Vijfentwintig jaar Pulp Fiction: boegeroep én een Gouden Palm

'Zelfs als ze in Cannes boe roepen, is dat uit passie'

, Gerhard Busch

Op 23 mei is het precies 25 jaar geleden dat Quentin Tarantino’s Pulp Fiction in Cannes de Gouden Palm won. Zeer tot verrassing van de maker zelf.

‘Godverdomme, wat een aanfluiting!’ Dat schreeuwde iemand op 23 mei 1994 in Cannes uit het publiek toen regisseur Quentin Tarantino de Gouden Palm kreeg voor Pulp Fiction.

De 31-jarige Tarantino reageerde lacherig en stak nog even snel zijn middelvinger op naar de querulant, maar was zelf ook zichtbaar verbaasd dat uitgerekend hij de Palm gewonnen had. ‘Ik krijg nooit prijzen van jury’s,’ excuseerde hij zich nog, ‘omdat ik geen films maak die juryleden bij elkaar brengen. Ik maak films die juryleden uiteendrijven.’

Pulp Fiction – Tarantino’s tweede film, na Reservoir Dogs – is een eclectische mix van genres (misdaadfilm, blaxploitation, spaghettiwestern) vol drugsgebruik, geweld en gevloek. Maar ook een film met een ingenieuze structuur, iconische scènes en onvergetelijke dialogen. En een film die overloopt van passie en energie. En juist dit laatste was, volgens juryvoorzitter Clint Eastwood destijds, de reden dat ze voor de film gekozen hadden. Unaniem.

Pulp Fiction verdeelde wel de recensenten in Cannes – sommige reageerden juichend, terwijl andere het geweld en het ogenschijnlijke nihilisme van de film afkeurden. De beroemde filmcriticus Roger Ebert schreef: ‘Dit is ofwel een van de beste films van het jaar ofwel een van de slechtste.’ Later kon hij blijkbaar wel beslissen, want hij gaf de film het maximale aantal sterren en noemde het de meest invloedrijke film van de jaren negentig.

Uma Thurman in Pulp Fiction

Vaste gast in Cannes

Het verhaal van Pulp Fiction is simpel. We volgen twee huurmoordenaars die een mysterieus koffertje naar hun baas moeten brengen, en een bokser die voor diezelfde baas een wedstrijd moet verliezen. Maar Tarantino maakt het ons moeilijk, want hij trekt hun verhalen uit elkaar, vlecht ze vervolgens weer handig in elkaar, en springt ondertussen heen en weer in de tijd.

Tegenwoordig is zo’n binnenstebuiten gekeerde structuur de gewoonste zaak van de wereld, maar destijds was het hard werken voor de kijkers. Dat deden de meesten graag, want Tarantino reeg de ene coole scène aan de andere. Vol spitsvondige, hippe dialogen, die het verhaal toch nooit ophielden. Dat de film zo gewelddadig overkwam lag aan een paar keiharde scènes – waaronder de eerste male rape in een grote publieksfilm – maar die duren bij elkaar opgeteld nog geen tien minuten. De dreiging van geweld is er wel de hele tijd. Ook in de dialogen, wat zonder meer de verdienste van Tarantino is. Talloze schrijvers en regisseurs hebben later geprobeerd zijn stijl te imiteren, maar niemand kwam in de buurt.

Hoe belangrijk de Gouden Palm voor Tarantino was blijkt wel uit het feit dat hij, ondanks alle Oscars, Golden Globes en Bafta’s die hij inmiddels heeft gewonnen, nog regelmatig laat weten dat hij die Gouden Palm beschouwt als zijn allergrootste prestatie. Het festival van Cannes betekent dan ook veel voor hem. Vrijwel al zijn films zijn er in première gegaan.

Leonardo DiCaprio in Once Upon a Time in Hollywood, de nieuwe film van Quentin Tarantino

Cinema Nirvana

n 2009 – op de persconferentie van Inglourious Basterds – legde hij uit waarom Cannes voor hem zo belangrijk is. ‘Het is altijd mijn droom geweest mijn films hier uit te brengen. Er is geen festival ter wereld dat voor filmmakers belangrijker is. Ik heb Cannes al eerder Mount Olympus genoemd, of Cinema Nirvana, en dat meen ik ook. Wat zo mooi is in die paar weken hier aan de Rivièra, is dat cinema even heel belangrijk is. Het doet ertoe. Zelfs als ze hier boe roepen, is dat uit passie.’

Tarantino’s warme band met het festival is genoegzaam bekend en iedereen ging er dan ook vanuit dat zijn negende film – van de in totaal tien die hij zegt te zullen maken – dit jaar in Cannes in première zou gaan. Afgelopen maart verschenen er in de vakbladen al berichten dat Once Upon a Time in Hollywood (met supersterren Leonardo DiCaprio en Brad Pitt) inderdaad in Cannes vertoond zou worden. En wel op 19 mei, precies 25 jaar nadat Pulp Fiction er zijn wereldpremière beleefde.

Het bleek te mooi om waar te zijn. Op 18 april jongstleden maakte artistiek directeur Thierry Frémaux bekend welke films voor de 72ste editie van het festival geselecteerd waren. Veel bekende namen – Ken Loach, de Dardennes, Xavier Dolan – maar geen Tarantino. Zijn film bleek niet af. Tarantino was nog druk bezig met de montage, aldus Frémaux.

Dit leidde gelijk tot geruchten. De film zou al wel vertoond kunnen worden, wisten sommigen, maar producent Sony koerste op een première in september op het festival van Venetië, omdat dit veel dichter bij de uitreiking van de Oscars ligt. Veel grote Amerikaanse films gebruiken Venetië inmiddels als springplank naar de Oscars. En met succes, zoals films als BirdmanSpotlightLa La Land en The Favourite hebben bewezen. 

In reactie op de geruchten liet Frémaux weten dat Tarantino zoiets nooit zou toelaten, omdat hij lid is van de Cannes-familie en mee heeft helpen schrijven aan de geschiedenis van het festival. En hij wees er ook op dat er nog steeds kans was dat Tarantino wel op tijd klaar zou zijn en de film alsnog in het programma kon worden opgenomen.

Frémaux kreeg gelijk. Op 2 mei liet het festival weten dat er nog een film aan de hoofdcompetitie was toegevoegd. Inderdaad: Once Upon a Time in Hollywood van Quentin Tarantino.