Argos

Arbeidsplicht asielzoekers

Argos

Arbeidsplicht asielzoekers

Werk, Werk, Werk!! dat was het motto van het vorige paarse kabinet. En dat motto gold voor iedereen, behalve voor een paar groepen. Het tweede paarse kabinet kon niet echt een aansprekend nieuw moot vinden en lijkt daarom het oude motto toch maar weer van stal te hebben gehaald. Maar wel op een heel speciale manier.


---------
Argos over het plan van minister De Vries van Sociale Zaken om een arbeidsplicht voor asielzoekers in te stellen, wat een enorme ommekeer in het overheidsbeleid betekent.
Centraal in de reportage staat de vraag hoe deze arbeidsplicht in de praktijk zal uitpakken. Wordt het een
dubbelslag: een zegen voor de Nederlandse economie én voor de asielzoekers of ontstaat er een aparte arbeidsreserve van goedkope, kneedbare en overal inzetbare werknemers zonder perspectief? En hoe zijn de ervaringen in het buitenland?
De reportage bevat vraaggesprekken hierover met:
- fruitteler Van Loenen (?) uit het Betuwse Haaften;
- een Algerijnse asielzoekster tijdens haar werk als appelplukster (in het Frans, met vertaling);
- een Ethiopische asielzoeker tijdens zijn werk als appelplukker (in het Engels, met vertaling);
- voorzitter Hans de Boer van MKB-Nederland, die positief op het voorstel reageert (telefonisch);
- Kamerlid Kamp van de VVD, die zijn bezwaren tegen het plan uiteenzet;
- staatssecretaris Cohen van Justitie, die de bezwaren van VVD-Kamerlid Kamp weerlegt;
- waarnemend voorzitter Nazarski van VluchtelingenWerk Nederland;
- Cees Groenendijk, hoogleraar rechtssociologie aan de Universiteit van Nijmegen;
- Pieter Boeles, hoogleraar migratierecht aan de Universiteiten van Leiden en Amsterdam;
- directeur Weber van de Vluchtelingenraad van de Duitse deelstaat Nedersaksen (telefonisch, in het Duits met vertaling);
- woordvoerster Kristel Pellens van het Belgische Overlegcentrum Integratie Vluchtelingen;
- een woordvoerder van de Zwitserse koepelorganisatie voor vluchtelingenwerk;
- woordvoerder Werner van Bastelaar van het Centraal Orgaan Asielzoekers (COA).
Geïllustreerd met een oude radiofragmenten en Tv-fragmenten van het NOS 'Journaal'.

Inleidende teksten, misschien niet volledig:

Tekst 1
Een arbeidsplicht voor bijstandsmoeders. Dit regeringsvoorstel zorgde afgelopen week voor veel kritische reacties. Het plan van minister De Vries van Sociale Zaken om een arbeidsplicht voor asielzoekers in te stellen werd drie weken geleden veel positiever ontvangen. Toch betekende dat plan een totale ommekeer in het tot dan toe gevolgde beleid. Jarenlang mochten asielzoekers helemaal niet werken en nu ineens worden ze verplicht werk te aanvaarden.
Argos onderzoekt hoe die werkplicht voor asielzoekers in de praktijk zal uitpakken. Wordt het een dubbelslag: een zegen voor de Nederlandse economie én voor de asielzoekers? Of ontstaat er een aparte arbeidsreserve van goedkope, kneedbare en overal inzetbare werknemers zonder perspectief? En: hoe zijn de ervaringen in het buitenland?

Tekst 2
Verslaggeefster Karin Alberts ging deze week op bezoek op het bedrijf van fruitteler Henk van den Berg in het Betuwse dorp Haaften. Negentien asielzoekers zijn daar nu aan werk in de tweede pluk van de Elstar-appels. Sinds vorig jaar is het asielzoekers namelijk toegestaan een heel klein beetje te werken: twaalf weken per jaar mogen ze seizoensarbeid verrichten. Op plekken waar een groot tekort aan arbeidskrachten is. Het begon in de fruitteelt en afgelopen zomer mocht het ook in de horeca.
Maar nu gaat het roer helemaal om. Minister De Vries van Sociale Zaken maakte dat op 6 september bekend bij de opening van het Academisch Jaar aan de Katholieke Universiteit Brabant in Tilburg:

Tekst 3
Minister De Vries van Sociale Zaken in het Radio-1 Journaal, ondervraagd door Ab Pilgram. Wat De Vries in dit gesprek niet zei, maar wat wel degelijk in zijn toespraak zat, was dat asielzoekers niet alleen mógen gaan werken, maar zelfs verplícht moeten worden om aan het werk te gaan.
Hans de Boer, voorzitter van MKB-Nederland, de organisatie van het Midden- en Klein-Bedrijf, was er als de kippen bij om op deze nieuwe ontwikkeling in te springen.

Tekst 4
Niet alleen de werkgevers van het Midden- en Kleinbedrijf reageerden enthousiast. Ook in de Tweede Kamer werd het plan om asielzoekers te laten werken in brede kring positief ontvangen. Alleen woordvoerder Kamp van de VVD zag in de praktijk grote problemen

Tekst 5
Woordvoerder Kamp van regeringspartij VVD. Hij was ook tegen omdat het plan van minister De Vries een aanzuigende werking zou hebben. Maar minister De Vries staat niet alleen. Zijn plan is een plan van het héle kabinet en is tot stand gekomen in overleg met staatssecretaris Cohen van Justitie. Die verdedigde het plan tegenover de bezwaren van VVD-er Kamp.

Tekst 6
Staatssecretaris Cohen van Justitie.
Cohen is overigens uitdrukkelijk niet van plan een gewoon Cao-loon te laten betalen door de werkgever die de asielzoeker in dienst neemt. De rechtspositie van werkende asielzoekers zou volgens Cohen moeten worden verankerd in een uitgeklede en aangepaste CAO, een asiel-CAO. Om te voorkomen dat een asielzoeker bijvoorbeeld aanspraak zou kunnen maken op een uitkering nadat hij hier heeft gewerkt. Minister De Vries en staatssecretaris Cohen zijn de plannen nu gezamenlijk aan het uitwerken. Wat voor regeling er in de maak is, valt af te leiden uit een plan dat het COA, het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers, inmiddels heeft gepubliceerd. De asielzoekers moeten kiezen uit drie contracten: een standaardcontract voor hen die werk in of om het asielzoekerscentrum willen doen; een pluscontract voor hen die buiten het centrum voor een werkgever aan de slag gaan, en een mincontract voor hen die niets willen.

Tekst 7
Fruitteler Van Loenen is tevreden over de asielzoekers die op dit moment op zijn bedrijf werken. Die doen dat op grond van de nu al bestaande regeling voor seizoensarbeid. Toen die vorig jaar van kracht werd, was dat voor de Vereniging Vluchtelingenwerk Nederland het signaal om voor zoveelste keer aan te dringen op veel verdergaande initiatieven. Dat vertelt Eduard Nazarski, waarnemend voorzitter van Vluchtelingenwerk Nederland.

Tekst 8
Cees Groenendijk is hoogleraar rechtssociologie aan de universiteit van Nijmegen en onderzoekt al jaren het Nederlandse migratie- en asielbeleid. Een arbeidsplicht voor asielzoekers is om meerdere redenen heel opmerkelijk, vindt hij.

Tekst 9
Professor Groenendijk van de Nijmeegse universiteit.
Pieter Boeles, hoogleraar migratierecht aan de universiteiten van Leiden en Amsterdam, gaat in zijn oordeel nog verder.

Tekst 10
Hoogleraar Boeles is niet alleen om principiële redenen tegen zo’n arbeidsplicht voor asielzoekers. Hij heeft meer bezwaren.

Tekst 11
Professor immigratierecht Boeles. Als asielzoekers hier wel legaal mogen werken, waarom zou je het werk van mensen die hier al jarenlang illegaal werken, dan ook niet legaliseren, zo vraagt hij zich af.
Ook waarnemend voorzitter Nazarski van Vluchtelingenwerk Nederland vindt de plotselinge ommezwaai van arbeidsverbod naar arbeidsplicht voor asielzoekers wel wat veel van het goede.

Tekst 12
Ook hoogleraar Groenendijk zet grote vraagtekens bij zo’n arbeidsplicht.

Tekst 13
Politieke symboliek, aldus Groenendijk. Maar, voegt hij eraan toe, dat is niet het enige.

Tekst 14
Een arbeidsplicht voor asielzoekers om te voorkomen dat de lonen omhoog gaan, aldus professor Groenendijk. Een loonstijging in Nederland, waarvoor instanties zoals de Nederlandse Bank en ook het IMF de laatste tijd voortdurend waarschuwen. Asielzoekers dus als een reservoir van goedkope arbeidskrachten.
Die visie wordt nog eens ondersteund door de werkgelegenheidssituatie van erkende vluchtelingen in Nederland. Die is uiterst belabberd, vertelt waarnemend voorzitter Nazarski van de Vereniging Vluchtelingenwerk.

Tekst 15
De werkloosheid onder erkende vluchtelingen is dus hoog in Nederland. Toch zouden zij als werknemer voor werkgevers even aantrekkelijk moeten zijn als asielzoekers. Zij zijn namelijk óók asielzoekers. Alleen zijn zij nu éx-asielzoekers, die zijn erkend als vluchteling.
Dat wil zeggen dat ze een officiële vluchtelingenstatus hebben gekregen. En dat houdt ook in dat ze als werknemers op precies dezelfde manier moeten worden behandeld – en dus ook betaald - als Nederlanders .
Minister De Vries heeft overigens laten weten geen gevolg te geven de motie van VVD-Tweede Kamerlid Kamp.

MUZIEK

Tekst 16 = BREAK TEKST
U luistert naar radio 1, de VPRO, het programma ARGOS. Vandaag over arbeidsplicht. Niet die van bijstandsmoeders waarover deze week zoveel commotie ontstond. Maar over de arbeidsplicht voor asielzoekers.

In Nederland mochten asielzoekers tot voor kort niet of hoogstens in heel beperkte mate werken. Maar hoe zijn de ervaringen in het buitenland met het werken door asielzoekers? Misschien kunnen die meer aanwijzingen geven hoe dit in de praktijk uitpakt.
We beginnen in Duitsland. We bellen met de heer Weber, directeur van de ‘Flüchtlingsrat’ van de Duitse deelstaat Nedersaksen, een door de regering gesubsidieerde particuliere organisatie:

Origineel Duits: “Wie ist das denn in Deutschland, dürfen in Deutschland Asylbewerber erwerbstätig sein?” - “Es gibt ein generelles Arbeitsverbot für alle Flüchtlinge, die nach dem 17.Mai 1997 eingereist sind. Flüchtlinge also, die nach diesem Stichdatum gekommen sind, haben keinerlei Chance auf dem Arbeitsmarkt eine Arbeit zu bekommen.”

Er bestaat een algemeen arbeidsverbod voor alle vluchtelingen die na 17 mei 1997 in Duitsland zijn aangekomen. Vluchtelingen die eerder zijn gearriveerd, mogen onder bepaalde voorwaarden betaalde arbeid verrichten. De voornaamste voorwaarde is dat voor de betreffende baan geen Duitse werknemer gevonden kan worden.
Op 17 mei 1997 vaardigde de toenmalige christendemocratische minister Norbert Blüm het arbeidsverbod uit. Dit vanwege de vrees voor een golf van Albanese vluchtelingen. Die voorspelde golf van Albanezen is echter nooit gekomen. Toch is het arbeidsverbod tot op de dag van vandaag van kracht, dus ook onder de huidige rood-groene Bondsregering. Het argument nu is vooral de hoge werkloosheid.
De salarissen van asielzoekers die wel mogen werken, zijn even hoog als die van hun Duitse collega’s. Voor werkgevers zijn ze dus niet goedkoper. Maar in de praktijk werken veel asielzoekers zwart of half zwart, vooral in de horeca. Daar worden vaak schandalig lage lonen betaald. Verder is het ook zo dat de asielzoekers die wit werken, laag betaalde en zware of smerige arbeid verrichten. Werk dat Duitsers zelf niet willen doen.
Enerzijds is er het arbeidsverbod, maar anderzijds bestaat er tegelijkertijd de verplichting voor asielzoekers om bepaalde werkzaamheden te verrichten ten bate van de gemeenschap. Bijvoorbeeld als straatveger of bij de gemeentelijke plantsoenendienst. Hiervoor krijgen ze een vergoeding van gemiddeld twee gulden per uur bovenop hun zakgeld, dat zo’n 25 procent lager is dan de Duitse bijstandsnorm. Als ze dit werk weigeren, krijgen ze een strafkorting en uiteindelijk zelfs helemaal geen zakgeld meer. Het hypocriete van deze in 1993 ingevoerde verplichting is dat ze officieel tot doel heeft de asielzoeker te helpen bij het zoeken van een baan. Maar dat mag nu juist niet meer sinds het arbeidsverbod van mei 1997.
Concluderend zou ik zeggen: Vluchtelingen vormen een soort reserveleger voor de Duitse arbeidsmarkt. Bij hoge werkloosheid worden ze uitgesloten en als er arbeidskrachten nodig
zijn dan mogen ze weer opdraven.

Tekst 17
In België bellen we met mevrouw Pellens van het ‘Overlegcentrum Integratie Vluchtelingen’ in Brussel. In België mogen asielzoekers wel werken, maar ze komen nauwelijks aan de bak, vertelt Pellens. Werkgevers moeten de asielzoekers er hetzelfde betalen en onder de dezelfde voorwaarden aannemen als andere werknemers.

Tekst 18
En dan Zwitserland. Daar bellen we met de heer Levrat, woordvoerder van de Zwitserse koepelorganisatie voor vluchtelingenwerk ‘Schweizerische Flüchtlingshilfe’ te Bern.

Origineel Duits: [“Wie ist das denn in der Schweiz, dürfen Asylbewerber erwerbstätig sein?”] - “Also, grundsätzlich gilt ein dreimonatiges bis sechsmonatiges Arbeitsverbot für alle neu-einreisende Asylsuchende. Aber nach dieser Frist dürfen die Asylsucher frei eine Arbeit nehmen insofern es keinen Schweizer gibt, der diese Arbeit übernehmen könnte.”

De eerste drie á zes maanden na hun aankomst in Zwitserland mogen ze niet werken. Na deze periode mag een asielzoeker een baan aanvaarden. Voorwaarde is echter dat de werkgever voor die baan geen Zwitserse werknemer kan vinden.
Salaris en arbeidsvoorwaarden zijn voor een asielzoeker min of meer hetzelfde als voor een Zwitserse werknemer. Maar omdat het uitsluitend gaat om banen waarvoor geen Zwitserse arbeidskrachten gevonden kunnen worden, gaat het doorgaans om slecht betaalde, on-attractieve baantjes onderaan op de arbeidsmarkt, veelal in de horeca en in de landbouw. Verder moeten asielzoekers bovenop de normale inkomensbelasting tien procent van hun bruto inkomen afdragen, bedoeld voor kosten die verband houden met hun verblijf in Zwitserland en de eventuele uitzetting.
Ongeveer veertig procent van alle vluchtelingen verricht betaalde arbeid. Dit hoge percentage heeft natuurlijk te maken met de lage werkloosheid in Zwitserland.
Nu heeft de Zwitserse regering per 1 september ineens voor de komende twaalf maanden een werkverbod afgekondigd voor nieuwe asielzoekers. Dit is buiten het parlement om gegaan en de regering heeft er zelfs een speciale noodwet voor uit de kast gehaald. Achtergrond hiervan is de grote toestroom van Albanezen ten gevolge van de Kosovo-oorlog.

Tekst 19
Asielzoeker Deredje uit Ethiopië. Hij werkt op dit moment in de Betuwe op grond van de beperkte regeling voor seizoensarbeid, nu al van kracht is. Veel van het geld dat hij nu in de fruitpluk verdient moet hij afstaan aan het COA, het Centraal Orgaan Opvang Asielzoekers, dat de AZC’s, de Asielzoekerscentra, beheert.
Kort nadat minister De Vries begin september over een arbeidsplicht voor asielzoekers sprak, presenteerde COA-directeur Stovee in Tilburg het plan van de COA om aan dat werken door asielzoekers vorm te geven. Het plan dus met drie contracten: een standaardcontract voor hen die werk in of om het asielzoekerscentrum willen doen; een pluscontract voor hen die buiten het centrum voor een werkgever aan de slag gaan, en een mincontract voor hen die niets willen. Met daaraan nadrukkelijk gekoppeld: wie buiten de deur werkt krijgt geen loon, maar een extra zakgeld. Wie niet werkt wordt gekort.
Hoeveel gaat dat extra zakgeld in de praktijk bedragen, vragen we aan Werner van Bastelaar, woordvoerder van het COA.