Zweden vervolgt journalist voor spionage bij Iraanse Nederlanders

, David Davidson en Rik Delhaas

Foto’s van politieke bijeenkomsten, woonadressen, kentekens en zelfs inloggegevens. De Zweeds-Iraakse journalist Raghdan al-K. heeft persoonlijke gegevens verzameld van Iraans-Nederlandse activisten en stuurde deze informatie naar Iran.

Dat zegt de Zweedse aanklager Hans-Jörgen Hanström in gesprek met Argos. Hij vervolgt K. voor spionage voor Iran. Hanström wil vier Nederlandse mannen, die vermoedelijk doelwit waren van K.’s spionageactiviteiten, horen als getuigen. Het gaat om politiek actieve leden van de Iraans-Arabische Ahwazi-minderheid. Zij komen allen uit de regio Den Haag. Het zijn tegenstanders van het Iraanse regime. 

De verdachte werd in eerdere mediaberichten Raghdan al-K. genoemd, maar in officiële stukken heet hij Raghdan el-H. Hij zou in Nederland, België, Denemarken en Zweden onder de dekmantel van journalistieke activiteiten voor de Zweeds-Arabische internetkrant Euro-Times foto’s en video’s hebben gemaakt. In Nederland deed hij dat tijdens demonstraties en conferenties van Iraans-Arabische Ahwazi-activisten. Ook was hij in 2017 bij de opening van Alahwaz TV, een televisiestation van tegenstanders van het Iraanse regime in de Haagse regio. Volgens het Zweedse Openbaar Ministerie fotografeerde K. bezoekers van de tv-zender.

Uit onderzoek van Argos bleek vorige maand dat de dreiging voor sommige van de Iraans-Arabische activisten, na twee eerdere liquidaties in Nederland, zo serieus en concreet is, dat veiligheidsmaatregelen zijn genomen. De presentator van Alahwaz TV vertelde bijvoorbeeld dat hij na de arrestatie van K. in Zweden in februari politiebeveiliging heeft gekregen. Zowel de televisiestudio als het woonadres van deze presentator zouden door K. zijn gefotografeerd. 

Uit onderzoek van de Researchredactie van de VPRO blijkt dat K. in de periode 2015-2018 meerdere keren in Nederland is geweest. Hij bezocht toen als journalist bijeenkomsten van Ahwazi in bijvoorbeeld Maastricht en Den Haag, blijkt uit publicaties en foto’s waar zijn naam bij staat.

Uit het onderzoek blijkt volgens de Zweedse aanklager Hanström dat K. in Nederland ook foto’s heeft gemaakt van internetrouters en inloggegevens. Deze horen bij het door K. bezochte televisiestation, maar ook bij privépersonen. Ook zijn foto’s van kentekens aangetroffen en in zeker een geval beeldmateriaal van een woonadres.

De moord op Nissi

De aanklager heeft geen informatie dat K. betrokken is bij de liquidatie van de Iraanse Nederlander Ahmad Mola Nissi in Den Haag in november 2017. Wel heeft K. volgens Hanström contact gehad met bekenden van Nissi. ‘Hij wilde foto’s en video’s hebben van de mensen die hadden deelgenomen aan de begrafenis’, aldus Hanström.

Nissi was de oprichter van de Arab Struggle Movement for the Liberation of Ahwaz (ASMLA ), een organisatie die streeft naar een onafhankelijke staat in Iran. De inlichtingendiensten denken dat Iran niet alleen achter de moord op Nissi zit, maar ook betrokken is bij de liquidatie van ‘Ali Motamed’ in december 2015 in Almere. Deze Motamed bleek in werkelijkheid Mohammad Reza Kolahi Samadi te heten: de vermoedelijke pleger van een aanslag in Teheran in 1981 met 73 dodelijke slachtoffers. 

Het Nederlandse Openbaar Ministerie zegt niets over een mogelijk verband tussen K. en de moord op Nissi. ‘Ons onderzoek loopt en we volgen het nieuws uit Zweden met aandacht’, aldus een woordvoerder.  

Hanström kan niet zeggen of K. betrokken was bij de voorbereiding van mogelijke nieuwe liquidaties. ‘Hij is hier niet voor aangeklaagd. Maar in bredere zin kan het wel zo zijn. Iran kan de informatie gebruiken om deze mensen op de een of andere manier kwaad te doen’. 

Bewijs

Het dossier van het strafrechtelijk onderzoek tegen K. telt zo’n zeventienhonderd pagina’s. Voor het onderzoek zijn de onderzoekers ook in Nederland geweest, waar met getuigen is gesproken. 

Volgens de aanklager is er veel bewijs. ‘De verdachte is afgeluisterd. We hebben gegevensdragers zoals computers en telefoons. Daarin hebben we veel gevonden. Hij had meerdere telefoons. Eentje was een ‘operationele telefoon’. Deze had verbinding met maar een Iraans telefoonnummer.’ 

Het Zweedse openbaar ministerie heeft sms-verkeer van K. en chatgesprekken met mensen in Iran. ‘En we hebben gezien dat hij drie of vier keer in Teheran is geweest’, vertelt Hanström. Tijdens deze contacten speelde K. de door hem verzamelde informatie door aan Iran, aldus de aanklager. 

K. ontkent dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan spionage.

De lange arm van Iran

De Iraanse acties tegen ‘Ahwazi’ in Europa spelen tegen de achtergrond van al langer sluimerende spanningen in de Iraanse regio Khoezestan, in het verleden ook wel Arabistan genoemd. Die zijn de afgelopen jaren geëscaleerd door het regionale conflict met Saoedi-Arabië. Terwijl Iran iedere betrokkenheid bij aanslagen in Europa ontkent, beschuldigt het land Nederland, Denemarken en Groot-Brittannië er wel van ‘terreurorganisaties’ als ASMLA te herbergen. Een splintergroep zou vorig jaar verantwoordelijk zijn geweest voor de aanslag op een militaire parade in Ahvaz, de hoofdstad van Khoezestan. 

Iran-deskundige Peyman Jafari spreekt van een ‘heel erg complex beeld’ in Khoezestan. Volgens hem kan niet echt worden gesproken van een ‘Arabische regio’ en leven Arabische en van Perzen afstammende groepen beide in de provincie. De Ahwahzi worden volgens Jafari al decennia gezien als een gevaar vanwege hun separatisme, maar lange tijd is dat een klein probleem geweest. De verhoudingen zijn pas echt op scherp komen te staan doordat het conflict tussen Iran en Saoedi-Arabie is geëscaleerd. 

'De Iraanse staat heeft schuld aan marginalisatie en discriminatie van de Arabische bevolkingsgroep, waardoor een voedingsbodem gecreëerd wordt voor organisaties als ASMLA. Maar externe factoren spelen ook een belangrijke rol. Saoedi-Arabië en de VS zien etnische conflicten als een mogelijkheid om de centrale overheid te verzwakken’, aldus Jafari.