spierpijn als je overbelast en daardoor word je sterker. Groei gaat altijd gepaard met pijn.
M: Na een ruzie, ook tussen man en vrouw, ben je beide gegroeid en is het daarna twee keer zo goed als het was.
T: Je moet een beetje een death wish hebben.
M: Een goede gast heeft gewoon schijt aan wat anderen van hem vinden.
M: We hebben het er niet meer over. Maar dit laatste stuk is wel belangrijk hoor. Je moet ook wat inhoud in je artikel hebben.
T: Is alles al betaald? Dan gaan we.
M: Die jas van jou is wel echt heel goed.