De wetenschap achter Netflix-serie Mindhunter

In de geest van de psychopaat

, Gerard Janssen

In de serie Mindhunter maken FBI-agenten profielen van seriemoordenaars op basis van de plaats delict. Is die methode eigenlijk wel wetenschappelijk onderbouwd?

Still uit de serie Mindhunter

Op 16 november 1957 verdween Bernice Worden uit haar gereedschapswinkel in Plainfield, Winsconsin, een dorpje met 642 inwoners. Haar zoon vertelde dat haar laatste klant Ed Gein was geweest, een man met een scherp gezicht en een baardje. De rechercheurs vonden in Geins boerderij inderdaad het lijk van Bernice Worden. Toen ze het huis doorzochten, troffen ze vier afgesneden neuzen aan, negen maskers vervaardigd van mensenhuid, stoelen bedekt met mensenhuid en een riem gemaakt van tepels. Gein vertelde aan de lijkbleke agenten dat hij kerkhoven bezocht om verse lijken op te graven, van vrouwen die leken op zijn overleden moeder. Hij nam ze mee naar zijn huis en stroopte de huid eraf. En o ja, hij had ook nog andere een vrouw vermoord.

Het gruwelverhaal van Gein verscheen in alle kranten. Schrijvers van horror- en griezelverhalen knipten de artikelen uit en kropen meteen achter de schrijfmachine. Gein was een belangrijke inspiratiebron voor de roman Psycho van Robert Bloch, vooral bekend door de verfilming die Alfred Hitchcock ervan maakte. De moordenaar stond ook model voor Leatherface in The Texas Chainsaw Massacre. En de geest van Gein duikt op in het boek The Silence of the Lambs van Thomas Harris. De fictieve Buffalo Bill is een cocktail van vier seriemoordenaars:  Edward Gein met een snufje Ted Bundy, een lepeltje Gary Heidnik en een toefje Edmund Kemper. Bundy deed net als Buffalo Bill of hij gewond was, om slachtoffers te lokken, Heidnik hield zijn slachtoffers vast in een diep gat en Kemper begon zijn moorddadige strooptocht met het afslachten van zijn grootmoeder.

Elite-eenheid
‘Goddank bestond Bufallo Bill niet echt,’ zei FBI-agent John Douglas ooit. Hij kon het weten, want Douglas leidde de Behavioral Science Unit in Quantico, Virginia, een elite-eenheid van de FBI, gespecialiseerd in ernstige gewelds- en zedenmisdrijven. Agenten verdiepten zich daar in samenwerking met psychologen in het leven van moordenaars, verkrachters en seriemoordenaars, om hun geest te doorgronden en zo terug te kunnen vechten met de dezelfde wapens. Als je een kunstenaar wil begrijpen, moet je zijn werk bestuderen, was de gedachte. Met name bij seriemoordenaars is er sprake van een patroon dat iets zou moeten prijsgeven van de zieke geest van de dader. 

Douglas kwam in 1977 als jonge agent in Quantico terecht en ergerde zich al snel aan het academische karakter van de eenheid. Vrijwel niemand had een echte seriemoordenaar ontmoet. Hij realiseerde zich tegelijkertijd dat veel van deze moordenaars nog leefden. Douglas haalde zijn maatje Bob Ressler over om op veldonderzoek te gaan. Ze stapten in de auto en reden naar Californië, de staat met het hoogste aantal wacky weirdos per vierkante kilometer, met als eerste stop Santa Cruz, de seriemoordenaarshoofdstad van de wereld. Ze reden van gevangenis naar gevangenis en spraken met zesendertig beruchte moordenaars, onder wie Ed Kemper, Charles Manson, Richard Speck, Jerry Brudos en David ‘Son of Sam’ Berkowitz.

Omstreden
De belangrijkste conclusie was dat seriemoordenaars onder te verdelen zijn in twee types: georganiseerde en ongeorganiseerde. Ruwweg kwam het erop neer dat er moordenaars waren die zich niet graag in het openbaar vertoonden, omdat ze bijvoorbeeld een spraakstoornis hadden of lelijk waren. Ze hielden zich schuil, moordden in een opwelling en verstopten zich daarna weer. Aan de andere kant van het spectrum stonden de georganiseerde psychopaten, die alles zorgvuldig planden en aan wie verder niks vreemds te zien was.

Van zijn aantekeningen maakte Douglas een paar handboeken die de bijbels zouden worden van de profilers van de FBI. Douglas zelf werd een legende. Het personage Jack Crawford uit Silence of the Lambs is op hem gebaseerd. Op basis van een beschrijving van een crime scene schreef hij een A4’tje met daarop de omschrijving van de schurk. Dag en nacht rinkelde zijn telefoon.

Het maken van criminele profielen is inmiddels omstreden. In een groot overzichtsartikel uit 2007 beargumenteren de Canadese psychologen Brent Snook, Richard Cullen, Craig Bennell, Paul Taylor en Paul Gendreau dat er geen enkele wetenschappelijke basis is die het profileren van misdadigers op grond van de plaats van het misdrijf rechtvaardigt. Sterker nog, volgens de onderzoekers is er sprake van misleiding. Belangrijke technieken van een profiler zijn het vertellen van smakelijke anekdotes en het herhalen van de boodschap, zodat het waar gaat lijken.

Still uit de nieuwe Netflix-serie Mindhunter

Barnumstellingen
Veel profilers blijken namelijk graag Barnumstellingen te gebruiken, die ook populair zijn bij handlezers, toekomstvoorspellers en tarotkaartenleggers. Stellingen als: ‘Je hebt de neiging om kritisch te zijn op jezelf;’ of: ‘Je hebt veel onbenutte capaciteit die je nog niet in je voordeel gebruikt hebt.’ Zet een stuk of tien van dit soort Barnumstellingen achter elkaar en mensen denken dat het over hen gaat en dat je dwars door hen heen kijkt. In criminele profielen staan vaak zinnen als: ‘Hij is een lone wolf, maar zal ook in een sociale omgeving kunnen functioneren. Hij zal niet op zijn gemak zijn in de buurt van vrouwen, maar hij heeft misschien wel vriendinnen.’

‘Profileren is een kunst,’ zegt Douglas. Maar de grootste kunst is het opstellen van een profiel dat veel onverifieerbare en vage stellingen bevat, zodat je altijd kunt zeggen: ‘Zie je wel.’

De wetenschappelijke waarde van het werk van Douglas mag discutabel zijn, de waarde van zijn werk voor de entertainmentindustrie is onmiskenbaar. Echte seriemoordenaars zijn gekker en gruwelijker dan de fictieve monsters die de beste profilers of romanschrijver bedenken. De handboeken van Douglas zijn een goudmijn voor spannende verhalen, iets wat hij zelf ook inzag. In 1995 vertrok hij bij de FBI om met schrijver Mark Olshaker Mindhunters Inc. op te richten. Van hun boek Mindhunter, met daarin anekdotes over de ontmoetingen met de seriemoordenaars, werden miljoenen exemplaren verkocht en het is ook de basis voor de Netflix-serie Mindhunter. Douglas is inmiddels een rijk man en als hij dit allemaal ooit zo gepland heeft, heeft het ook wel iets van een perfecte misdaad.

Mindhunter is vanaf 13 oktober te zien op Netflix.