Het Spoor Terug

De afrekening 5, Kinderen van landverraders

Het Spoor Terug

De afrekening 5, Kinderen van landverraders

Vijfde deel van een serie van elf documentaires over de afrekening met vermeende en daadwerkelijke collaborateurs na de Tweede Wereldoorlog. Centraal staan de kinderen van 'foute' Nederlanders, het sadisme van bewakers van interneringskampen en tehuizen, de slechte behandeling, het sociaal isolement en de rechtspraak. Aan het woord komen die kinderen en heropvoedsters.

Beschrijving
0'00" Aankondiging door omroeper van dienst Cor Galis. Programmatune inclusief quotes. Inleiding door presentator Arie Kleijwegt over de inrichting van kindertehuizen voor kinderen van 'foute' Nederlanders. Pres. vertelt dat sectie 14 van het Militair Gezag wordt belast met jeugdzorg.
na 4'24" Rixt vertelt dat ze in 1944 zestien jaar oud was en haar vader NSB-er was. Ze vluchtte in augustus 1944 met een vriendin naar Duitsland. Pres. met tekst over de 12-jarige Paulina die samen met haar ouders werd opgepakt. In het interneringskamp zag zij haar vader zelden.
na 6'14" Paulina herinnert zich één sadistische bewaker, die haar op de mouw spelde dat haar vader gefusilleerd zou worden, nog levendig. Hij sloeg en schopte bovendien op gruwelijke wijze een hondje van een geïnterneerde dood. Pres. met tekst over de reis van Rixt en Gerda, haar vriendin, naar Berlijn.
na 11'09" Rixt vertelt over hun verblijf in Berlijn, dat door een bombardement getroffen werd. De twee besloten Berlijn te verlaten. Pres. met tekst over Piet die samen met zijn ouders vluchtte, na de bevrijding terugkeerde en werd geïnterneerd.
na 14'41" Piet spreekt over de vernederingen en de slechte behandeling in het kamp. De geïnterneerden moesten gras 'maaien' door het af te bijten en uit te spugen. Ze aten bladeren van paardenbloemen en de helft van de mensen had hongeroedeem. Piet vertelt over één gezin waarvan vijf kinderen omkwamen. Pres. met tekst over de reis van Rixt en Gerda naar Midden Duitsland. Rixt vertelt over haar ontmoeting met een Nederlands meisje dat haar kleren geeft in een school waar voornamelijk vluchtelingen uit het oosten gehuisvest waren.
na 20'41" Karin vertelt over haar internering in de stad Groningen en de opsplitsing van het gezin. Ze spreekt over het stille afscheid dat de kinderen van hun moeder moesten nemen op het schoolplein waar ze gevangen zaten. Karin zegt: "Dus waar de bevrijding begon, begon voor ons de oorlog, zeg ik altijd." Pres. met tekst over de omzwervingen van Rixt en haar vriendin. Ze gaan in Zelle op een boerderij werken.
na 24'40" Rixt vertelt over de eerste contacten met de Amerikanen en de gevechten in de omgeving. Pres. vertelt over de terugkeer van Rixt naar Nederland. Ze is niet welkom bij haar grootmoeder en komt terecht in verschillende gereformeerde pleeggezinnen. Muziek. Pres. vertelt over de scheiding van Piet van zijn ouders en zijn plaatsing in kindertehuizen.
na 29'45" Piet spreekt over zijn verblijf in een klooster dat als tehuis dienst deed. De kinderen werden vaak geslagen, vooral door de muziekleraar. Zijn goede relatie met de praeses van het klooster behoedt hem soms voor erger. Piet vertelt over twee paters die kinderen seksueel misbruikten in ruil voor een betere behandeling. Pres. met tekst over het Bureau Bijzondere Jeugdzorg (BBJ) en met introductie van twee opvoedsters in het heropvoedingskamp voor meisjes De Tweesprong in Zandvoort.
na 33'47" Meta en Pam vertellen over de slechte omstandigheden, het gebrek aan organisatie, het kerkbezoek en het sociale isolement van de meisjes. De dood van Mussert sloeg als een bom in bij de meisjes. Pres. met tekst over sommige kinderen die voor tribunalen verschenen.
na 38'17" Meta vertelt over haar begeleiding van een meisje naar het tribunaal in Arnhem en het hoger beroep tegen de veroordeling. Een actrice leest een brief van het veroordeelde meisje aan Meta voor. Pres. met tekst over Karin die in een kindertehuis verbleef zonder haar moeder en broertjes.
na 42'29" Karin spreekt over haar verblijf in het tehuis en de hekel die ze had aan de bewaaksters. Ze vertelt over haar bezoek aan haar moeder die haar waste en schone kleren gaf. Terug in het tehuis pakten de bewaaksters haar nieuwe kleren af. Karin werd kort daarna ziek. Pres. introduceert Joop, wiens vader politieagent was. Zijn vader werd geïnterneerd, zijn moeder, zus en hijzelf bleven in hun eigen huis.
na 47'54" Joop vertelt over hun 'opsluiting' in het huis en de mensen die naar binnen keken. Hij spreekt geëmotioneerd over het eerste bezoek aan zijn gebroken vader: "En het is nooit meer de vader geweest die ik gekend heb, nooit meer."
na 52'05" Karin spreekt over haar vrijlating. Ze had schurft, maar ze had haar haar nog, wat heel belangrijk voor haar was. Na een jaar ging ze met haar moeder in een appartementje wonen. Ze verkeerden in een sociaal isolement. Karin werd mishandeld en seksueel misbruikt door buurtkinderen zonder dat er iemand ingreep.
na 54'56"Afsluiting door pres. Muziek.

Logboek Kinderen van landverraders 31 jan.
Na de bevrijding verdwijnen meer dan 120.000 landverraders achter de tralies. Wat er met hun kinderen dient te gebeuren is onduidelijk. In sommige gevallen gaan ze met hun ouders mee; anderen worden door familie of buren opgevangen en weer anderen slaan aan het zwerven.
Als generaal Kruls van het militair gezag in oktober 1944 verklaart dat vermeden moet worden dat ook kinderen in de kampen geïnterneerd worden, wordt de bijzondere jeugdzorg opgericht. Die moet de al bestaande kindertehuizen gaan leiden en nieuwe inrichten. Maar er is een groot tekort aan bedden, lakens, kleding, voedsel en keukengerei.
Over de lotgevallen van de kinderen en die moeizame start van de bijzondere jeugdzorg vertellen pupillen en ‘opvoedsters'.
Aan het woord komen:
Rixt - als zestienjarige alleen op zwerftocht in Duitsland na dolle dinsdag
Paulina - komt als 12- jarige met haar ouders in een interneringskamp terecht in de eerste chaotische periode na de bevrijding.
Piet - ook 12 jaar, komt ook in een kamp terecht. Daarna volgen vele kindertehuizen.
Karin - zat als vijfjarige eerst in een kamp, moest toen afscheid nemen van haar broertjes en moeder én ging naar een kindertehuis.
Petri en van Hesteren - waren in november 1945 'opvoedsters' in heropvoedingstehuis voor jonge meisjes De Tweesprong in Zandvoort
Joop - Zoon van een politieman die vertelt hoe hij met zijn moeder en zus na de oorlog in grote angst en isolement leefde, (kwam eerder al aan het woord in de uitzending van 10-1-1988 over Bijltjesdag)

Inleidende teksten:
Tekst 1
Na de bevrijding verdwijnen meer dan 120.000 landverraders achter slot en grendel. In de chaos die er heerst worden ook kinderen meegenomen naar de kampen die vaak absoluut niet voor internering geschikt zijn. De mensen slapen op stro, ze kunnen zich niet wassen en er is in die beginperiode nauwelijks te eten.
Over de kinderen van foute Nederlanders gaat het Spoor vandaag in de vijfde aflevering van een serie over de Afrekening, waarin ooggetuigen vertellen hoe Nederland met de oorlog afrekende.
In oktober 1944 gelast generaal Kruls, opperbevelhebber van het Militair Gezag, dat er geen kinderen in bewaring mogen worden gesteld, tenzij hun individuele daden daartoe aanleiding zouden geven.
Het zuiden is dan al bevrijd en het valt niet na te gaan hoeveel kinderen in kampen verblijven. Om de eerste nood te lenigen worden her en der kindertehuizen ingericht, vaak zonder verwarming, bedden, servies en andere dagelijkse benodigdheden.
In februari 1945 wordt sectie XIV van het militair gezag belast met de jeugdzorg. Die afdeling moet de kinderen die in kampen vastzitten of stuurloos rondzwerven registreren en onderbrengen.
Rixt is zestien. Haar vader is lid van de NSB geweest en zij ging regelmatig naar de Jeugdstorm. Als het einde van de oorlog september 1944 in zicht lijkt, besluit ze te vluchten.
Tekst 2
In een Drents dorp wordt de 12 jarige Paulina samen met haar ouders opgepakt en in de plaatselijke school gevangen gezet. Er zijn niet veel andere kinderen en eigenlijk trekt ze alleen met haar moeder op. Haar vader zit in een ander gebouw. Heel af en toe maar ziet ze hem bij het eten.
Tekst 3
Het is februari 1945. Rixt is met haar vriendin Gerda nog steeds aan het zwerven in Duitsland. Ze zitten helemaal in het oosten aan de Oder, waar ze te werk zijn gesteld in een wapenfabriek. Het Russische front nadert en veel boerenmeisjes maken dat ze wegkomen voor de Russische soldaten.
vervolg tekst 3
Ook voor Rixt en Gerda is het raadzaam weg te gaan. Met een trein vol gewonde Duitse frontsoldaten reizen ze naar Berlijn. Op het eerste station in Oost-Berlijn raakt Rixt haar deken kwijt. De meisjes reizen door naar het centrum, naar de Friedrich strasse, waar ze met andere vluchtelingen in een school worden ondergebracht .
Tekst 4
Als zijn ouders na dolle dinsdag naar Duitsland vluchten is Piet 12. Bij hun terugkomst in Nederland worden ze opgepakt en in een Groningse boerderij geïnterneerd.
Het is vlak na de bevrijding. De gemoederen zijn zeer verhit en de vijf jaar lang opgekropte woede barst los. De gevangenen worden, volgens Piet, voortdurend getreiterd.
Tekst 5
Berlijn staat in brand. De nu 17-jarige Rixt vertrekt eindelijk met de trein naar het westen. Celle in midden-Duitsland is de volgende etappe. Met vijf mark op zak komt ze er aan.
In Celle kent Rixt een gezin waar ze misschien kan blijven, maar die kunnen haar geen onderdak verlenen, want ze hebben zelf niet eens genoeg te eten.
Tekst 6
Ook Karin komt met haar moeder en broertjes in een oud school-gebouw terecht. Ze is dan nog heel jong.
Tekst 7
In het Duitse Celle hebben Rixt en haar vriendin zich maar aangemeld voor de arbeidsdienst. Dan heb je tenminste onderdak en eten. De leidster is fanatiek en zet de meisjes aan om zich vooral te
verdedigen als de Amerikanen komen. Ze ondernemen een poging om naar Nederland te vluchten. Met een colonne Duitse frontsoldaten willen ze meerijden naar Groningen.
Wat halen jullie in je hoofd, wordt hen toegeschreeuwd, blijf maar rustig hier!
Terug naar Celle dus, waar ze tenslotte gaan werken bij een boer.
Tekst 7A
Terug in Nederland komt Rixt na veel omzwervingen eindelijk bij haar grootmoeder aan. Daar is ze absoluut niet welkom. Ze wordt door de Binnenlandse Strijdkrachten in een leegstaand huis opgesloten. Haar vader is opgepakt.
Daarna komt ze in verschillende pleeggezinnen terecht. Meestal gereformeerd, want ze moet heropgevoed worden.
In 1948 wordt ze opgeroepen om te verschijnen voor het tribunaal.
Er zijn brieven gevonden van mede-Jeugdstormers. Maar er volgt geen veroordeling.
Tekst 8
Enkele maanden na de bevrijding wordt de Groningse boerderij waarin Piet en zijn ouders zijn geïnterneerd ontruimd.
De kinderen worden gescheiden van de ouders en er volgen voor Piet en zijn broer vele kindertehuizen, onder andere in Breda, Roermond, Putten en Utrecht.
Van heropvoeding kwam weinig terecht, zegt Piet nu. Straf was de voornaamste pedagogische methode die werd toegepast in het klooster waar de twee broers het eerst terecht komen.
Tekst 9
November 1945 vallen er zo 'n 20.000 kinderen onder sectie XIV van het militair gezag. Diezelfde maand gaat de jeugdzorg over naar het ministerie van justitie, dat het Bureau Bijzondere Jeugdzorg, het BBJ , opricht.
In de plusminus 90 tehuizen van het BBJ zitten dan achtduizend kinderen.
Langzamerhand komt aan de grootste chaos van die beginperiode een eind.
Geestelijk verzorgers en speciale artsen worden aangesteld, die ieder kind bij aankomst moeten onderzoeken. Toch verkeren de meeste tehuizen nog in een erbarmelijke staat. Zo is er een groot tekort aan kleding, dekens, lakens, luiers en handdoeken. De gebouwen zijn vaak slecht onderhouden; ze lekken, er zit geen glas in de ramen en er zijn te weinig wasvoorzieningen.
En hoewel het BBJ zijn best doet hier zo snel mogelijk verandering in te brengen, lukt het niet de situatie echt te verbeteren, zo blijkt uit gegevens van het ministerie van justitie.
In november 1945 wordt de Tweesprong, een voormalige vakantie-kolonie in Zandvoort, zo goed en zo kwaad als het gaat ingericht als heropvoedingstehuis voor meisjes van 12 tot 23.
Meta Petri en Pans van Resteren, zelf net de twintig gepasseerd, treden in dienst als opvoedsters. Althans zo staat in hun arbeidsovereenkomst vermeld.
Tekst 10 EVENTUEEL en NACHECKEN
De richtlijnen voor de berechting van jeugdige delinquenten zullen pas in 1947 worden opgesteld. Tot dan worden ook kinderen door de tribunalen en gerechtshoven berecht.
In de Tweesprong zitten naast kinderen wiens ouders fout waren ook meisjes die zelf berecht moeten worden. Meta Petri gaat op een dag met een van die meisjes mee.
Tekst 11
De vijfjarige Karin wordt van haar moeder en broertjes gescheiden en beland in een kindertehuis. Waar het was weet ze niet meer, ze weet alleen dat ze haar moeder en broertjes verschrikkelijk miste en dat ze zich heel eenzaam voelde.
Tekst 12
Joops vader was in de oorlog bij de politie. Na de bevrijding wordt hij opgepakt. De 12-jarige Joop blijft met zijn zus en moeder, die geen lid van de NSB was, in het ouderlijk huis achter.
Tekst 12a EVENTUEEL tussen Joop en Karin
Na enkele maanden wordt Karin door een oom uit het kindertehuis gehaald. Ze wordt in een pleeggezin ondergebracht.
EINDTEKST 13
Tot zover het Spoor en de kinderen van NSB-ers.
U hoorde het relaas van Joop, Rixt, Karin, Paulina en Piet, die nu nog de schuld van hun ouders met zich mee dragen en voor dit programma gebruik maakten van schuilnamen.