Jorge Perugorría

1965 Acteur

Jorge Perugorría (1965) is acteur.
Er zijn 16 films gevonden.

Retour à Ithaque

2014 | Drama

Frankrijk 2014. Drama van Laurent Cantet. Met o.a. Isabel Santos, Jorge Perugorría en Fernando Hechevarria.

Vijf oude vrienden komen samen op een dakterras in Havana om de terugkeer te vieren van Amadeo, die zestien jaar eerder naar Barcelona vertrok. De avond begint gezellig, met muziek, dans en warme herinneringen, maar krijgt al gauw een bittere smaak. Regisseur Cantet maakte met Entre les murs (2008; Gouden Palm, Oscarnominatie) al eerder een bescheiden praatfilm die zich op één locatie afspeelt, maar Retour à Ithaque is veel minder subtiel. De Cubaanse setting is interessant, de acteurs zijn prima, maar de dialogen zitten tjokvol platitudes.

El cuerno de la abundancia

2008 | Komedie

Spanje/Cuba 2008. Komedie van Juan Carlos Tabío. Met o.a. Enrique Molina, Jorge Perugorría, Paula Ali en Vladimir Cruz.

Cubaanse filmmaker Juan Carlos Tabío is de afgelopen decennia beeldbepalend geweest voor Cuba met zijn internationaal bejubelde films als Fresa y chocolate (1994), Guantanamera (1995) en Lista de espera (2000). In De hoorn des overvloeds schetst Tabío opnieuw een dubbelzinnig opgewekt beeld van vindingrijke Cubanen, deze keer aan de hand van familieleden die ontdekken dat zij wellicht de erven zijn van een achttiende-eeuws overzees fortuin. De maatschappijkritische kneep zit hem in het oplopende conflict over welke familieleden behoren tot 'het collectief' dat in aanmerking komt voor 'distributie'.

Nowhere

2001 | Komedie

Italië 2001. Komedie van Luis Sepulveda. Met o.a. Luigi Burruano, Jorge Perugorría, Harvey Keitel en Laura Mañá.

Cubaanse filmmaker Juan Carlos Tabío is de afgelopen decennia beeldbepalend geweest voor Cuba met zijn internationaal bejubelde films als Fresa y chocolate (1994), Guantanamera (1995) en Lista de espera (2000). In De hoorn des overvloeds schetst Tabío opnieuw een dubbelzinnig opgewekt beeld van vindingrijke Cubanen, deze keer aan de hand van familieleden die ontdekken dat zij wellicht de erven zijn van een achttiende-eeuws overzees fortuin. De maatschappijkritische kneep zit hem in het oplopende conflict over welke familieleden behoren tot 'het collectief' dat in aanmerking komt voor 'distributie'.

Miel para Oshún

2001 | Komedie

Cuba/Spanje 2001. Komedie van Humberto Solás. Met o.a. Saturnino García, Mario Limonta, Isabel Santos en Jorge Perugorría.

Cubaanse filmmaker Juan Carlos Tabío is de afgelopen decennia beeldbepalend geweest voor Cuba met zijn internationaal bejubelde films als Fresa y chocolate (1994), Guantanamera (1995) en Lista de espera (2000). In De hoorn des overvloeds schetst Tabío opnieuw een dubbelzinnig opgewekt beeld van vindingrijke Cubanen, deze keer aan de hand van familieleden die ontdekken dat zij wellicht de erven zijn van een achttiende-eeuws overzees fortuin. De maatschappijkritische kneep zit hem in het oplopende conflict over welke familieleden behoren tot 'het collectief' dat in aanmerking komt voor 'distributie'.

Lista de espera

2000 | Komedie, Romantiek

Cuba/Spanje/Frankrijk/Mexico/Duitsland 2000. Komedie van Juan Carlos Tabío. Met o.a. Vladimir Cruz, Thaimí Alvariño, Jorge Perugorría, Yaite Olmos en Roberto Viñas.

Lista de espera (wachtlijst) is een Cubaanse komedie met een gelukzalige afdronk rond een groepje lieden dat het lot - dagenlang wachten op de bus - in eigen hand neemt door het grauwe busstation om te toveren tot een mini-heilstaat. Regisseur Juan Carlos Tabío maakte eerder de wereldwijd bejubelde films Fresa y chocolate (1994) en Guantanamera (1995). Zijn gemoedelijke fabel Lista de espera won de publieksprijs in Cannes en werd zeer goed ontvangen door de internationale pers. Een aanrader vanwege de poëtische kijk op de dagelijkse beslommeringen van een verarmde natie. Internationaal uitgebracht als Waiting List.

Doña Bárbara

1999 | Drama

Spanje/Verenigde Staten 1999. Drama van Betty Kaplan. Met o.a. Esther Goris, Jorge Perugorría en Ruth Gabriel.

Lista de espera (wachtlijst) is een Cubaanse komedie met een gelukzalige afdronk rond een groepje lieden dat het lot - dagenlang wachten op de bus - in eigen hand neemt door het grauwe busstation om te toveren tot een mini-heilstaat. Regisseur Juan Carlos Tabío maakte eerder de wereldwijd bejubelde films Fresa y chocolate (1994) en Guantanamera (1995). Zijn gemoedelijke fabel Lista de espera won de publieksprijs in Cannes en werd zeer goed ontvangen door de internationale pers. Een aanrader vanwege de poëtische kijk op de dagelijkse beslommeringen van een verarmde natie. Internationaal uitgebracht als Waiting List.

Cuando vuelvas a mi lado

1999 | Drama

Frankrijk/Spanje/Italië 1999. Drama van Gracia Querejeta. Met o.a. Mercedes Sampietro, Jorge Perugorría, Julieta Serrano, Marta Belaustegui en Adriana Ozores.

Gloria (Sampietro) uit Madrid is 47 jaar. Ze is receptioniste in een hotel. Ze is ongetrouwd en interesseert zich uitsluitend voor haar hobby, de bolero. Haar jongere zus Ana is veertig, laat zich voor haar gunsten betalen door rijke kerels en fladdert regelmatig van de ene vent naar de andere. Ze blijkt achteraf een goed en groot hart te hebben. De jongste zus is Lidia (Mariscal) ze is 34, is vertaalster en zeven maanden in verwachting van een getrouwde vriend. Hun moeder is overleden en gecremeerd. Ze moeten nu de as naar Galicia brengen aan de noordwestelijke kust. De as moet verdeeld worden onder drie personen, hun tante Rafaela (Serano), een koffiedikkijkster en de vertrouwelinge van hun moeder, Santos (Dunoyer) de zoon van de chauffeur, die nu heer en meester is van het familiebezit, en hun vader Joao (Perugorria), een arme Cubaanse immigrant, die al heel lang uit het zicht is verdwenen. Het drietal, dat niet bepaald intensief met elkaar omging, begeeft zich al kibbelend onderweg en ze halen afzonderlijk of gezamenlijk herinneringen op, tot zij tenslotte in Galacia aankomen. De film is een sterk pyschologisch drama met redelijk wat dialoog dat overigens voortreffelijk wordt opgezegd. De heen en weer springende flashbacks, die lang niet altijd even duidelijk zijn, vormen meteen het zwakke punt van de film. Het is evenwel een prachtig gespeeld drama, waarvan een kijker die wat verlangt, intens genieten kan. Het scenario is van regisseuse Querejeta, haar vader Elias Querejeta (die EL SUR uit 1987 op zijn naam heeft staan), tevens producent van de film, en Manuel Gutiérrez Aragón. Het bekroonde camerawerk van Alfredo Mayo is tiptop en hij heeft goed gebruik gemaakt van de schitterende en ruige locaties. Gesitueerd in twee tijdperken: de jaren 1955-65 en de jaren 1990.

Historias clandestinas de la Habana

1997 |

Argentinië/Cuba 1997. Diego Musiak. Met o.a. Ulises Dumont, Jorge Perugorría en Susu Pecoraro.

Gloria (Sampietro) uit Madrid is 47 jaar. Ze is receptioniste in een hotel. Ze is ongetrouwd en interesseert zich uitsluitend voor haar hobby, de bolero. Haar jongere zus Ana is veertig, laat zich voor haar gunsten betalen door rijke kerels en fladdert regelmatig van de ene vent naar de andere. Ze blijkt achteraf een goed en groot hart te hebben. De jongste zus is Lidia (Mariscal) ze is 34, is vertaalster en zeven maanden in verwachting van een getrouwde vriend. Hun moeder is overleden en gecremeerd. Ze moeten nu de as naar Galicia brengen aan de noordwestelijke kust. De as moet verdeeld worden onder drie personen, hun tante Rafaela (Serano), een koffiedikkijkster en de vertrouwelinge van hun moeder, Santos (Dunoyer) de zoon van de chauffeur, die nu heer en meester is van het familiebezit, en hun vader Joao (Perugorria), een arme Cubaanse immigrant, die al heel lang uit het zicht is verdwenen. Het drietal, dat niet bepaald intensief met elkaar omging, begeeft zich al kibbelend onderweg en ze halen afzonderlijk of gezamenlijk herinneringen op, tot zij tenslotte in Galacia aankomen. De film is een sterk pyschologisch drama met redelijk wat dialoog dat overigens voortreffelijk wordt opgezegd. De heen en weer springende flashbacks, die lang niet altijd even duidelijk zijn, vormen meteen het zwakke punt van de film. Het is evenwel een prachtig gespeeld drama, waarvan een kijker die wat verlangt, intens genieten kan. Het scenario is van regisseuse Querejeta, haar vader Elias Querejeta (die EL SUR uit 1987 op zijn naam heeft staan), tevens producent van de film, en Manuel Gutiérrez Aragón. Het bekroonde camerawerk van Alfredo Mayo is tiptop en hij heeft goed gebruik gemaakt van de schitterende en ruige locaties. Gesitueerd in twee tijdperken: de jaren 1955-65 en de jaren 1990.

Cosas que dejé en La Habana

1997 | Komedie, Drama

Spanje 1997. Komedie van Manuel Gutiérrez Aragón. Met o.a. Jorge Perugorría, Violeta Rodríguez, Kiti Manver, Broselianda Hernandez en Isabel Santos.

Nena (Rodr[KA1]iguez), Ludmilla (Hernandez) en Rosa (Santos) zijn drie zusters uit Cuba, die naar Spanje zijn gegaan. Ze zijn niet meer teruggekerd naar het arbeidersparadijs van Fidel en verblijven nu illegaal in de Spaanse hoofdstad. Ze hebben een onderkomen gevonden bij hun tante Maria (Granados), een bontwerkster die een winkel bezit samen met een compagnon. Het trio moet in hun onderhoud voorzien door voor een schijntje voor tante Maria te werken. Tante wil Rosa koppelen aan Javier (Nieto), de homoseksuele zoon van haar zakelijke partner. Javier valt echter voor Nena die aspiraties voor het theater heeft. Nena`s beste vriendin Azucena (Manver) woont een etage hoger. Tegelijkertijd maken we kennis met Igor (Perrugorría), die ook uit Cuba afkomstig is, en zich in leven houdt door gunsten te verlenen aan oudere, rijke dames. Af en toe vervalst hij paspoorten, waarmee landgenoten naar Miami in de V.S. kunnen afreizen. Igor en Nena ontmoeten elkaar in een bar en de vonk springt over, maar Nena's teleurstelling blijkt heel groot als ze ontdekt dat Azucena met Igor in bed duikt. Deze film gaat over het overleven van Cubaanse emigranten in Spanje en geeft van dit weinig bekende verschijnsel als film een heel goed beeld, maar Cubanen die het inmiddels in Miami gemaakt hebben, vinden dat de waarheid behoorlijk overtrokken wordt door het feit dat de rolverdeling, die afkomstig is uit Cuba, als gastarbeiders hebben meegewerkt aan deze film. De regie van Gutiérrez Aragón is heel solide, de spelprestaties zijn goed en de muziek, die tango-, rumba en bolero-klanken laat horen, versterkt het geheel. Het camerawerk van Teo Escamilla is onberispelijk. Het was Escamilla's zwanezang, want hij overleed nadat de film was uitgebracht. Op het gerenommeerde festival van Villadolid deelde deze film een tweede prijs met CAREER GIRLS.

Cosas que deje en la Habana

1997 |

Spanje 1997. Manuel Gutiérrez Aragón. Met o.a. Kiti Manver, Violeta Rodriguez en Jorge Perugorría.

Nena (Rodr[KA1]iguez), Ludmilla (Hernandez) en Rosa (Santos) zijn drie zusters uit Cuba, die naar Spanje zijn gegaan. Ze zijn niet meer teruggekerd naar het arbeidersparadijs van Fidel en verblijven nu illegaal in de Spaanse hoofdstad. Ze hebben een onderkomen gevonden bij hun tante Maria (Granados), een bontwerkster die een winkel bezit samen met een compagnon. Het trio moet in hun onderhoud voorzien door voor een schijntje voor tante Maria te werken. Tante wil Rosa koppelen aan Javier (Nieto), de homoseksuele zoon van haar zakelijke partner. Javier valt echter voor Nena die aspiraties voor het theater heeft. Nena`s beste vriendin Azucena (Manver) woont een etage hoger. Tegelijkertijd maken we kennis met Igor (Perrugorría), die ook uit Cuba afkomstig is, en zich in leven houdt door gunsten te verlenen aan oudere, rijke dames. Af en toe vervalst hij paspoorten, waarmee landgenoten naar Miami in de V.S. kunnen afreizen. Igor en Nena ontmoeten elkaar in een bar en de vonk springt over, maar Nena's teleurstelling blijkt heel groot als ze ontdekt dat Azucena met Igor in bed duikt. Deze film gaat over het overleven van Cubaanse emigranten in Spanje en geeft van dit weinig bekende verschijnsel als film een heel goed beeld, maar Cubanen die het inmiddels in Miami gemaakt hebben, vinden dat de waarheid behoorlijk overtrokken wordt door het feit dat de rolverdeling, die afkomstig is uit Cuba, als gastarbeiders hebben meegewerkt aan deze film. De regie van Gutiérrez Aragón is heel solide, de spelprestaties zijn goed en de muziek, die tango-, rumba en bolero-klanken laat horen, versterkt het geheel. Het camerawerk van Teo Escamilla is onberispelijk. Het was Escamilla's zwanezang, want hij overleed nadat de film was uitgebracht. Op het gerenommeerde festival van Villadolid deelde deze film een tweede prijs met CAREER GIRLS.

Un asunto privado

1996 | Drama

Spanje/Portugal 1996. Drama van Imanol Arias. Met o.a. Antonio Valero, Pastora Vega en Jorge Perugorría.

Nena (Rodr[KA1]iguez), Ludmilla (Hernandez) en Rosa (Santos) zijn drie zusters uit Cuba, die naar Spanje zijn gegaan. Ze zijn niet meer teruggekerd naar het arbeidersparadijs van Fidel en verblijven nu illegaal in de Spaanse hoofdstad. Ze hebben een onderkomen gevonden bij hun tante Maria (Granados), een bontwerkster die een winkel bezit samen met een compagnon. Het trio moet in hun onderhoud voorzien door voor een schijntje voor tante Maria te werken. Tante wil Rosa koppelen aan Javier (Nieto), de homoseksuele zoon van haar zakelijke partner. Javier valt echter voor Nena die aspiraties voor het theater heeft. Nena`s beste vriendin Azucena (Manver) woont een etage hoger. Tegelijkertijd maken we kennis met Igor (Perrugorría), die ook uit Cuba afkomstig is, en zich in leven houdt door gunsten te verlenen aan oudere, rijke dames. Af en toe vervalst hij paspoorten, waarmee landgenoten naar Miami in de V.S. kunnen afreizen. Igor en Nena ontmoeten elkaar in een bar en de vonk springt over, maar Nena's teleurstelling blijkt heel groot als ze ontdekt dat Azucena met Igor in bed duikt. Deze film gaat over het overleven van Cubaanse emigranten in Spanje en geeft van dit weinig bekende verschijnsel als film een heel goed beeld, maar Cubanen die het inmiddels in Miami gemaakt hebben, vinden dat de waarheid behoorlijk overtrokken wordt door het feit dat de rolverdeling, die afkomstig is uit Cuba, als gastarbeiders hebben meegewerkt aan deze film. De regie van Gutiérrez Aragón is heel solide, de spelprestaties zijn goed en de muziek, die tango-, rumba en bolero-klanken laat horen, versterkt het geheel. Het camerawerk van Teo Escamilla is onberispelijk. Het was Escamilla's zwanezang, want hij overleed nadat de film was uitgebracht. Op het gerenommeerde festival van Villadolid deelde deze film een tweede prijs met CAREER GIRLS.

Cachito

1996 |

Spanje 1996. Enrique Urbizu. Met o.a. Sancho Gracia, Amara Carmona en Jorge Perugorría.

Nena (Rodr[KA1]iguez), Ludmilla (Hernandez) en Rosa (Santos) zijn drie zusters uit Cuba, die naar Spanje zijn gegaan. Ze zijn niet meer teruggekerd naar het arbeidersparadijs van Fidel en verblijven nu illegaal in de Spaanse hoofdstad. Ze hebben een onderkomen gevonden bij hun tante Maria (Granados), een bontwerkster die een winkel bezit samen met een compagnon. Het trio moet in hun onderhoud voorzien door voor een schijntje voor tante Maria te werken. Tante wil Rosa koppelen aan Javier (Nieto), de homoseksuele zoon van haar zakelijke partner. Javier valt echter voor Nena die aspiraties voor het theater heeft. Nena`s beste vriendin Azucena (Manver) woont een etage hoger. Tegelijkertijd maken we kennis met Igor (Perrugorría), die ook uit Cuba afkomstig is, en zich in leven houdt door gunsten te verlenen aan oudere, rijke dames. Af en toe vervalst hij paspoorten, waarmee landgenoten naar Miami in de V.S. kunnen afreizen. Igor en Nena ontmoeten elkaar in een bar en de vonk springt over, maar Nena's teleurstelling blijkt heel groot als ze ontdekt dat Azucena met Igor in bed duikt. Deze film gaat over het overleven van Cubaanse emigranten in Spanje en geeft van dit weinig bekende verschijnsel als film een heel goed beeld, maar Cubanen die het inmiddels in Miami gemaakt hebben, vinden dat de waarheid behoorlijk overtrokken wordt door het feit dat de rolverdeling, die afkomstig is uit Cuba, als gastarbeiders hebben meegewerkt aan deze film. De regie van Gutiérrez Aragón is heel solide, de spelprestaties zijn goed en de muziek, die tango-, rumba en bolero-klanken laat horen, versterkt het geheel. Het camerawerk van Teo Escamilla is onberispelijk. Het was Escamilla's zwanezang, want hij overleed nadat de film was uitgebracht. Op het gerenommeerde festival van Villadolid deelde deze film een tweede prijs met CAREER GIRLS.

Bámbola

1996 | Komedie

Spanje/Frankrijk/Italië/Verenigd Koninkrijk 1996. Komedie van Bigas Luna. Met o.a. Valeria Marini, Stefano Dionisi, Jorge Perugorría, Manuel Bandera en Anita Ekberg.

Na de dood van haar moeder opent Bámbola samen met haar homoseksuele broer Flavio een pizzeria. Bámbola krijgt het geld voorgeschoten van Ugo, maar deze wordt even later gedood door Settimio, een vriend van Bámbola. Terwijl ze Settimio gaat opzoeken in de gevangenis leert Bámbola de sadist Furio kennen, met wie ze een relatie begint

Guantanamera

1995 | Komedie, Drama

Duitsland/Spanje/Cuba 1995. Komedie van Tomás Gutiérrez Alea en Juan Carlos Tabío. Met o.a. Carlos Cruz, Mirtha Ibarra, Jorge Perugorría, Raúl Eguren en Pedro Fernandez.

Yoyita (Brando), een bekende Cubaanse zangeres, woont in Havana en besluit na 50 jaar naar haar geboorteplaats Guantanamera (van het liedje!) aan de andere kant van het eiland te gaan. Ze bezoekt haar nicht Georgina (Ibarra), een lerares die getrouwd is met Aldolfo (Cruz), een tot aparatchik gedegradeerde partijfunctionaris. Ze overlijdt van vreugde na het weerzien met een liefde van vroeger en nu moet er met het lijk gesleept worden.

Fresa y chocolate

1994 | Drama

Spanje/Mexico/Cuba 1994. Drama van Tomás Gutiérrez Alea en Juan Carlos Tabío. Met o.a. Jorge Perugorría, Vladimir Cruz, Mirta Ibarra, Francisco Gattorno en Jorge Angelino.

Davids vriendin is er juist vandoor wanneer hij de iets oudere, duidelijk homoseksuele Diego (Perugorría) ontmoet. Als rechtgeaarde Castro-aanhanger heeft David (Cruz) z'n bedenkingen over diens flamboyante levensstijl, maar schoorvoetend ontstaat er een vriendschap tussen de twee mannen. De veterane Cubaanse regisseur Alea geeft Diego, tegen de achtergrond van kleurrijk Havana, de ruimte zijn bezwaren tegen het Castro-regime uiteen te zetten. Politiek en seks raken verweven in dit goedmoedige drama naar een verhaal van Senel Paz, de eerste Cubaanse film die een Oscarnominatie kreeg.

Derecho de Asilo

1994 | Drama

1994. Drama van Octavio Cortazar. Met o.a. Luisa Perez Nieto, Jorge Perugorría en Carlos Padron.

Davids vriendin is er juist vandoor wanneer hij de iets oudere, duidelijk homoseksuele Diego (Perugorría) ontmoet. Als rechtgeaarde Castro-aanhanger heeft David (Cruz) z'n bedenkingen over diens flamboyante levensstijl, maar schoorvoetend ontstaat er een vriendschap tussen de twee mannen. De veterane Cubaanse regisseur Alea geeft Diego, tegen de achtergrond van kleurrijk Havana, de ruimte zijn bezwaren tegen het Castro-regime uiteen te zetten. Politiek en seks raken verweven in dit goedmoedige drama naar een verhaal van Senel Paz, de eerste Cubaanse film die een Oscarnominatie kreeg.

op televisie
0 uitzendingen

Maak een abonnement aan als u op tijd gewaarschuwd wilt worden wanneer Jorge Perugorría op televisie komt.

Reageer