Het Spoor Terug

Mokhtar

Het Spoor Terug

Mokhtar

Portret van de Amsterdamse metaalbewerker met de schuilnaam Mokhtar, die in oktober 1959 op 35-jarige leeftijd verdwijnt uit Amsterdam. Hij leidt van dat moment af twee jaren lang een ondergronds bestaan als wapenmaker voor het Algerijns verzet, de FLN.
De Algerijnse bevrijdingsoorlog begon in 1954, toen Ben Bella het FLN, het Algerijnse bevrijdingsfront, oprichtte. Vier jaar later is het hele noorden in een bloedige guerrillastrijd gewikkeld en Frankrijk verkeert in een crisis. De Franse president De Gaulle maakt van de chaos gebruik om de macht naar zich toe te trekken. Hij is de eerste die zich uitspreekt voor een onafhankelijk Algerije om zo de stabiliteit in Frankrijk te waarborgen. Onder druk van De Gaulle wijken revolutionaire bewegingen als het FLN en de Vierde Internationale uit naar andere landen in Europa, o.a. Nederland. Zo komt de Amsterdamse schrijver Sal Santen in contact met het FLN en hij benadert Mokhtar voor het werk in de Marokkaanse wapenfabriek.
Na de onafhankelijkheid wordt Ben Bella als leider gekozen. Zijn revolutionaire streven wordt niet gewaardeerd en in 1965 wordt hij in een staatsgreep afgezet. Ook hiervan is Mokhtar toevalligerwijze ooggetuige.
Een portret van een man die de revolutionaire theorie in daden omzette.
Interviews met Sal Santen en Mokhtar.

Inleidende teksten:
Tekst 1 Het is 1958 en Frankrijk verkeert in een crisis door de al vierjaar durende Algerijnse onafhankelijkheidsoorlog. Generaal De Gaulle heeft in alle chaos de macht naar zich toe weten te trekken. Hij wil vrede en stabiliteit en spreekt zich openlijk uit voor de onafhankelijkheid. Met in zijn achterhoofd de gedachte dat de Fransen wel de zeggenschap over de schatten van de Sahara moeten behouden. In zijn toespraak van vier juni 1958 zweert hij bij de kracht van de verzoening en spreekt van de weg van vernieuwing en broederschap om samen tot een oplossing te komen. De harde kern van de FLN, het Algerijnse bevrijdingsfront, dat onder leiding staat van de revolutionair Ben Bella, neemt zijn woorden niet erg serieus. Tunesië en Marokko dienen als voorbeeld. Zij kregen in 1956 hun onafhankelijkheid cadeau, maar het zijn de Fransen die er in die jaren de werkelijke macht uitoefenen. Het Algerijns verzet wijkt daarom uit naar België en Duitsland. En ook de revolutionaire beweging 'de Vierde Internationale' verplaatst zijn secretariaat naar het buitenland. Zo raakt de Amsterdamse Sal Santen, lid van deze beweging, actief betrokken bij de Algerijnse zaak. Hij verzorgt onder andere valse papieren voor de FLN-ers en zit daarvoor samen met de uitgeweken partijsecretaris Michel Raptisch een jaar en drie maanden gevangenisstraf uit. Vandaag gaat het Spoor over de Algerijnse zaak, waar meer Nederlanders dan tot nu toe bekend hun hulp aan verleenden.
Tekst 2 Klokslag een uur staat Mokhtar op de stoep, een onopvallende man in een regenjas. Hij geeft de voorkeur aan een gesprek in een neutrale locatie.
Tekst 3 Al snel gaat het gesprek over zijn politieke achtergrond. Zijn moeder liep met 'De proletarische vrouw', het vrouwenblad van de SDAP, en zijn vader met de Tribune. Zijn grootouders van beide kanten waren al lid van 'de tweede internationale'. Als na de Russische revolutie 'De Derde Internationale' wordt opgericht, treden zijn ouders direct toe.
Tekst 4 Zijn bestaan verandert drastisch als de oorlog uitbreekt. Hij is dan zestien jaar. Ondanks zijn niet-Joodse uiterlijk en zijn niet-Joodse naam is hij toch een kind uit een gemengd huwelijk. Daarom besluit hij onder te duiken in het hol van de leeuw en meldt zich aan voor de Arbeitseinsatz. Na de oorlog komt hij terug en vindt zijn ouders ongedeerd.
Tekst 5 Na de oorlog brengt zijn vader hem bij Sal Santen, die nauw betrokken is bij de oprichting van 'de vierde internationale'. Zijn vader sluit zich niet meer aan bij de nieuwe beweging. Als een teleurgesteld idealist die in de dertiger jaren al rentezegels weigerde omdat hij ervan overtuigd was dat het socialisme in zijn tijd nog zou zegevieren, komt hij aan zijn einde. De metaalbewerker Mokhtar wordt actief in de vakbeweging. Hij trouwt en vestigt zich op een tochtige zolder in de Amsterdamse Pijp. Voor het huis vertelt hij over zijn vertrek naar Marokko.
Tekst 6 In een café dat officieel gesloten is maar waar in de keuken druk gewerkt wordt, praten we verder. Over het begin, zijn verblijf in Marokko en de afloop.
Tekst 7 In de fabriek verandert er veel. De leiding bestaat die laatste tijd uit FLN-ers in militair uniform die hun macht willen laten gelden. Zo ligt bijvoorbeeld bijna dagelijks de productie stil voor het houden van militaire oefeningen. De Europese leden van 'de vierde internationale' doen daar niet aan mee. Als 'de vierde internationale' zijn wekelijkse celbijeenkomst houdt, kijkt de Algerijnse leiding met lede ogen toe. Een organisatie binnen een organisatie staat ze duidelijk niet aan. De sfeer is om te snijden. In april 1961 komt ondertussen in Algiers de Franse generaal Challe in opstand tegen de plannen van De Gaulle om Algerije onafhankelijk te maken. Van het Franse leger in Algerije, 450.000 man, staat een vijfde deel achter de opstand. De Gaulle roept meteen de noodtoestand uit. Frankrijk is in gevaar. Hij dreigt met troepenzending; de vloot is dan al onderweg. De opstand is voorbij als blijkt dat het merendeel van het leger toch voor De Gaulle kiest. En eindelijk lijken onderhandelingen in zicht. Zeven juli 1962 wordt Algerije officieel onafhankelijk.