In Nederland worden meerdere moorden aan het Iraanse regime gelinkt. Het past in een trend waarbij Europa een strijdtoneel is voor het Iraanse regime en zijn tegenstanders.

Politieke moorden zijn zeldzaam in Nederland. Toch werden er binnen twee jaar, twee Iraanse Nederlanders geliquideerd. In beide gevallen waren nabestaanden vrijwel direct ervan overtuigd dat het Iraanse regime achter de aanslagen zat. In 2019 krijgen de families gelijk. Minister van Buitenlandse Zaken Stef Blok meldt dan dat de AIVD over ‘sterke aanwijzingen’ beschikt dat Iran inderdaad betrokken was bij deze twee liquidaties. Waarom gebruikt Iran geweld buiten haar grenzen? Welk geopolitiek steekspel gaat er schuil achter de Iraanse acties? En welke rol speelt Saoedi-Arabië? 

De liquidatie van een onopvallende elektricien uit Almere

Ali Motamed

Ali Motamed

Op 15 december 2015 klinkt in de Hendrik Marsmanstraat een schot. Het is nog donker wanneer een man uit een blauwe BMW stapt en van dichtbij een buurtbewoner neerschiet. Ali Motamed, een 56-jarige elektricien zal later die dag aan zijn verwondingen overlijden. Samen met zijn vrouw en zoon woont hij in een rijtjeshuis in de literatuurwijk in Almere. Zoals iedere werkdag vertrekt Motamed die dag om kwart voor zeven om naar zijn werk te gaan. Hij werkt als elektromonteur voor Eneco. 

Het motief voor de moord is aanvankelijk een mysterie. De liquidatie lijkt op een minutieus voorbereide criminele afrekening, terwijl Motamed bekend staat als ‘een modelburger’ met een blanco strafblad. Van connecties met georganiseerde misdaad was geen sprake. Maandenlang is de recherche op zoek naar een motief. 

Misdaadverslaggever Paul Vugts mocht delen van het onderzoeksdossier van de recherche inkijken. Volgens Vugts richtte de recherche zich op sporenonderzoek en getuigenissen. Sporen die leiden naar twee bekenden uit het Amsterdamse criminele circuit: Moreo M. (36) en Anouar A. (29). Beide zijn inmiddels veroordeeld voor de moord, maar wie de opdracht gaf voor de moord en waarom is volgens Justitie niet uit het onderzoek gebleken. Uit het onderzoeksdossier blijkt echter dat een motief van Iraanse wraak al maandenlang op tafel lag.

Paul Vugts: 'Hij leidt het leven van een brave huisvader, zoals zoveel mensen in de straat'

Terwijl Motamed nog voor zijn leven vecht, vertelt zijn vrouw de recherche namelijk over zijn geheime verleden in Iran. Motamed komt naar Nederland als vluchteling, maar zijn echte identiteit houdt hij verborgen. Volgens zijn vrouw is Motamed in werkelijkheid Mohammed Reza Kolahi Samadi: in Iran bij verstek ter dood veroordeeld. Reza Kolahi Samadi wordt in Iran verantwoordelijk gehouden voor het plegen van een aanslag in de jaren tachtig namens de Iraanse Volksmoedjahedien ▾ .

Bomaanslag Hafte Tir

Mohammad Reza Kolahi Samadi

Mohammad Reza Kolahi Samadi

Volgens de Iraanse autoriteiten pleegde Mohammed Reza Kolahi Samadi op 28 juni 1981 een bomaanslag op het hoofdkwartier van de Islamitische Republikeinse Partij in Teheran. De dan 22-jarige Reza heeft een baantje op het partijkantoor als geluidstechnicus. Bij de aanslag vinden in totaal 73 partijfunctionarissen de dood, waaronder vier toenmalige ministers en de partijsecretaris. Hafte Tir, de datum van de bomaanslag volgens de Iraanse kalender, wordt tot op heden jaarlijks herdacht in Iran.

Wil je meer weten over deze liquidatie op Motamed? Beluister de uitzending hier.

Nieuw licht op raadselachtige liquidatie. In de vroege morgen van 15 december 2015 wordt de 56-jarige Eneco-monteur Ali Motamed voor zijn woning in Almere vermoord.

Andere aanslagen in Europa

Al sinds de Iraanse Revolutie in 1979 deinzen de Iraanse autoriteiten er niet voor terug om politiek tegenstanders uit de weg te ruimen of geweld te plegen. Ook in Europa vinden deze aanslagen plaats.

Zo worden in Parijs in de jaren tachtig dertien bomaanslagen gepleegd, met twintig doden en 255 gewonden tot gevolg. Een splintergroep eist de vrijlating van drie terroristen die zich in Franse gevangenschap bevinden. Later verklaren de Franse autoriteiten dat Iran mede betrokken was bij de bomaanslagen.

In april 1990 wordt in Zwitserland in een dorpje vlakbij Genève de woordvoerder van de Iraanse Volksmoedjahedien, Kazem Rajavi, op klaarlichte dag geliquideerd. De twee schutters ontkomen. Zestien jaar later spreekt het Zwitserse hof een arrestatiebevel uit voor Ali Fallahian, de toenmalige Iraanse minister van Veiligheid, voor het geven van de opdracht voor de liquidatie.

In 1997 sprak het Duitse hof al een internationaal arrestatiebevel uit voor dezelfde ex-minister, voor het orchestreren van de liquidatie van vier Iraans-Koerdische oppositieleden in een Berlijns restaurant genaamd Mykonos. 

Tot op heden ontkennen de Iraanse autoriteiten echter betrokkenheid bij de aanslagen in Parijs, Genève, Berlijn en Almere. 

Vanaf 1996 is het een lange periode opvallend stil. Sinds 2012 is er wereldwijd een toename van meldingen van (pogingen tot) bomaanslagen en liquidaties, waarvan vermoed wordt dat de Iraanse autoriteiten erachter zitten. Bij deze aanslagen werkt Iran regelmatig samen met groepen zoals Hezbollah. Sinds haar opkomst gedurende de Libanese burgeroorlog heeft deze beweging nauwe banden met het regime in Teheran.

Meest recent wordt in 2018 in Parijs ternauwernood een aanslag voorkomen op het jaarlijkse internationale congres ‘Free Iran’ van enkele Iraanse oppositiebewegingen, waaronder de Moedjahedien. In datzelfde jaar wordt in Denemarken een aanslag verijdeld op Habib Jabor: de leider van de Deense fractie van afscheidingsbeweging ASMLA. Zijn Nederlandse oud-collega had een jaar eerder minder geluk. 

Waarom waren er nauwelijks aanslagen tussen 1995 en 2012?

Kim Ghattas is internationaal gerenommeerd journalist en schrijver van het boek Zwarte Golf over de rivaliteit tussen Saoedi-Arabië en Iran.

Waarom pleegt Iran geweld in het buitenland?

'Sinds de stichting van de Islamitische Republiek van Iran gaat het land achter dissidenten aan. Het doel is om critici het zwijgen op te leggen, omdat zij als een bedreiging worden gezien.'

Waarom stopten de aanslagen tijdelijk in de jaren negentig?

'De jaren negentig was het tijdperk van de hervormers, zoals de progressieve president Khatami. De relatie tussen Iran en het Westen verbeterde. Als gevolg daarvan werden critici als minder gevaarlijk geacht. Maar op de achtergrond waren veel hardliners in Iran niet blij met de hervormingen. Zij gebruikten deze internationale toenadering van Iran juist in hun voordeel, om op termijn hun macht in de regio uit te breiden.'

Wat veranderde er?

'In 2003 vielen de VS Irak binnen. Onbedoeld maakten ze daarmee de weg vrij voor Iran om hun invloed in Irak uit te breiden. Niet kort erna kwamen de  Iraanse hervormingen stil te liggen, en de volgende Iraanse president Ahmadinejad zag elke vorm van kritiek wederom als een bedreiging voor de Islamitische Republiek.'

Een beknopte geschiedenis van Iran

De Iraanse Revolutie in 1979 was een kantelpunt in Irans geschiedenis. Wat leidde er tot deze beslissende dagen, en wie greep de macht? En waar komt Irans wantrouwen richting het Westen eigenlijk vandaan? 

De liquidatie van een politiek activist in Den Haag

In november 2017 wordt in Den Haag Ahmad Mola Nissi van dichtbij neergeschoten. Ook hij overleeft de aanslag niet. 

Volgens zijn familie voelde Mola Nissi zich al langer onveilig in Nederland. Hij ontvangt vreemde telefoontjes, en heeft het gevoel dat hij gevolgd wordt. Meermaals doet hij meldingen en aangifte bij de politie van bedreigingen. 

Als politiek activist uitte Mola Nissi jarenlang stevige kritiek op het Iraanse regime. Hij was met name kritisch over de behandeling van de Ahwazi: een Arabische minderheid in het zuiden van het overwegend Perzische Iran. Om dezelfde reden richtte hij ASMLA ▾ op. Deze afscheidingsbeweging streeft naar een eigen, onafhankelijke staat voor de Iraanse Arabieren.

Volgens Amnesty International worden de Arabische Ahwazi in Iran sterk gediscrimineerd. Ze hebben slechter toegang tot onderwijs, banen en huisvesting. Bovendien worden ze belemmerd in het spreken van hun eigen taal, thuis of in het openbaar, en vinden er in reactie op aanslagen golven van massa-arrestaties plaats.

In 2005 en 2006 plegen militanten van de Iraans-Arabische minderheid een reeks bomaanslagen in Khuzestan. Er komen 28 mensen om, voornamelijk burgers. De Iraanse autoriteiten openen een klopjacht op de daders. Ahmad Mola Nissi, voorman van de ASMLA ▾, slaat op de vlucht. Via het VN-vluchtelingenprogramma belandt hij in Maastricht, waar hij zijn strijd als activist vervolgt. 

De Iraanse staatstelevisie meldt in 2010 dat ze weten waar de leiders van ASMLA naartoe zijn gevlucht. Nissi verhuist samen met zijn gezin naar de Jan van Riebeekstraat in Den Haag. 

Zeven jaar later op 8 november 2017, wordt Nissi in die straat voor zijn eigen voordeur neergeschoten. Net zoals Ali Motamed. Wederom wijst het onderzoek op een professioneel voorbereide liquidatie. De auto van de schutter wordt teruggevonden: een gestolen BMW met vervalste kentekens. Maar het onderzoek naar de moord loopt vast. Tot op heden zijn de moordenaars van Mola Nissi niet gevonden.

Vanaf het begin is de familie van Nissi overtuigd dat het Iraanse regime achter de liquidatie zit. Bewijs hiervoor vindt het Openbaar Ministerie niet. Wel stelt de AIVD in 2019 ook in het geval van Mola Nissi over sterke aanwijzingen te beschikken voor betrokkenheid van de Iraanse autoriteiten.

Reactie Iran

De Iraanse autoriteiten ontkennen betrokkenheid bij beide liquidaties, in Almere en Den Haag. In plaats daarvan beschuldigde de Iraanse Minister van Buitenlandse Zaken, Mohammad Javad Zarif, Nederland ervan dat het terroristen herbergt. In die aanklacht lijkt nu een kern van waarheid te zitten. 

Van politiebescherming naar terrorismeverdachte

Direct na de liquidatie in Den Haag, vist een journalist uit Zweden in Nissi’s omgeving naar meer informatie. Raghdan al-H. heeft dan al tijden grote belangstelling voor de Ahwaz-beweging in Europa, en is opvallend geïnteresseerd in de kleinste details over betrokkenen. Te geinteresseerd. Begin 2019 valt het doek voor de ‘journalist’, die jarenlang informatie doorspeelde aan de Iraanse geheime dienst over de Ahwaz-beweging. In Zweden wordt hij veroordeeld tot 2,5 jaar cel. 

Eén van de getuigen tegen Raghdan al-H was de Nederlands-Iraanse activist Eisa S.. Sinds 2014 woont hij in Nederland. Als presentator voor Ahwazna TV, een satellietzender in Rijswijk, bericht hij zeer kritisch over de situatie van de Ahwazi. Uit het Zweedse strafdossier blijkt dat Raghdan Al-H. voor de Iraanse geheime dienst het huis van Eisa S. tot in detail in kaart heeft gebracht. Na de liquidaties op Ali Motamed en Ahmad Mola Nissi, neemt de Nederlandse politie deze dreiging zeer serieus. Eisa S. krijgt Nederlandse bescherming.

In een enorme wendig begin dit jaar, wordt Eisa S. zélf gearresteerd op verdenking van betrokkenheid bij terreuraanslagen in Iran. Inmiddels zijn ook een drietal ASMLA-leden in Denemarken terrorismeverdachte. Volgens het Deense Openbaar Ministerie zou het drietal met steun van de Saoedische geheime dienst terrorisme hebben gefinancierd in Iran. 

Achter deze strafzaken is een groter geopolitiek steekspel gaande. Niet alleen Iran, maar ook Saoedi-Arabië is waarschijnlijk betrokken bij deze conflicten in de Nederlandse polder.

Meer weten over de strafzaak tegen Eisa S.?

Beluister de uitzending hier.

De aartsrivalen in het Midden-Oosten

De twee grootmachten van het Midden-Oosten, Iran en Saoedi-Arabië, staan lijnrecht tegenover elkaar als geopolitieke en ideologische rivalen. Maar dit was niet altijd het geval. Voor de Iraanse revolutie van 1979 hadden Iran en Saoedi-Arabie een vriendschappelijke relatie. De koningshuizen bezochten elkaar zelfs geregeld. Hoe is hun ruzie begonnen, en waar gaat deze eigenlijk over? Dat zie je in de video explainer hieronder. 

Meer over MEK en ASMLA

De Iraanse Volksmoedjahedien

De Iraanse Volksmoedjahedien, ookwel de Mujahedeen-Khalq (afgekort MEK), is een van oorsprong marxistisch-islamitische gewapende verzetsbeweging in Iran.

Tijdens de Iraanse revolutie van 1979 komen verschillende groeperingen samen in opstand tegen de sjah, de dan heersende vorst van Iran. Wanneer de sjah aftreedt, ontstaat er een machtsvacuüm. De groeperingen raken onderling in conflict over wie het land moet gaan leiden. De Volksmoedjahedien en andere revolutionaire groepen delfden het onderspit tegen de Revolutionaire Garde onder leiding van ayatollah Khomeini.

De Moedjahedien trekken zich terug naar het nabijgelegen Irak en vervolgen vanuit daar hun strijd tegen de nieuwe machthebbers. Na de bomaanslag in 1981 brengt ook Mohammed Reza Kolahi Samadi hier een periode door, bij het radiostation van de beweging. Nadat Reza Kolahi Samadi met een vals vluchtverhaal en identiteit naar Nederland komt, distantieert hij zich van de MEK. 

Tot op heden zijn de Moedjahedien actief in verschillende Europese landen. Iran ziet de beweging als een terroristische organisatie.

De ASMLA

ASMLA is een afkorting voor Arab Struggle Movement for the Liberation of Ahwaz. Ze komen op voor de rechten van een Arabische-Iraanse minderheid, die zichzelf Ahwazi noemen. Deze minderheid woont in een olierijke regio in het zuiden van Iran. Iran noemt deze regio Khuzestan, de Ahwazi zelf noemen deze regio Ahwaz. 

Door de slechte positie van deze minderheid in Iran, willen verschillende groeperingen dat de regio onafhankelijk wordt. Eén daarvan is de ASMLA.

De oprichters van ASMLA zijn Ahmad Mola Nissi en Habib Jabor. De twee mannen vluchtten in 2006 gelijktijdig naar Europa: Nissi vestigt zich in Nederland en Jabor krijgt asiel in Denemarken. Nu de twee leiders weliswaar in Europa, maar in twee verschillende landen wonen, splitst de beweging zich op in twee facties: een Deense tak onder leiding van Jabor en een Nederlandse tak onder leiding van Mola Nissi.

In de documentaire 'De lange arm van Iran' zegt de Nederlandse ASMLA-tak zelf volledig geweldloos verzet na te streven. Wel hebben ze contact met de Mouhiddine Nasser Martelaarsbrigade, die met regelmaat aanslagen plegen in de regio. Volgens ASMLA is de beweging onafhankelijk. Toch noemde in 2015 nog Mola Nissi in een interview met de Saoedische krant Al-Youm de martelaarsbrigades nog ‘de gewapende vleugel van de ASMLA.’