Het gaat om hilarische én ernstige gesprekken met onder andere Andreas Burnier, Theo van Gogh, Connie Palmen, Herman Kuiphof, een onbekende non, een jeugdherbergmoeder en vele anderen.

We trappen af met een zogenaamde nulaflevering, waarin Anton de Goede de radiodocumentaire Hoe was ik? – een documentaire over het werk en leven van Ischa Meijer uit 2005 – bespreekt met de maker daarvan, David de Jongh.

Dit is de vijftiendelige serie Een dik uur Ischa op de radio, elke twee weken volgt een nieuwe aflevering. Deze zijn te beluisteren via vpro.nl of jouw favoriete podcast-app.

afleveringen

stuur ons je favoriete Ischa-interview

Er is zo’n vierhonderd uur van Ischa te vinden op vpro.nl/ischa. Wat is jouw favoriete, meeste irritatie opwekkende, schandaligste of meest geliefde Ischa-interview?

Maak een keuze en laat die met een korte argumentatie of herinnering aan ons weten. De opmerkelijkste reacties plaatsen we hier – en wie weet vragen we je in de laatste aflevering van onze podcastserie om je verhaal te komen vertellen waarbij we dan jouw verhaal & keuze integraal in de podcast opnemen. Mail ons op ischa@vpro.nl.

inzendingen

interview met Bram Vermeulen

'Jaren geleden op dinsdagmiddag tussen vijf en zes luisterde ik altijd naar het interviewprogramma van Ischa Meijer op de radio tijdens het eten koken. Ik herinner me een interview met Bram Vermeulen, over o.a. volleybal. Ischa, die totaal niets afwist van die sport, wilde van Bram hier alles over weten. Maar telkens kwam er een hele andere, voor Bram totaal verrassende vraag, zodat het een levendig, ontregelend en vrolijk gesprek werd. In mijn herinnering dus.'

Hilde Kester

interview met Annie M.G. Schmidt

'Het leukste interview van Ischa vind ik (natuurlijk!) het interview met Annie M.G. Schmidt. Die twee voelen elkaar aan, hebben respect voor elkaar, en delen de gein. (Liever gein dan humor, humor wordt zo vaak links en rechts gebruikt, dat het niet humoristisch meer is.)

Dat Annie niet bang is voor Ischa’s scherpe tong, is heel ontwapenend. Als hij te veel doorzeurt, zegt ze dat gewoon. En ook: ‘Zeg jij ook eens wat’, als hij niet meteen reageert.

Hij neemt niet zomaar alles klakkeloos van haar aan. Zet zijn tanden in het interview, en weet zo te morrelen aan haar omschrijving van zichzelf als een ‘bemoste boom’ (die zij voor en in de oorlog zou zijn geweest), tot ze toegeeft de oorlogstijd als een avontuurlijke tijd te hebben ervaren, en zich daar voor te schamen.

Ontroerend is de laatste passage, wanneer Ischa zegt dat ze altijd maar doorgaat. ‘The show must go on’, bevestigt ze. Ze vergelijkt dit doorgaan met de instelling van een acteur, die ongeacht wat er in het leven gebeurt, toch op de planken staat. En gaat dan door over de ‘kleinkunst’, waarom het genre zo klein is omschreven. Zoals haar schrijfwerk trouwens ook bij het ‘lichte genre’ wordt ondergebracht. Dit zegt haar niet veel; voor haar bestaat alleen goed of slecht schrijven. En terecht. Het punt is gemaakt, wijselijk beëindigt hij het gesprek.'

Sandra van Beek

interview met Olga Zuiderhoek

'Destijds heb ik genoten van het interview met Olga Zuiderhoek. Ischa stelt Olga in staat om op een heel terloopse, vrolijke, serieuze en beschaafde manier over haar plezier in het drinken van alcohol te vertellen. Het fragment staat zo heerlijk haaks op het huidige eeuwige waarschuwen tegen drank. 

En het goedmoedige geplaag werkt zo lekker relativerend. Maar al met al proef je ook de diepere toon onder dit gesprek. Knap werk!'

Nel Hendriks

interview met Frits Lambrechts

'Een van de interviews die mij het meest bij staat is het gesprek met Frits Lambrechts ('geboren in 1937 zodat hij oud genoeg is om fout te kunnen zijn geweest') uit Een uur Ischa van 15 oktober 1984. De uitzending begint met de piano-intro van het Horst Wessellied, waarna Lambrechts het hele lied ten gehore brengt. In het volgende gesprek analyseert Lambrechts de overeenkomsten tussen het Horst Wessellied, "Hand in hand kameraden" en de Internationale.

Het gesprek is taboeloos en tegelijkertijd tekenend voor Ischa Meijer en zijn eindeloze fascinatie voor de Tweede Wereldoorlog.'

Jeroen