Kameroen is het België van Afrika. Er woedt al jaren een taalstrijd, maar die dreigt onderhand uit te lopen op een burgeroorlog. Nu al telt het land tienduizenden ontheemden, en 30.000 burgers zijn het geweld ontvlucht naar buurland Nigeria.

‘Het is inmiddels echt een plattelandsoorlog, de steden zijn gemilitariseerd’, vertelt Afrikadeskundige Mirjam de Bruijn. Ze is net terug uit het land en schrok van de situatie. ‘Er doen verhalen de ronde over massagraven.’

'Er doen verhalen de ronde over massagraven'
Mirjam de Bruijn

Afgelopen oktober riepen Engelstalige Kameroeners de onafhankelijkheid uit en gingen de straat op. De regering van president Paul Biya reageerde met veel geweld. Officiële cijfers van het aantal doden zijn er niet, maar dat daarbij slachtoffers vielen is zeker.

‘Er is veel gaande in Kameroen, waar wij hier in Nederland niets over horen’, zegt De Bruijn. Zo zouden regeringstroepen dorpen platbranden, mensen oppakken en vermoorden. Burgers zijn bang, maar niet alleen voor de troepen van Biya. Ook de rebellen schuwen gewapend geweld niet. Wie niet overduidelijk aan de zijde van de Engelstaligen staat, moet dat duur bekopen. Mensen die overlopen naar het regime worden ontvoerd.

'Burgers zijn bang, maar niet alleen voor de troepen van president Biya' - Mirjam de Bruijn

Taalstrijd

De Engelstaligen voelen zich sinds de onafhankelijkheid van Frankrijk in 1961 onderdrukt en gediscrimineerd door de Franstalige regering in de hoofdstad Yaoundé. Zo is het onderwijs Franstalig en mogen ze hun eigen taal op school niet gebruiken. Ook worden ze economisch achtergesteld.

Dialoog met de president Paul Biya lijkt uitzichtloos. De 35-jarige leider is een derde van zijn tijd in het buitenland te vinden. En als je stil bent, kan je ook niks verkeerds zeggen.

Een gesprek met Mirjam de Bruijn over de gewapende taalstrijd in Kameroen. VPRO’s Bureau Buitenland op NPO Radio 1