Nederlands volksleven in de oogsttijd (acte 1)

Ven, D.J. van der, 01-06-1926 (9'03'')

Nederlands volksleven in de oogsttijd (acte 1)

Ven, D.J. van der, 01-06-1926 (9'03'')

Eerste akte van 5-delige film over folkloristische gebruiken in de oogsttijd met name in de omgeving van Achterhoek, Overijssel en Limburg rondom 1926. In deze akte bijzonderheden van folkloristische gebruiken en klederdrachten rondom de tarwe en roggeoogst, alsmede opnamen van een schuttersfeest bij slot Enghuizen. 00.00 Hoge paal waarop zgn. hagelkruis bekroond met haan, gezien door wuivende tarwehalmen (noot 1) 00.10 Hagelkruis zonder haan aan de rand van gemaaid korenveld 00.21 Boer en knecht scheppen in hoog tempo stortkar vol met stalmest. Bij het geduldig wachtende paard zijn twee meisjes bezig met het schuren van klompen 00.38 De boer ment paard en wagen van het erf 00.47 Grootmoeder en kleinzoon poseren voor de camera 00.53 Boer Lenselink laat de wagenbak achterover kiepen (storten) in de tuin van de pastorie. De tuinman gooit een emmer water in de bak die hij vervolgens schoonbezemt. Ds. Barbas van Hengelo (Gld.) komt aanlopen en presenteert de boer een sigaar waarna de domineese een kom koffie brengt. De tuinman riekt de de mest in een kruiwagen 01.31 Boerenechtpaar loopt over het tuinpad van de pastorie even later gevolgd door echtparen, die verder weg wonen, op de fiets 01.49 De dominee en zijn vrouw begroeten het eerste echtpaar 01.58 Een viertal gasten, gekleed in meer stadse kledij, loopt over het tuinpad 02.03 Poserend echtpaar, zij met knipmuts met afhangende streppels, hij in zwarte kerkkleding 02.12 Gastheer en gastvrouw met reeds gearriveerde gasten 02.16 Groepje laatkomers wandelt naderbij 02.22 Schaal met sneden witbrood en krentewegge (breed krentebrood) 02.29 Overzicht van het zgn. mestmaal door het domineesechtpaar aan boeren bereid. De gasten zitten uit bedeesdheid op enige afstand van de tafel 02.48 Het domineesechtpaar 02.52 De mannelijke gasten rechts en de vrouwelijke gasten ertegenover 03.03 Goedgeluimde gastheer, gastvrouw en gasten 03.11 Voorafgegaan door dominee wandelen de boeren door de fleurige pastorietuin op de voet gevolgd door de zijn vrouw met de damesgasten 03.44 Boer Lenselink met maaiers en bindsters aan het werk op de rogge-akker 03.50 Onder toezicht van maaiers en bindsters wordt de laatste oogstgarf door de minst snelle, c.q. de langzaamste, bindster opgebonden 04.02 De garf op een strekel (noot 2) gestoken, wordt in optocht, zingend en dansend, van de akker naar de boerderij gedragen 04.25 De maaiers scherpen hun zeisen terwijl de boer bij de garf ronddanst 04.39 Bindster laat zich door de boerin ingeschonken glaasje goed smaken 04.49 De boerin schenkt een glaasje in voor dorstige maaier met ringbaard 05.05 De boerderij met volle hooibergen vanaf de gemaaide akker 05.15 De tuinknecht van de dominee rijdt met 4-wielige boerenwagen over gemaaide akker 05.28 Op aanwijzing van boerin laadt hij de laatste schoof de zgn. meistergarven, van de akker op de wagen die hij vervolgens weer van het land voert 05.51 De met 140 meistergarven beladen wagen stopt voor de kerk waar de garven worden afgeladen en voor de ingang in een lange rij in schoven worden gezet. De lege wagen rijdt weg 06.26 De rij schoven voor de kerkingang 06.35 Wethouder Jansen zet het bordje met de aankondiging van de verkoop tussen de schoven (noot 3) 06.41 Panorama van de Lijmers (Liemers) landstreek in de zuidelijke Gelderse Achterhoek 06.46 Maaiers scherpen hun zeisbladen zittend tussen aan schoven gezette rogge 06.55 Maaiers en bindsters tijdens het maaien en opbinden van rogge 07.05 Maaiers en bindsters 07.19 Maaier slaat met de zeis het koren van de akker, waarbij hij met de punt van de strekel de afgesneden stengels bijeen en opzij houdt 07.33 Bindsters in witte St. Japiksdracht bindt een garf met kop- en kontzeel (noot 4) 07.43 Maaiers en bindsters in St. Jaopiksdracht aan het werk aan de voet van een bovenkruiermolen op de Usseler Es bij Enschede 07.51 Drietal beensters (= bindsters) in witte oogstdracht, het zgn. St. Jaopikstuug, poseert voor de camera 07.56 Drukke veldarbeid op uitgestreken roggeakker aan de voet van Slot Enghuizen. Maaiers maaien de rogge die door bindsters wordt opgebonden. Schoven worden op wagens geladen en schoolkinderen lezen (noot 5) de aren 08.23 Een tweetal schoolkinderen met hun oogst 08.32 Gefilmd vanaf het bordes van slot Enghuizen : de drie laatste met garven beladen wagens op weg naar de boerderij 08.45 Ringrijden door lid van de bereden schutterij 11.41 De kasteelvrouwe, gravin van Rechteren Limpurg, reikt 08.55 De ring die door een deelnemer op zijn lans gestoken wordt paardentuigen uit aan 2 koninginnen 11.56 Het gezelschap genodigden op de staatsietrap van het 09.04 Twee officieren van de schutterij tillen een uitverkoren Koningin (vrouw de Vries) achter op het kasteel paard van de schutterskoning. Hetzelfde geschiedt met Jacoba Bloemen die achter de ringsteekkoning wordt neergezet. Beide dames krijgen een tuil korenbloemen 09.27 Gefilmd vanaf het trapbordes van het slot Enkhuizen, de 11.59 De gravin en haar gasten slaan het defile van de schutterij gade, eerst vaandeldrager Blitz, dan de lange stoet op weg door het park koningen met hun koninginnen, de bereden schutterij, in narrenpakken gestoken bijlemannen, twee schutters te voet met glimmend gepoetste geweren, de kapel, de schutterij te voet en de schoolkinderen 12.30 Overzicht van het defile 10.03 De stoet arriveert bij het slot waar zich veel publiek verzameld heeft 12.45 EINDE 10.08 De talrijke hoge gasten zittend of staand op de traptreden 10.27 Hummelose vendelier Blitz demonstreert zijn kunnen voor het gezelschap daarbij vaardig zwaaiend met de kasteelvaan met het wapen van de Van Heekerens 11.01 Bijlemannen vellen zgn. kermispaaltje, een kerstboom 11.09 De bereden schutterij van de ringstekers met hun geel-rood gespiraalde lansen, die eigendom zijn van de gravin 11.19 De bereden schutterij trekt weg, het voetvolk blijft met een kasteelvaandel en een groep vlaggende kinderen staan 11.34 Opening van het defile door de overste Besseling, gevolgd door twee officieren van de schutterij en de zgn. peerdenschutterie