In Neflixfilm The King ligt de nadruk op 'toxic masculinity'

Interview met regisseur David Michôd en acteur Timothée Chalamet

, Gerhard Busch

Voor de verfilming van Shakespeares koningsdrama Henry V bleef regisseur David Michôd niet dicht bij de oorspronkelijke tekst. ‘Dat past niet bij ons, of bij de wereld waar we nu in leven.’

Elke tijd krijgt zijn eigen Henry V. Toen Sir Laurence Olivier zijn versie van Shakespeares beroemde koningsdrama maakte, was die opvallend nationalistisch. Er waren ineens geen verraders meer aan het hof van de jonge koning en Henry was een onberispelijke leider van zijn mannen. Niet geheel verwonderlijk, want de film werd midden in de Tweede Wereldoorlog opgenomen en uitgebracht in 1944. De film mocht onder geen beding negatief uitwerken op het moreel van de Britse soldaten.

In Kenneth Branaghs versie uit 1989 is Henry allesbehalve een held. Hij is een twijfelaar, die erg moet wennen aan zijn nieuwe rol als koning. De verraders zijn terug en hoewel de historische Slag bij Azincourt uit 1415, toen Henry V en zijn mannen een enorme Franse overmacht in de pan hakten, ook hier centraal staat, is het resultaat een uitgesproken antioorlogsfilm. Ook niet verwonderlijk, want de film werd gemaakt niet lang na het echec van de Vietnamoorlog.

De nadruk in The King, David Michôds versie van Henry V die afgelopen september werd gepresenteerd op het filmfestival van Venetië, ligt op toxic masculinity. Wanneer de film begint, heeft de jonge Henry allang afstand genomen van zijn agressieve en oorlogszuchtige vader (Henry IV). Samen met zijn vriend Falstaff zul je Henry, Hal voor vrienden, niet op een slagveld vinden, maar in de kroeg. Hal is ‘a lover, not a fighter’. Totdat het lot hem toch koning maakt, en deze flierefluiter op zoek moet naar de koning in hem.

Toxische mannen en verstandige vrouwen

Hal wordt gespeeld door een van de populairste jonge acteurs van het moment, de 23-jarige Timothée Chalamet. Ook Chalamet, die in Venetië is voor de première van The King, moest bij zichzelf op zoek naar de koning. ‘Maar,’ zo vertelt hij, ‘ik weet niet of ik dit wel echt gedaan heb. Ik was vooral op zoek naar de menselijkheid in deze rol. Want Hal is iemand die compleet in de war is. Hij weet niet wiens raad hij moet opvolgen, terwijl hij omringd wordt door mannen die twee keer zo oud en twee keer zo groot zijn als hij. En ik kan je verzekeren dat zoiets niet koninklijk of machtig voelt, dat is juist erg beangstigend.’

De beste raad in de film krijgt Hal overigens niet van de mannen om zich heen, maar van zijn zus Philippa en later van de Franse prinses Catherine. Advies dat niet in Shakespeares oorspronkelijke tekst stond, maar daar speciaal aan toegevoegd werd door scenarioschrijvers David Michôd en Joel Edgerton, de acteur die in de film Falstaff speelt.

Timothée Chalamet in The King

Toxische mannen en verstandige vrouwen die hun plek opeisen beheersen Hollywood sinds #MeToo en #TimesUp, maar Michôd en Edgerton schreven het scenario al in 2013, ruim voor de #-bewegingen. Vandaar dat ik in Venetië aan regisseur Michôd (46) vraag of hij in de toekomst kan kijken.

‘Als dat zo is dan kan ik dat al heel lang,’ antwoordt hij lachend. ‘Want mijn films gaan altijd zo’n beetje over hetzelfde, wat ik overigens pas sinds kort ook zelf doorheb. In mijn films [Animal Kingdom, The Rover en War Machine, red.] heb je ofwel pathologisch zelfingenomen mannen, ofwel heel naïeve mannen die beseffen dat ze zich hebben vergaloppeerd. En in die werelden, die toxische mannenwerelden, ben ik altijd op zoek geweest naar de rol van vrouwen: hoe zij daarin passen. Meestal kijken ze vanaf de buitenkant toe, soms worden ze zelfs orakels. Nu ik me eindelijk realiseer dat dit een patroon is, kan ik je bijna verzekeren dat het gaat ophouden.’

Waarom eigenlijk, want blijkbaar zijn die thema’s belangrijk voor u. Enig idee waar dat vandaan komt?
Michôd: ‘Uit angst. Het had me natuurlijk volslagen duidelijk moeten zijn dat al die mannen in mijn films afspiegelingen van mij zijn. En het is altijd de angst voor een gevaarlijke wereld of voor een wereld die niet zo is als ik denk dat zij is.’

Waarom koos u Shakespeare om dat verhaal te vertellen?
‘Toen Joel [Edgerton, red.] en ik voor het eerst overwogen om het verhaal van Henry V te vertellen, was ons al meteen duidelijk dat we Shakespeare niet letterlijk wilden verfilmen. Dat paste niet bij ons, of bij de wereld waar we nu in leven. De Hal die wij voor ons zagen was iemand die minder zelfbewust was. Want hoe moet het zijn om als jonge man in een positie met zo veel macht te belanden? Hal probeert die macht verstandig in te zetten, maar wordt vervolgens verpletterd onder de verwachtingen van anderen, die vaak een heel negatieve invloed op hem hebben.’

Lijkt regisseur zijn een beetje op het koningschap? Eenzaam en altijd op je hoede?
‘Het lijkt wel of een koning veel macht heeft, maar in de film wordt terecht gezegd dat een koning niet de baas is van het rijk, maar dat het rijk de baas is van de koning. Koningen worden geleefd door instituten. En dat geldt ook een beetje voor regisseurs. Ik had ook nooit gedacht dat ik nog eens de regisseur zou zijn van een project van deze grootte. Daar ben ik gewoon niet het type voor. Tot ik begreep dat ik niet per se de koning op de set hoef te zijn, omdat ik ondersteund word door verschillende afdelingen. Ik hoef niet te heersen over een crew van duizend mensen, ik praat maar met een man of tien en dan praten zij wel met de rest.’