Het Spoor Terug

Afscheid van Indië 3, het KNIL: Koninklijk Nederlands Indisch Leger

Het Spoor Terug

Afscheid van Indië 3, het KNIL: Koninklijk Nederlands Indisch Leger

Derde deel van de tiendelige serie 'Afscheid van Indië', over de strijd van Nederland om het behoud van de kolonie Indië, een strijd die tussen 1945 en 1949 werd gevoerd.
De militairen van het KNIL krijgen na de Japanse capitulatie geen tijd om van de bevrijding te genieten. Direct na een slopend bestaan aan de Birmaspoorlijn of in de Japanse kolenmijnen, moeten ze weer aan de slag. Soekarno heeft de Indonesische Republiek uitgeroepen en de KNIL-militairen krijgen de opdracht het Nederlands gezag weer te herstellen. Er volgen vijf jaar strijd, waarbij het KNIL een Centrale rol speelt.
Interviews met:
- KNIL-er Cor van Os;
- Molukker Haurissa; - KNIL-er Sipkema;
- KNIL-er Joop Nortier;
- dienstplichtig militair Hollander;
- KNIL-er Charles Lusikooy, boordmecano.

Inleidende teksten:
tekst 1 Het Koninklijk Nederlands Indisch Leger, oftewel het KNIL, daarover gaat vandaag de derde aflevering van een tiendelige serie over het Nederlands Indonesisch conflict. Tijdens de Atjeh-oorlog aan het eind van de vorige eeuw, krijgt het KNIL zijn definitieve vorm: Een leger dat er in eerste instantie niet op gericht is Indië te beschermen tegen een buitenlandse vijand, maar om binnenlands verzet onder de duim te houden. Officieel heet het, dat ze orde en rust moeten handhaven in de kolonie. Tot het eind van de eerste wereldoorlog is het KNIL een soort vreemdelingenlegioen. Naast Nederlandse en Indische soldaten dienen er onder meer ook Zwitsers, Duitsers en Belgen. Na 1918 mogen er geen buitenlanders meer bij het KNIL in dienst treden. En in de jaren dertig bestaat het Europese deel van het KNIL dan ook bijna geheel uit Nederlanders, maar het grootste deel, ruim twee-derde, wordt gevormd door zogenaamde inheemse troepen. Veel Javanen, Ambonezen, Timorezen en Menadonezen willen maar wat graag dienen in het koloniale leger, omdat het loon er hoger is dan in de burgermaatschappij. In Nederland begint de belangstelling voor het KNIL ook te groeien. De crisis heeft toegeslagen, en veel jongeren die er weinig voor voelen te gaan stempelen, kiezen voor avontuur in het verre oosten. Zo ook de Rotterdammer Cor van Os. Hij meldt zich in 1937 aan, en na een korte opleiding vertrekt hij begin '38 richting Indië. Na enige tijd als soldaat gediend te hebben volgt hij een opleiding tot onderofficier, en wordt daarna als kader bij een inheemse compagnie geplaatst.
tekst 2 De heer Haurissa, afkomstig van de Molukken, is zestig jaar geleden in zo'n KNIL–kampement geboren. Tot zijn dertiende jaar heeft hij daar tussen de soldaten geleefd.
tekst 3 Met als eerste taak het handhaven van orde en rust, heeft het KNIL in de loop der jaren een geheel eigen strijdwijze ontwikkeld. Die is vastgelegd in het V.P.T.L., het Voorschrift voor de uitoefening van de Politiek Politionele Taak van het Leger. Dit voorschrift geeft een complete handleiding voor het binnenlands militair optreden. De heer Sipkema, die vanaf 1929 bij het KNIL heeft gezeten, is nog steeds enthousiast over de strijdwijze die hij zo lang gehanteerd heeft. Aan de hand van het V.P.T.L legt hij de strategie uit.
tekst 4 Goed of niet goed, de KNIL–tactiek biedt geen uitkomst als de Japanners in 1942 Indië binnenvallen. Bijna alle soldaten worden in kampen gestopt of tewerk gesteld aan de Birma–spoorlijn of in de Japanse kolenmijnen. Nederland is inmiddels ook al ruim twee jaar in oorlog. Joop Nortier heeft ten tijde van de Duitse inval net zijn opleiding tot KNIL–officier afgerond. Hij weet tijdens de Duitse bezetting, via Zwitserland en Spanje in Suriname te komen. Van daar wordt hij in 1943 met een KNIL–detachement naar Australië verscheept.
tekst 5 Twee dagen na de Japanse capitulatie roept Soekarno de republiek uit. Er volgt een bloedige periode, ook wel de bersiap-tijd genoemd. Alleen al in Bandung worden in de bersiap-maanden zo'n 1500 Nederlanders en Chinezen vermoord, door Indonesische idealisten die koste wat het kost willen voorkomen dat na de Japanse bezetting de Nederlanders de macht weer overnemen. Voor Joop Nortier is de oorlog nog niet afgelopen. Er heeft zich een nieuwe vijand aangediend. Na de Japanse capitulatie was de bevrijding snel voorbij bij het KNIL-detachement.
Tekst 6 Cor van Os heeft tijdens de Japanse bezetting aan de Birma-spoorlijn gewerkt en daarna in de Japanse kolenmijnen. Na de bevrijding komt hij in Manilla terecht. Hij wil terug naar Indië, terug naar zijn vrouw, die hij daar 3,5 jaar geleden heeft moeten achterlaten. Maar de terugkeer wordt steeds uitgesteld vanwege de chaotische situatie in de kolonie.
tekst 7 Eind oktober is het eindelijk zover. Van Os en zijn wapenbroeders mogen terug naar huis. Eenmaal aangekomen, komen ze er snel achter dat de situatie ernstiger is dan ze verwachten.
tekst 8 In Malakka zit inmiddels een grote hoeveelheid oorlogsvrijwilligers. Ze kunnen het KNIL nog niet te hulp schieten omdat de Britten weigeren hen naar Indië te laten vertrekken. Pas in maart I946 krijgen ze toestemming. Joop Nortier wordt eind 45 naar Malakka gestuurd om de oorlogsvrijwilligers voor te bereiden op de strijd die ze te wachten staat.
tekst 9 Ook de heer Hollander ging in 1947 naar Indië met het idee daar als bevrijder ontvangen te worden. Een onthaal als de Canadezen in Nederland gehad hadden. Wat sigaretten en chocola uitdelen en alles zou in kannen en kruiken zijn. Ook hij kreeg bij aankomst een tropenopleiding van KNIL-officieren.
tekst 10 Nederland stuurt steeds meer troepen, en de KNIL'ers zijn al snel in de minderheid. Maar ze blijven een cruciale rol vervullen. Met hun tropenervaring krijgen ze alle belangrijke posities en leiden de strijd tegen het nationalistische verzet. Dat gaat vaak op keiharde wijze. De manier waarop bijvoorbeeld op Celebes (door onder meer kapitein Westerling) orde en rust is hersteld, is ronduit gruwelijk. Ook Cor van Os en zijn compagnie hebben aan de acties op Celebes meegedaan.
tekst 11 Naast infanterie heeft het KNIL ook een kleine luchtmacht. Charles Lusikooy is daarbij sinds 1941 werkzaam als boordmecano. Tijdens de politionele acties doet hij mee aan bombardementen en beschietingen van stellingen van het Indonesisch verzet. Dat hij als Molukker meevecht aan de kant van Nederland ziet hij niet als landverraad.
tekst 12 In 1949 is de strijd eindelijk gestreden. Na jarenlang vruchteloos overleg met het verzet, besluit de Nederlandse regering, onder hevige internationale druk, toe te geven, en het gezag over Indië over te dragen aan Soekarno. Joop Nortier zit in die tijd bij het Antjing Nika bataljon, nog een zuiver KNIL onderdeel.
tekst 13 Na de soevereiniteitsoverdracht, en de daarop volgende opheffing van het KNIL rest nog slechts een probleem. Een groot deel van de Molukse KNIL militairen weigert de overstap naar het Indonesische leger te maken, en zit vast op Java. Charles Lusikooy. tekst 15 Ook de heer Haurissa is destijds als KNIL–militair naar Nederland gekomen. Voor zes maanden, zeiden ze destijds, daarna kan je terug naar Ambon.

Uitgebreidere documentatie aanwezig in VPRO archief