Club Lees las ‘Sprokkelaars’

Sprokkelaars van Mira Aluç is het zesentwintigste boek dat we hebben gelezen met Club Lees en werd gekozen door clublid Mahat. In dit artikel blikken we terug op de vijf weken die we samen hebben doorgebracht tussen de afgedankte paaseitjes en douchemandjes met zuignap en natuurlijk in de kantlijn. 

Mahat heeft dit boek gekozen omdat het voor hem erg persoonlijk was. Sprokkelaars gaat over Jong. Hij is net afgestudeerd en werkt in de partijloods van zijn oom, hier is hij spontaan terecht gekomen. Als hij daar gaat werken wordt hij al snel geconfronteerd met klassenverschillen in de maatschappij. Zijn loopbaan gaat niet zoals hij vanuit zijn studie voor ogen had. Mahat herkent veel van de besluiteloosheid die het hoofdpersonage laat zien, wat moet je doen na een opleiding?  

Besluiteloosheid en identiteit

Jong komt terecht in bij partijloods van zijn oom. Mahat vertelde in de kantlijn nog even wat een partijhandel nou precies is. ‘Een plek waar spullen terecht komen die niet verkocht zijn in de reguliere winkel.’ 

Het boek is heel erg karakter-gedreven. We leven mee met Jong en zijn dag tot dag op het industrieterrein en met zijn collega’s die door omstandigheden daar ook terecht zijn gekomen. Anniek zegt dat we echt leven in zijn hoofd, dat het iets intiems heeft. 

Het industrieterrein is bijna een dorp op zichzelf, met eigen (soms ongeschreven) regels en wetten waar verschillende waarheden naast elkaar kunnen bestaan. Tijdens de meet-up zegt Hanneke dat ze het gevoel kreeg dat het ‘us against the world’, is. Allemaal buitenbeentjes maar toch een team. Naaz benadrukt ook dat community-gevoel. Hoe zoiets bijvoorbeeld op de middelbare school al wordt bepaald, door verschillende cliques krijg je een stempel. 

Maatschappelijke positie en klasse

Volgens Aluç zijn Sprokkelaars mensen die hun leven bij elkaar rapen, elkaar opzoeken en elkaar helpen. Het gaat vaak over klasse en de maatschappelijke positie die je aanneemt op basis van bijvoorbeeld je opleiding.  

Halverwege het boek komt Jong een oud klasgenoot tegen in de partijhandel. De klasgenoot praat heel neerbuigend over waar hij nu werkt. 'Je snapt wel dat mensen in de zwartigheid verdwijnen, als wit niet zoveel oplevert.' Nena schrijft in de kantlijn: ‘Ik denk dat de onderliggende gedachte is; je hebt toch een goed diploma waarom zou je dan geen “hoger” beroep kiezen?’ 

Jong spreekt zich uit tegenover zijn oude klasgenoot. Hij komt op voor zijn oom en zijn collega’s op het terrein, dit is een omslag in zijn karakter. Op dit punt hoort hij echt bij de plek waar hij werkt. Minne zegt in de app dat het eigenlijk een vorm van verzet is.  

De clubleden hadden het tijdens de meet-up ook over het begrip sprokkelen en over verzamelen, Melanie las voor: "Verzamelen is grip voor de griplozen, een traptrede boven niets. Daalde je te ver af, dan dreigde je in het duister van de chaos te vallen." Hanneke herkent zichzelf als kunstenaar ontzettend in een sprokkelaar. Dat je allemaal aparte klussen bij elkaar grijpt, ‘Ik voel me een soort zeilboot die telkens bij een andere steiger aanmeert, maar toch alleen op het water ligt’ zegt ze in de meetup. Mahat geeft aan dat sprokkelen voor iedereen persoonlijk is, dat je omstandigheden kunnen veranderen waarvoor je sprokkelt.  

Het nieuwe boek

Het volgende boek wat we gaan lezen is De glazen stolp van Sylvia Plath, dat is gekozen door Naaz. Een klassieker én de enige roman van Plath, zij was dichter. Naaz koos het boek omdat ze zich eerder ontzettend verbonden voelde met het hoofdkarakter. Je kan dit boek lezen van 27 april tot 31 mei, in de gratis Club Lees app!