Deze mensen strijden voor het bos

Bossen maken de aarde leefbaar en stimuleren biodiversiteit. Toch werd alleen vorig jaar nog half miljoen hectare bos gekapt. Dat moet stoppen, zeggen de vijf hoofdpersonen uit onze eerste aflevering van het seizoen, 'In de ban van het bos'.

De één doet onderzoek naar het onderliggende communicatienetwerk van de bossen, de ander neemt 'stille' geluiden op in de natuur, en weer een ander geeft les met een frisse kijk op de ecologische samenstelling van het bos. Wat kunnen we leren van de oeroude intelligentie van bomen? Hoe komt het dat bomen zo’n invloed hebben op ons leven? Waarom zijn ze zo wezenlijk voor ons leven en voor de gezondheid van onze ecosystemen en onze planeet? 

Stilte sterft uit, ook in de natuur. Wanneer heb je voor het laatst echte stilte ervaren, zonder enig spoor van menselijk geluid? De kans is groot dat je je dat niet eens herinnert: stilte wordt een steeds zelzamere ervaring. 

Akoestisch ecoloog Gordon Hempton is op een missie om oases van rust in ons leven terug te laten keren. Hij neemt al bijna veertig jaar akoestische natuurgeluiden op van ‘bedreigde’ landschappen, ver weg van het dominante, menselijke lawaai. Met zijn project ‘One Square Inch of Silence’ laat hij zien hoe je met absolute stilte in een klein gebied al veel impact kan hebben dat mijlenver reikt. In 1992 won hij met zijn documentaire ‘Vanishing Dawn Chorus’ een Emmy Award. 

Het klinkt bijna als een sprookje: bomen die praten en via een ondergronds netwerk verbindingen aanleggen. 'Het is net een enorm internet', zegt hoogleraar bosecologie Suzanne Simard. 

In het bos wemelt het van kilometerslange netwerken, ‘snelwegen’ die bomen met hun buren verbinden. 'We weten nog maar heel weinig,' stelt Simard, 'maar we weten wel dat bomen op deze manier met elkaar communiceren.' 

Simard bestudeert het sociale netwerk tussen bomen. Dat wordt mogelijk gemaakt door nuttige schimmels. Uit haar baanbrekende onderzoek werd eind vorige eeuw al duidelijk dat onze bossen uit een complex symbiotisch netwerk bestaan waarbij bepaalde bomen dankzij het schimmelnetwerk voedingsstoffen met elkaar kunnen uitwisselen.

Ook ontdekte Simard de ‘mother trees’, de grootste bomen van het bos. Zij fungeren als unieke bomen die zaadjes ondersteunen in hun groei door ze de benodigde schimmels en voedingsstoffen te verschaffen, zodat zij ook deel kunnen uitmaken van het netwerk. ‘Mother trees’ zijn dus een belangrijk deel van het bos.

Mede met behulp van haar onderzoek probeert de Canadese Simard meer aandacht te vragen voor schadelijke boskap. Simard geeft ook les aan the University of British Columbia in Vancouver, bij het Department of Forest and Conservation Sciences.

In het meest recente boek van Richard Powers, de met de Pulitzerprijs bekroonde 'The Overstory' (2018), komt overigens een personage voor dat is gebaseerd op Simard: Patricia Westerford. In het boek komt Patricia met het controversiële idee dat bomen een eigen communicatienetwerk hebben, om vervolgens door haar collega’s te worden bespot. En ja, ook Simard werd voor zij haar onderzoek uitbracht uitgelachen door academici uit haar vakgebied. 

future shock: een podcast over de toekomst met makers, doeners en denkers

Het bos staat op het spel

#33

→ Beluister de laatste aflevering
Hoewel Nederland in verhouding tot Brazilië en Rusland weinig bossen kent, is ook hier debat over ontbossing en onnodige houtkap door Staatsbosbeheer. 

Abonneer je: Apple PodcastsStitcher of RSS-feed

Annie Proulx (Connecticut, 1935) is journalist en schrijver. Ze behaalt haar master in geschiedenis aan de Concordia University in Montreal, Quebec.

In 1993 breekt ze internationaal door met 'The Shipping News', waarmee ze zowel de Pulitzerprijs als de National Book Award wint. De afgelopen jaren neemt ze echter afstand van fictie en richt ze zich op de ecologische crisis in de echte wereld: met historische onderbouwing schrijft ze onder andere verhalen over de bossen. Want, zo zegt ze stellig: 'ik wil in de tijd die me nog rest zoveel mogelijk te weten komen over hoe dingen functioneren, wat werkelijk van belang is, en hoe het komt dat de aarde struikelt en onderuitgaat.'

Haar meest recente boek, 'Barkskins' (2016, vertaald als 'Schorshuiden'), gaat over de ontbossing van Noord-Amerika door Europese kolonisten. In het achthonderd pagina's tellende epos beschrijft ze aan de hand van twee vervlochten familiegeschiedenissen 'de weg van de ooit schijnbaar onuitputtelijke oerbossen van Noord-Amerika naar de rand van de afgrond van klimaatverandering anno nu'

Als nakomeling van de inheemse Potowatomi-stam die tijdens de kolonisatie volledig van zijn cultuur is beroofd, vroeg Robin Kimmerer (1953) zich altijd af hoe zij deze cultuur nieuw leven in kon blazen en kon behouden: ‘It always seemed to me that if there could be a school designed to erase what you know, there ought to be a school that could bring it back.’

Met deze gedachte begon zij met haar PhD in plantkunde bij het College of Environmental Science and Forestry aan het SUNY College in Syracuse, New York. 

Ze groeide op in het noorden van New York tussen de planten en de bomen. Als kind wist ze al dat planten geen objecten zijn, maar leermeesters waar we veel van kunnen leren. Met dit begrip voor natuur heeft zij veel bijgedragen in haar vakgebied van plantkunde. Kimmerer haalt in haar werken veel van de traditionele kennis van inheemse volkeren aan.

Verder is zij de oprichter van het Center for Native Peoples and the Environment, dat als missie heeft programma’s te creëren die zowel de traditionele wijsheid van de inheemse volkeren als de moderne wetenschappelijke kennis combineren, om onze gedeelde doelen van duurzaamheid te realiseren. 

Als schrijver en onderzoeker omvatten haar interesses niet alleen het herstel van ecologische gemeenschappen, maar ook het herstel van onze relatie met de aarde. Haar boek ‘Gathering Moss’ won in 2005 de prestigieuze John Burroughs Medal for Nature Writing. 

Op 10-jarige leeftijd komt activist Ken Wu voor het eerst in contact met het charismatische ecosysteem van een oerbos. Dit fascineert hem zo dat hij zich er de rest van zijn leven bezig mee gaat houden.

Inmiddels zet Wu zich al meer dan twintig jaar in voor het milieu en is hij co-oprichter van de Ancient Forest Alliance (AFA). De AFA heeft onder andere een succesvolle campagne gerund waarbij zij het oerbos Avatar Grove in Brits-Columbia, Canada hebben beschermd. Verder heeft de organisatie ook aandacht geworven voor de oerbossen, onder andere door de meer dan zeventig meter hoge Big Lonely Doug te adopteren. 

We hebben de natuur, het bos, nodig om te overleven. Maar zijn er geen andere manieren – nieuwe technologieën uit Silicon Valley bijvoorbeeld – om de aarde te redden? Op die vraag reageert Ken Wu resoluut: 'Het beste apparaat om CO2 op te slaan is een boom. De natuur. We hebben geen complexe technologieën nodig om de aarde te redden. Met onze bestaande kennis kunnen we behouden wat al goed werkt.'