In de voor een Tiger Award genomineerde documentaire Drama Girl wordt het levensverhaal van een jonge vrouw gereconstrueerd als fictiefilm, waarin ze zélf de hoofdrol speelt.

'De wereld is een schouwtoneel en alle mensen zijn maar acteurs,’ schreef William Shakespeare zo’n vier eeuwen geleden. Die uitspraak zal tijdens het maakproces van Drama Girl (een coproductie van Halal en de VPRO) ongetwijfeld een keer voorbij zijn gekomen. Het uitgangspunt: ‘Een documentaire waarin we een fictiefilm maken die gebaseerd is op mijn leven. Of andersom.’ De jonge danseres en kunstenaar Leyla de Muynck wordt daarmee de protagonist van haar eigen levensverhaal.

Drama Girl is fictie, maar kan ook doorgaan voor documentaire, verkapte therapiesessie of psychologisch experiment. En alsof dat nog niet spannend genoeg is, worden Leyla’s (fictieve) ouders gespeeld door Pierre Bokma en Elsie de Brauw, niet bepaald anonieme afgevaardigden van de plaatselijke toneelvereniging. Het is fascinerend om de acteurs hier samen met Leyla aan het werk te zien, met alle improvisatie en ongemak die daarbij komt kijken. Dat komt ook naar voren in de onstuimige scènes met haar ‘vriendje’ (gespeeld Jonas Smulders, bekend van Jongens en Niemand in de stad).

Regisseur Vincent Boy Kars (die eerder de documentaire Independent Boy en arthouse-pornofilmproject Vieze Film maakte), noemde zijn films in een interview met Cineville eerder een mix van reality tv, documentaire en cinema. ‘Documentairemakers manipuleren de kijker enorm. Daarom geef ik in mijn werk vaak een inkijkje in het maakproces. Die openheid voelt bijna als een verplichting naar de kijker toe.’ Dat laatste is in ieder geval goed gelukt in Drama Girl: de aanwezigheid van Kars als observator en ‘stuurman’ is in vrijwel alle scènes voelbaar. 

Leyla de Muynck in Drama Girl

Ontregelend

In de loop van Drama Girl wordt die grens tussen fictie en realiteit steeds vager. Leyla krijgt via een geïmproviseerde monoloog bijvoorbeeld de kans om alsnog afscheid te nemen van haar overleden vader, maar dat brengt wél een ander vraagstuk met zich mee. Want waar liggen de grenzen van fictie als het (letterlijk) gaat over je eigen leven? 

Dat ongemak komt richting het einde van de film tot uitbarsting in een fietstochtje van Leyla en haar moeder. Als Kars ingrijpt omdat hij niet tevreden is met de conclusie van de moeder-dochterrelatie, lopen de emoties hoog op. De regisseur wil de complexiteit van hun relatie nog wat extra nadruk geven, maar dat is tegen Leyla’s zere been: ‘Wat wil je nu nog meer horen? Er is niets meer. Je hoeft toch niet álles uit te leggen?’ Sturing geven aan de werkelijkheid kan geen kwaad, maar het kan in dit soort scènes ook voor (te veel) wrijving zorgen.

Even later zegt Kars tegen Leyla: ‘Ik kan me niet inbeelden hoe dit hele proces voor jou moet zijn.’ Dat kunnen wij als kijkers ook niet, maar het heeft in ieder geval wél een interessant en bij vlagen ontregelend psychologisch experiment opgeleverd.

Cesar Majorana sprak in de VPRO Cinema x IFFR Festival Podcast met Leyla de Munck over haar ervaringen. Beluister het gesprek hierboven.