Nu de bioscopen dicht zijn, kunnen we ons verdiepen in al die fraaie boeken die in de loop der jaren over film geschreven zijn. Nummer vijf in een serie van acht: De Bruut (2011) van Ruud van Hemert.

Hoe gesteld filmregisseur Ruud van Hemert (1938-2012) op het Nederlandse filmwereldje was, spreekt wel uit de manier waarop hij reageerde toen hij in 2001 door het Nederlands Film Festival werd gebeld over de enige prijs die hij in zijn carrière zou winnen. Het bleek niet om een Gouden Kalf te gaan, maar om een door een biermerk gesponsorde publieksprijs. Die kreeg hij voor Ik ook van jou, de tragische liefdesgeschiedenis met Antonie Kamerling en Angela Schijf die hij losjes op het gelijknamige boek van Giphart had gebaseerd. Of hij die prijs vanuit Spanje – waar Van Hemert sinds 1993 woonde – even op eigen kosten op kon komen halen.

Zoals hem al sinds zijn verpletterende succesdebuut Schatjes! (1984) duidelijk was geworden, werd een Gouden Kalf ver buiten Van Hemerts bereik geacht; nog geen nominatie was hem ooit ten deel gevallen. Dat actrice Geert de Jong in 1986 een Gouden Kalf kreeg voor haar hoofdrol in Mama is Boos! was hij blijkbaar even vergeten.

Dus stond Van Hemert op z’n zachtst gezegd niet te trappelen om het vaderlandse festival dat hem steevast negeerde met een bezoekje te vereren. Kon Beau van Erven Dorens, die een van de hoofdrollen vertolkte, de prijs niet namens hem in ontvangst nemen? Het festival bedacht daarop hoe leuk het zou zijn als Van Erven Dorens tegenover een volle zaal Van Hemert zou bellen, zodat die een voor iedereen hoorbaar dankwoordje uit kon spreken. Toen op het afgesproken moment in Spanje de telefoon overging, had Van Hemert vilein zijn antwoordapparaat aangezet. Dat liet slechts een in het Spaans ingesproken standaardbericht horen.  

Zijn temperamentvolle karakter en hoge eisen aan acteurs hielpen Van Hemert aan zijn gekoesterde bijnaam ‘Ruud de Bruut’

Zooi amateurs

Deze spreekwoordelijke middelvinger is tekenend voor het anti-autoritaire gevoel voor humor dat aan de basis ligt van Van Hemerts autobiografische schelmenroman De Bruut (2011). In navolging van zijn beste films beschouwt hij daarin ook het filmersleven als één grote zwarte komedie. Met – net als in Schatjes! – een disfunctionele familie van filmprofessionals oftewel ‘zooi amateurs’ die elkaar het bloed onder de nagels vandaan haalt. Het beeld dat na lezing van zijn ‘omgekeerde carrière’ blijft hangen is dat wielerfan Van Hemert bij elke speelfilm in uiterste krachtsinspanning bergop fietst om de top te bereiken, om zich na veel bloed, zweet en tranen steeds onderaan de voet van de berg terug te vinden.

Dat was uiteraard te wijten aan de onkunde en desinteresse van anderen, en aan de Nederlandse ‘cultuur van middelmaat’ in het algemeen. De wereld van de Nederlandse film is volgens Van Hemert ‘vergeven van de gekken’. Hijzelf incluis. Als de vleesgeworden sukkel die het tegen beter weten in toch blijft proberen, spaart hij zichzelf niet. Al kon hem naar eigen zeggen nooit domheid, gebrek aan ambitie of volksverlakkerij worden verweten. ’Ik kan niet liegen, wel heel goed overdrijven.’ En dat spreekt alleszins uit de toon van het boek.  

Geert de Jong en Akkemay Elderenbos in Schatjes!

Etterbakken

Zijn voorliefde voor overdrijving kwam ook goed van pas bij het omzetten van eigen ervaringen in groteske filmsituaties. Voor Schatjes! gebruikte hij details uit zijn jeugdjaren, die Van Hemert deels in kindertehuizen doorbracht. Daarnaast putte hij uit herinneringen aan zijn vader, de bekende televisieserieregisseur Willy van Hemert, van wie hij enkele uitspraken in de film verwerkte. Of die ene memorabele preek van de heer des huizes tot zijn kroost daar ook toe behoort, laat hij helaas in het midden. Maar omdat hij zo mooi is: ‘Goed. Dat de sfeer hier in het gezin – voor zover je überhaupt nog van een gezin kunt spreken – voornamelijk door jullie constante gezanik – eigenlijk al vanaf het moment dat jullie konden praten – altijd al kut met peren is geweest…’ Waarna vader de draad kwijtraakt door onderbrekingen van zijn vrouw, brutale puberzoon en klierende kleintjes, zodat we nooit zullen weten welk punt hij nou precies wilde maken.

Van Hemert had voor de zoontjes Valentijn en Jan-Julius in Schatjes! twee van zijn eigen ‘etterbakken’ op het oog, maar dat ging niet door, want dat mocht niet van hun moeder. Ook voor Mama is boos! putte hij uit zijn privéleven, aangezien hij toen in scheiding lag. Inspiratie voor het nooit verfilmde scenario Papa is razend bood een latere ex, die er een relatie op na bleek te houden met de scheidingsbemiddelaar, die probeerde Van Hemert uit zijn co-ouderschap te laten zetten. 

Kloten

Zijn temperamentvolle karakter en hoge eisen aan acteurs hielpen Van Hemert aan zijn gekoesterde bijnaam ‘Ruud de Bruut.’ Die geuzennaam dankte hij aan Adelheid Roosen, die hij voor Mama is boos! castte als de minnares van vader John Gisberts (Peter Faber), omdat zij over ‘voldoende gekte’ zou beschikken voor zijn film. Vervolgens ergerde hij zich rot aan haar, omdat ze bij gevoelige scènes maar zat ‘te kloten, geintjes te maken, veel te hard te lachen en de zaak vreselijk op te houden’. Van Hemert schold haar verrot, met een huilbui – geen uitzondering op zijn set – tot gevolg.

Toen het een keer wel nodig was dat ze een onbedaarlijke lach produceerde – voor de scène waarin een omgezaagde boom haar stacaravan in tweeën klieft – bleef die na acht takes beneden Van Hemerts verwachtingspeil. Opgejaagd door voortdurende tijdnood bedacht hij toen iets wat wellicht op haar lachspieren zou werken. Hij zette een stoel naast de camera, stapte erop, riep actie en trok toen – op ooghoogte – zijn broek naar beneden. Dat bleek enorm effectief. Van Hemert: ’Je moet er wat voor over hebben om je acteurs te laten doen wat zij moeten doen, maar niet kunnen.’ 

Still uit Schatjes!

Flinke hengst

Het was niet bepaald het enige onorthodoxe foefje dat hij in zijn trukendoos had. Bij Schatjes! had Van Hemert ook al te maken met een acteur die na acht takes niet geleverd had wat nodig was – in dat geval een huilbui. Behalve aan een regieassistente die volgens Van Hemert halfzachte aanwijzingen gaf, was dat te wijten aan de op de set rondzwervende arbeidsinspectie, aangezien het hier een piepjong kindacteurtje betrof. Die moest op het actie!-commando bovenaan de trap in tranen uitbarsten omdat het leger het huis binnenvalt. In plaats daarvan stond het joch verveeld in z’n neusje te peuteren.

Opnieuw verzon Van Hemert een list. Hij riep actie, rende de trap op, gaf het joch een ‘flinke hengst’, waarop het ‘arme schaap’ het op een janken zette – en dook uit beeld. Van Hemert: ‘Iedereen zie ik denken, dit kun je niet maken. En ook: schoft, kinderbeul, dit zal ik subiet aan de arbeidsinspectie melden.’ Maar de regisseur had toen al een dikke reep chocola onder het snotterige neusje van het verbouwereerde jongetje gedrukt. Die zette zijn melktandjes alweer tevreden in de lekkernij. Allerhande variaties op deze overrompel-en-lijm-tactiek werkten volgens Van Hemert ook prima bij wanpresterende volwassen acteurs.

Happy end

Naar eigen zeggen liet Van Hemert zich nergens op voorstaan, behalve dan dat hij een enigszins begenadigd acteursregisseur was. Dit nadat hij als jongeling zelf een jaar in Arnhem het acteursvak had uitgeprobeerd. Sindsdien wist hij slecht acteerwerk feilloos te herkennen. In de jaren negentig, toen een reeks filmprojecten vroegtijdig strandde, specialiseerde hij zich in het geven van acteercursussen in method acting. Die groeven dermate doeltreffend naar de Ware Gevoelens van de deelnemers, dat een van hen ter plekke uit de kast kwam en verlicht huiswaarts keerde om te scheiden van zijn vrouw. Dat werd geen filmscène weliswaar, maar was wel een happy end naar Van Hemerts hart.

De films van Ruud van Hemert terugkijken? De streamingdiensten zijn hem blijkbaar al vergeten, want zelfs zijn beste films (Schatjes!, Mama is boos!, Ik ook van jou) zijn online nergens terug te vinden. De films kunnen nog wel worden bekeken op dvd.