Argos

Re-integratie arbeidsongeschikten

Argos

Re-integratie arbeidsongeschikten

Het aantal arbeidsongeschikten neemt de laatste jaren weer toe. Ondanks de ingrijpende veranderingen in de WAO een aantal jaren geleden. En ondanks de wet REA die op 1 januari 1998 is ingevoerd. In die wet wordt geregeld dat er elk jaar 150 miljoen gulden beschikbaar is voor re-integratie van arbeidsgehandicapten. Waarom lukt die re-integratie zo slecht? Hoe kan het dat zelfs in gevallen waarin de werkgever en een gedeeltelijk arbeidsgeschikte allebei graag met elkaar in zee willen, de plaatsing toch nog vaak mislukt? Argos vandaag over goede bedoelingen, stroperige procedures en logge bureaucratieën.

Argos over de tegenvallende resultaten van de wet Re-integratie Arbeidsgehandicapten (REA) die op 1 januari 1998 van kracht werd met als doel langdurige zieken en gehandicapten aan het werk te helpen.
Vraaggesprekken met:
- Jolanda Bekker, een reumapatiënte die via de wet REA geprobeerd heeft terug te keren in het arbeidsproces;
- Wim Klaassen, directeur van Quest Consult, een adviesbureau op het gebied van ontwikkelingssamenwerking waar Jolanda Bekker een proefplaatsing kreeg;
- Aad Hendriks, onderzoeker bij Zorgonderzoek Nederland (ZON) in Den Haag;
- Luc Hoeks, woordvoerder van het Jopla, een platform van jongeren met een handicap;
- Sacha Goedbloed, directeur van het uitzendbureau Start Kans dat gespecialiseerd is in het zoeken naar werk voor mensen met zwaar lichamelijke handicaps, psychiatrische klachten of chronische ziekten;
- Marcel Kieviet, adjunct-directeur van het Landelijk Instituut Sociale Verzekering (LISV), de instelling die toezicht houdt op de uitvoering van de sociale verzekeringswet (telefonisch).
Onderwerpen van gesprek zijn: de poging van Bekker om via de wet REA terug te keren in het arbeidsproces; de tegenwerking die ze hierbij ondervond van haar uitkeringsinstantie UZO; de onduidelijkheden en beperkingen van de wet REA, die geen rekening houdt met het feit dat lichamelijk gehandicapten in Nederland structureel zijn achtergesteld op mensen zonder handicap; de succesvolle werkwijze van uitzendbureau Start Kans bij de bemiddeling van mensen met een handicap; de tegenwerking die uitzendbureau Start Kans ondervindt van uitkeringsinstanties als het GAK en Arbeidsintegratie; de vele kritiek op de trage en inefficiënte werking van de uitkeringsinstellingen; de reactie van het LISV op deze kritiek.
Bevat verder een verslag van een bezoek aan de Stichting WAO-belangen in Eindhoven die informatie verstrekt aan mensen in de WAO, waarin een vraaggesprek met medewerkster Francine Ketelaars over het spreekuur dat de stichting verzorgt voor mensen in de WAO en de grote onduidelijkheid over de WAO.
Aansluitend leest presentator Jan Donkers een fragment voor uit een fax van de UZO, waarin deze uitkeringsinstantie reageert op een bezwaarschrift van Bekker.


---------
Inleidende teksten, misschien niet volledig:

Tekst 1
Het gaat erom dat ondernemers hun maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen, aldus toenmalig minister van Sociale Zaken Klaas de Vries. De Vries doelde daarbij op de wet REA. Dat is een nieuwe wet die mensen met een langdurige ziekte of een handicap weer aan het werk moet helpen. De minister benadrukte dat niets werkgevers nog in de weg staat om voortaan arbeidsongeschikten aan te nemen. Toch blijkt twee jaar na de invoering van de nieuwe wet dat de resultaten tegenvallen.
Waarom lukt die re-integratie zo slecht?
Hoe kan het dat zelfs in gevallen waarin een werkgever en een arbeidsongeschikte graag met elkaar in zee gaan, de plaatsing toch vaak mislukt?
Argos vandaag over goede bedoelingen, stroperige procedures en logge bureaucratieën.

Tekst 2
Francine Ketelaars van de Stichting WAO-belangen in Eindhoven.

Eén van de Ruim 900.000 WAO-ers die Nederland op dit moment telt is Jolanda Bekker Zij werkte als opbouwwerker in de Haagse Schilderswijk. Toen ze reuma en suikerziekte kreeg moest ze stoppen met werken. Tijdelijk, dacht ze.

Tekst 3
Tot haar eigen ontzetting dreigde Jolanda Bekker eind 1997 in de WAO terecht te komen. Dit terwijl ze volop bezig was met het zoeken naar aangepast werk. De verschillende Arboartsen waar ze in dat eerste jaar mee te maken had, hielpen haar daar niet bij. Sterker nog, één van hen verbood haar zelfs te gaan werken.
Bekker besloot vrijwilligerswerk te gaan doen, maar liever wilde ze betaald aan de slag.

Tekst 4
Pas nadat Jolanda Bekker, begin 1998, in de WAO zat en haar arbeidsongeschiktheidspercentage was vastgesteld, kon ze op zoek naar betaald werk.
Jolanda Bekker ging hard aan de slag en solliciteerde op parttime banen. Ze kon nog immers voor zo’n 40 procent werken, volgens de keuringsarts. Veel werkgevers schrokken terug voor haar WAO-achtergrond. Na anderhalf jaar vond ze een werkgever die het met haar aandurfde, Quest Consult in Wamel. Een klein adviesbureau op het gebied van ontwikkelingssamenwerking. Bekker had een aantal jaren ontwikkelingswerk gedaan in Afrika en die werkervaring telde voor Wim Klaassen van Quest Consult zwaarder dan de beperkingen vanwege haar ziekten. Het ging om een reguliere baan. Maar Jolanda Bekker stelde voor om gebruik te maken van de mogelijkheden van de wet Re-integratie Arbeidsgehandicapten.

Tekst 5
Wim Klaassen, Bekkers nieuwe werkgever, had nog nooit met de wet REA, de wet Re-integratie Arbeidsgehandicapten te maken gehad. Daarom was hij blij dat hij bezoek kreeg van een consulent van Arbeidsintegratie, de instantie die de re-integratie van WAO-ers begeleidt. Deze consulent zou hem wegwijs maken in de ingewikkelde regelgeving, dacht Klaassen.

Tekst 6
Wim Klaassen, directeur van Quest Consult. Jolanda Bekker begint in augustus 1999 met haar werk, terwijl daar officieel nog geen toestemming voor was van de uitkerende instantie, het USZO. Maar uit het gesprek met de consulent leidden zowel Bekker als Klaassen af, dat die toestemming slechts een formaliteit was.
Toen beging Klaassen een fout met – naar later bleek – verstrekkende consequenties.

Tekst 7
De USZO, de instantie die Bekkers WAO-uitkering betaalt, liet weten dat haar werk bij Quest Consult niet gezien werd als een proefplaatsing. De overeenkomst tussen Quest Consult en Bekker wordt uitgelegd als een arbeidscontract. De werkgever moet dus gewoon salaris betalen, oordeelt het USZO.
Intussen was ook duidelijk geworden dat het werk voor Jolanda Bekker fysiek te zwaar was. Na vijf weken werken bij Quest, meldde ze zich ziek. Wim Klaassen zag het niet meer zitten met zijn herintredende WAO-er en het bijbehorende gesteggel met de uitkerende instantie. Hij besloot de proefplaatsing te beëindigen. Jolanda Bekker is haar baan kwijt en kreeg een korting van 30% op haar WAO-uitkering.

Tekst 8
Bekker is in december vorig jaar in beroep gegaan tegen de korting op de uitkering. Daar heeft ze tot op de dag van vandaag geen reactie op gekregen, terwijl wettelijk is vastgelegd dat de USZO binnen zes weken op zo’n bezwaarschrift moet reageren.

Tekst 9
Directeur Wim Klaassen reageert gedecideerd op de vraag of hij nogmaals met een herintredende WAO’er in zee zou gaan

Tekst 10
Aart Hendriks is onderzoeker bij Zorgonderzoek Nederland in Den Haag. Hendriks is onlangs gepromoveerd op een onderzoek naar de kansen op een baan van mensen met een handicap. We vroegen hem of de nieuwe wet Re-integratie Arbeidsgehandicapten voldoende is om gehandicapten een gelijke plaats op de arbeidsmarkt te geven.

Tekst 11
Onderzoeker Aart Hendriks. Volgens hem helpt de wet REA wel maar gaat hij voorbij aan het échte probleem, namelijk dat gehandicapten in Nederland structureel achtergesteld zijn bij mensen zonder handicap.
Maar ook op de wet REA zelf, en vooral op de instanties die die wet moeten uitvoeren, is veel kritiek. Vorig jaar heeft het Jopla, het platform van jongeren met een handicap, een klachtenlijn opengesteld waar gehandicapte jongeren die op zoek zijn naar werk hun problemen kwijt kunnen. Er kwamen veel klachten binnen over de uitvoering van de regeling, vertelt Luc Hoeks.

Tekst 12
Luc Hoeks van het platform van jongeren met een handicap.
Sasja Goedbloed is directeur van uitzendbureau Start/Kans. Dat bureau is gespecialiseerd in het zoeken naar werk voor mensen met zware lichamelijke handicaps, psychiatrische klachten of chronische ziekten. Mensen die alleen met hele intensieve begeleiding aan werk geholpen kunnen worden en daarom door de reguliere arbeidsbemiddeling als ‘onbemiddelbaar’ worden beschouwd. Maar ‘onbemiddelbaar’ is een woord waar Sacha Goedbloed niet van wil horen.
Goedbloed gaat uit van de kwaliteiten en mogelijkheden van de werkzoekenden.

Tekst 13
Directeur Sasja Goedbloed van uitzendbureau Start/Kans. Zij heeft de afgelopen jaren 1250 mensen aan het werk geholpen, maar zoals ze zegt, meestal niet bij de overheid. Goedbloed heeft ernstige kritiek op de uitvoeringsinstellingen via welke Goedbloed aan haar cliënten komt.

Tekst 14
Sacha Goedbloed wil wel mensen met een handicap aan werk helpen, en dat lukt haar ook. Maar het zou nog beter lukken als ze daarbij niet werd tegengewerkt door instanties als GAK en Arbeidsintegratie. Instanties die er nu juist zijn om deze mensen aan werk te helpen.
Ook Luc Hoeks van het platform van jongeren met een handicap kent de stroperigheid van de uitkeringsbureaucratie.

Tekst 15
Luc Hoeks van platform van jongeren met een handicap. Onderzoeker Aart Hendriks deelt die kritiek op de uitvoeringsinstellingen, de UVI’s, die de laatste jaren in een soort permanente stroom van reorganisaties terecht gekomen zijn. In zijn promotieonderzoek stuitte hij op een vreemd aspect in de uitvoeringsbureaucratie.

Tekst 16
We leggen de kritiek op de uitvoeringsinstellingen voor aan Marcel Kievit. Hij is adjunct-directeur bij de LISV, de instelling die toezicht houdt op de uitvoering van de sociale zekerheidswetten. Re-integratie van arbeidsgehandicapten valt onder zijn verantwoordelijkheid. Dat die re-integratie moeilijk verloopt is Kievit bekend.

Tekst 17
Permanente reorganisaties en het vertrek van goed gekwalificeerd personeel plaatsen de uitvoeringsinstellingen voor grote problemen. Dat geeft Marcel Kievit adjunct-directeur van de LISV, grif toe.. Maar het kan toch niet zó erg zijn dat de instellingen niet eens op tijd zijn met het verstrekken van dossiers over hun cliënten, een klacht die u hoorde van directeur Sacha Goedbloed van het uitzendbureau START/KANS. We leggen het probleem van Goedbloed voor aan Marcel Kievit.