Argos

Ballast Nedam, Nederlandse Bouwer In Den Vreemde

Argos

Ballast Nedam, Nederlandse Bouwer In Den Vreemde

Minister Van Aartsen van Buitenlandse Zaken bracht deze week een bezoek aan Suriname. Twee weken geleden ging minister Herfkens van Ontwikkelingssamenwerking hem voor. Herfkens haalde toen fel uit naar het Nederlandse bedrijf Ballast Nedam, de bouwer van de inmiddels beruchte 'Jules Wijdenbosch'- brug'. Een project dat groot beslag legt op de financiële middelen van Suriname. Het Nederlandse concern zou 'geen verantwoord ondernemerschap' aan de dag hebben gelegd bij de aanvaarding van deze bouwopdracht. Ballast Nedam wees de beschuldiging van de hand en eiste dat de nog uitstaande rekeningen worden betaald uit het ontwikkelingsgeld dat Herfkens geeft aan Suriname. Argos onderzoekt een aantal andere grote bouwprojecten van Ballast Nedam in den vreemde. Er zijn vaker problemen waarvoor het concern bij de regering moet aankloppen.

----------
Argos over de wijze waarop het bouwconcern Ballast Nedam in het buitenland opereert. Dit naar naar aanleiding van een twist tussen minister Herfkens voor Ontwikkelingssamenwerking en Ballast Nedam over de vraag of het Ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking de nog openstaande rekeningen moet betalen voor de 'Jules Wijdenbosch-brug' die Ballast Nedam in opdracht van Suriname heeft gebouwd.
Aan de hand van Historische geluidsfragmenten, radiofragmenten en Tv-fragmenten wordt een beeld geschetst van de internationale activiteiten en problemen van Ballast Nedam.
Aan het woord komen: Jos Bolt, woordvoerder van Ballast Nedam; minister Herfkens voor Ontwikkelingssamenwerking; Martin Weck, lid van de Raad van Bestuur van Ballast Nedam; Hans Prade, oud-voorzitter van de Surinaamse Rekenkamer; Jan Pronk, oud-minister voor Ontwikkelingssamenwerking; Hans van Mierlo, voormalige minister van Buitenlandse Zaken; en Gerrit de Boer, correspondent in Indonesië.
Aan de orde komt: de financiering van de 'Jules Wijdenbosch-brug' in Suriname uit de opbrengsten van de Surinaamse export van bauxiet; het verwijt van minister Herfkens voor Ontwikkelingssamenwerking dat Ballast Nedam een onverantwoord ondernemerschap voert; de omstreden betrokkenheid van Ballast Nedam bij een militair bouwproject in India; de problemen rond projecten van Ballast Nedam in Indonesië en Saudi-Arabië.
Aansluitend een vraaggesprek met Remco van Kampen (?), vicepresident van het advies- en ingenieursbedrijf DHV, die het beleid van zijn bedrijf ten aanzien van internationale bouwopdrachten toelicht.

------------
Inleidende teksten, waarschijnlijk niet compleet:

Tekst 1
De ‘Jules Wijdenbosch’-brug over de Surinamerivier in Suriname, vernoemd naar de vorige president van Suriname, Jules Wijdenbosch. De brug, die de nieuwe Surinaamse regering onder president Venetiaan met een enorme financiële last heeft opgezadeld, terwijl het land bijna bankroet is.
De brug is onderwerp geworden van een fel dispuut tussen minister Herfkens van Ontwikkelingssamenwerking en het Nederlandse bouwconcern Ballast Nedam.
Ballast Nedam wil zijn centen zien. En als Suriname niet kan betalen, moet de Nederlandse overheid maar bijspringen. Dat kan nu mooi. De relatie tussen Nederland en Suriname is immers hersteld. Minister Herfkens noemde die opstelling van Ballast Nedam twee weken geleden tijdens haar bezoek aan Suriname “geen verantwoord ondernemerschap”.
Het is niet de eerste keer dat Ballast Nedam de Nederlandse te hulp roept, als er problemen zijn ontstaan met r projecten in het buitenland. We bekijken daarom vandaag een aantal van die buitenlandse avonturen van Ballast Nedam.
Argos over een Nederlandse bouwer in den vreemde.
Tekst 2
In mei van dit jaar, een paar dagen voor de Surinaamse verkiezingen, opende de toenmalige president Wijdenbosch de brug over de Surinamerivier. Eerder was er al een andere brug geopend, over de Coppenamerivier. Ook gebouwd door Ballast Nedam. Totale kosten 180 miljoen. En die wil het bedrijf gewoon betaald krijgen. Daarvoor is met de vorige Surinaamse regering een heel bijzondere regeling getroffen. Suriname betaalt namelijk met de opbrengsten van ’s lands belangrijkste exportproduct, bauxiet, zo legde woordvoerder Jos Bolt van Ballast Nedam twee weken geleden nog eens uit in het Radio1-Journaal:

Tekst 3
Harde contracten. Ballast-woordvoerder Bolt stelt het nog eufemistisch. Vanaf november mag 70 procent van de winst van de bauxietmijnen dan naar de Surinaamse regering gaan. Dat betekent wel dat sinds een jaar 30 procent van de bauxietinkomsten van het straatarme Suriname rechtstreeks in de kas van Ballast Nedam vloeit. En dat duurt nog tot eind 2003. En dit jaar wordt daarbovenop nog eens 20 procent in een reservefonds gestort. Volgens critici is er een rechtstreeks verband tussen de instorting van het onderwijs en de gezondheidszorg onder Wijdenbosch en deze voor Surinaamse begrippen gigantische bedragen die naar Ballast Nedam gaan. En ook zouden er bij de aanbesteding van het project onregelmatigheden zijn gebeurd.
Dat is de reden waarom minister Herfkens twee weken geleden sprak over “geen verantwoord ondernemerschap”. Zeker nadat voorzitter Kottman van de Raad van Bestuur van Ballast Nedam in september in de pers had laten weten dat anders de resterende 50 miljoen maar uit Nederlandse ontwikkelingshulp moet worden betaald.

Tekst 4
Het bedrijf reageerde als de gebeten hond op Herfkens beschuldigingen.
Woordvoerder Jos Bolt in het radio 1-Journaal:

Tekst 5
We deden gewoon zaken met een normale, wettige regering, vindt het bedrijf. “Wij gaan niet over de politieke wenselijkheid van de bruggen”, aldus bestuursvoorzitter Kottman van Ballast Nedam in de Volkskrant. “Dat zou betuttelend zijn. Ballast Nedam wil geen inzicht in het huishoudboekje van Suriname. De Surinamers hebben Wijdenbosch zelf gekozen. Hij is verantwoordelijk voor de bestedingen.”
Maar de kritiek richt zich vooral op het feit dat het bedrijf dondersgoed wist of had moeten weten waaraan het begon. Welke financiële risico’s het project liep. Hoe armlastig Suriname was.
Zo verklaarde een lid van de Raad van Bestuur van Ballast Nedam in april 1998 in het tv-programma NOVA:

Tekst 6
Maar tegelijkertijd verklaarde hij ook dat Ballast Nedam met Suriname een speciale betalingsregeling had getroffen voor het project. Suriname moest een deel van het bedrag namelijk aanbetalen:

Tekst 7
Ook was al langer bekend dat de Surinaamse Rekenkamer bezwaren had tegen de gang van zaken. Daarover verklaarde de oud-voorzitter van die Rekenkamer, Hans Prade, in diezelfde NOVA-uitzending in april 1998:

Tekst 8
Ook was al veel langer duidelijk dat er wat de bruggen betreft niets te verwachten viel van de Nederlandse regering. In april 1998 zei de toenmalige minister van Ontwikkelingshulp Pronk bijvoorbeeld over het besluit van de Surinaamse regering om de twee bruggen te bouwen:

Tekst 9
Pronk was eerder dat jaar benaderd om de Nederlandse ontwikkelingsgelden waarop Suriname nog recht had, maar die vanwege de verbreking van de relaties waren bevroren, aan te wenden voor de bouw van de bruggen.

Tekst 10
Het was dus al veel langer duidelijk dat Suriname de bruggen geheel uit eigen middelen zou moeten betalen. En dat dat een grote aanslag op de Surinaamse begroting zou betekenen. Ballast Nedam reageerde daar als volgt op:

Tekst 11
De toenmalige Nederlandse minister van Buitenlandse Zaken Van Mierlo in mei 1998. India en Pakistan schokten de wereld toen met een reeks ondergrondse kernproeven. Eens te meer werd duidelijk hoe explosief de situatie in deze regio was. Daarom reageerde Nederland met een wapenembargo tegen Pakistan en aartsrivaal India. Hoezeer dat op zijn plaats was, bleek toen in mei 1999 ook nog eens het onderlinge conflict om Kasjmir weer in alle hevigheid oplaaide.

Tekst 12
Op het nippertje werd het uiteindelijk geen totale oorlog tussen de beide landen. Alle reden om het wapenembargo tegen Pakistan en India te handhaven.
Ook in dit ‘spanningsgebied bij uitstek’ is Ballast Nedam actief. Actief op militair terrein. Wapenembargo of niet.
Dat vertelde in onze uitzending van 15 oktober 1999 Frank Slijper, India-kenner en onderzoeker van Nederlandse militaire exporten:

Tekst 13
Woordvoerster De Geus van Ballast Nedam zag in oktober vorig jaar in dat wapenembargo geen enkel beletsel om de militairen opdracht in India uit te voeren. Dat hebben we ook van te voren gecheckt, vertelde ze:

Tekst 14
Zo totáál probleemloos als Ballast Nedam ertegenaan keek, lag het vorig jaar voor het ministerie van Buitenlandse Zaken niet. In tegenstelling tot wat Ballast Nedam-woordvoerster De Geus beweerde, was er ook geen contact geweest tussen het bedrijf en het ministerie over deze zaak. Althans dat zei toen woordvoerder Lekkerkerker van Buitenlandse Zaken, wiens reactie als volgt letterlijk werd weergegeven.

Tekst 15
Indonesië, een ander conflicthaard in Zuid-Azië. Een land, waar na het terzijdeschuiven van Soeharto en zijn opvolger Habibie de interne strubbelingen, de gewelddadigheden en grote onrust steeds weer oplaaiden. Ook daar opereert Ballast Nedam. En ook daar ontstonden er grote problemen waaronder financiële, bij het project van Ballast Nedam. En ook in dit geval deed het bedrijf een beroep op de Nederlandse regering voor hulp.
Na een eerder succesvol baggerproject in Indonesië begon Ballast Nedam in juli 1999 opnieuw met het zuigen van zand in de Indonesische kustwateren, vertelt Indonesië-correspondent Gerrit de Boer. Het zand is bestemd voor de uitbreiding van een vliegveld, niet in Indonesië maar in Singapore.

Tekst 15-A
Er is beslag gelegd op het schip en de kapitein zou ook vast moeten zitten. Maar zowel schip als kapitein wisten te ontkomen naar Singapore.
De zaak dient binnenkort in Indonesië in hoger beroep.

Tekst 16 = BREAKTEKST
U luistert naar Radio 1, de VPRO, het programma Argos. Vandaag over Ballast Nedam en de manier waarop dit Nederlandse bouwconcern in het buitenland opereert.

Tekst 17
Ook in het Midden-Oosten, meer nog dan andere regio’s een permanent spanningsgebied, is Ballast Nedam al jarenlang actief. En dan vooral in Saoedi-Arabië, het belangrijkste olieland in het Midden-Oosten. En ook hier op de militaire markt.
Zo zaten er werknemers van Ballast Nedam in Saoedi-Arabië ten tijde van de Golfoorlog aan het begin van de jaren ‘90, toen het land uitvalsbasis was voor de troepenmacht van de westerse landen in hun strijd tegen Irak. Ook in Saoedi-Arabië is Ballast Nedam in grote financiële problemen gekomen met haar projecten, vertelt Frank Slijper, onderzoeker van Nederlandse militaire exporten.

Tekst 18
De problemen in Saoedi-Arabië en in Indonesië zijn de belangrijkste oorzaken voor de tegenvallende resultaten van het concern, zo maakte Ballast Nedam afgelopen juli tijdens de presentatie van de halfjaarcijfers bekend. Het bedrijf moest zijn winstverwachting flink naar beneden bijstellen.
We vroegen deze week een gesprek aan met de leiding van Ballast Nedam. Woordvoerder Nel de Geus reageerde, na overleg met voorzitter van de Raad van Bestuur Kottman, negatief:

“Wij kunnen op dit moment helaas niet meewerken aan uw uitzending. Wij zijn namelijk net in onderhandeling met het ministerie over de betaling van die brug in Suriname en willen niet opnieuw olie op het vuur gooien.”
- Aha, u bent toch in onderhandeling met het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking?”
“Het is niet aan ons om daar nu iets over te zeggen. Ik kan er echt niet op ingaan, het spijt me.” Aldus woordvoerder De Geus van Ballast Nedam.
Als we het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking om een reactie vragen zegt woordvoerder Hans Janssen: “Er wordt op dit moment zeker niet door het ministerie onderhandeld met Ballast Nedam. Er is geen sprake van dat verdragsmiddelen, die wij nu aan Suriname ter beschikking stellen, gebruikt zouden kunnen worden voor de afbetaling van die brug.”
- Zou Ballast Nedam dan in onderhandeling kunnen zijn met het Ministerie van Economische Zaken?”, zo vragen we.
“Daar weten wij niets van.”, aldus Janssen.
Op het ministerie van Economische Zaken zegt woordvoerder M. Wester: “U moet met uw vragen over die brug in Suriname bij het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking zijn.”