Het water stijgt: deze mensen denken daar nú al over na

Welke oplossingen voor zeespiegelstijging zijn dusdanig wendbaar dat ze toepasbaar zijn op alle mogelijke scenario’s? In de aflevering 'Waterlanders' spreken we mensen die daar al hard over nadenken. Wie zijn zij?

Marjolijn Haasnoot

Wat moet je doen als de toekomst onzeker is? De zeespiegel zal blijven stijgen, maar hoe snel dat gaat is niet duidelijk. Milieuwetenschapper Marjolijn Haasnoot vindt dat we voorbereid moeten zijn voor elke situatie, en daarvoor moet het waterbeleid misschien wel helemaal anders. Dat is geen makkelijke taak: ‘We hebben eeuwenlang gedaan over ons waterbeheer, dat pas je niet zomaar even aan', zegt Haasnoot. 'Je moet er een strategie voor hebben.’

En dat is precies wat ze doet, strategieën bedenken. Inmiddels heeft ze bij onderzoeksinstituut Deltares talloze scenario’s en bijbehorende oplossingen verzameld voor toekomstige zeespiegelstijging.

Haasnoot specialiseert zich in het kiezen van opties onder grote onzekerheid, ook wel deep uncertainty genoemd. Keuzes maken onder deze druk klinkt in eerste instantie intimiderend, maar Haasnoot deinst daar niet voor terug. Zij stelt dat we het strategische denken van deep uncertainty onbewust al veel toepassen, in ons dagelijks leven. Denk aan: het bedenken van verschillende strategieën voor een voetbalwedstrijd. ‘Als het anders verloopt dan je verwacht, dan weet je wat je moet doen, en dat geeft vertrouwen dat je het ook kunt doen’ concludeert ze. 

‘We hebben eeuwenlang gedaan over ons waterbeheer, dat pas je niet zomaar even aan. Je moet er een strategie voor hebben’

Dick Butijn

Voor Dick Butijn komt de strijd tegen zeespiegelstijging nagenoeg als een tweede natuur: ‘Het zit een beetje in het DNA van elke Zeeuw, dat-ie veel heeft met het water en het land, en dus ook het gevecht tegen het water.’ Hij denkt als bijna gepensioneerd ingenieur mee over een van de problemen die Haasnoot ook onder haar lijstje van toekomstscenario's heeft staan. Butijn is al jaren bezig met een oplossing voor zeespiegelstijging: op ongeveer twintig kilometer afstand een enorme dijk bouwen, buiten de huidige kust. Nederland zou dan helemaal geen last meer hebben van de waterstijging, zegt hij. 

‘Het zit een beetje in het DNA van elke Zeeuw, dat gevecht tegen het water'

Geert van der Meulen

Hoewel de relatie tussen land en zee de afgelopen jaren rustig is geweest, wordt het volgens onderzoeker Geert van der Meulen (TU Delft) hoog tijd om de zeespiegelstijging weer serieus te nemen: ‘De mensen die de watersnoodramp hebben meegemaakt beginnen uit te sterven. We nemen nu voor lief dat we hier veilig zijn.’

Hij pleit voor een radicaal andere aanpak van ons waterbeleid: we moeten ons terugtrekken uit delen van het land en dat weer teruggeven aan de zee. Steeds hogere dijken bouwen ziet hij niet als de oplossing. Want willen we straks wel achter dijken van twintig meter wonen?

Van der Meulen studeerde af met zijn onderzoek ‘New Netherlands’, waarin zijn plan wordt uitgelegd. Als we stukken land zouden moeten teruggeven aan de zee, moet naar schatting ongeveer 1.7 miljoen bewoners verhuizen. ‘We moeten gaan samenwerken met de zee, en niet steeds maar in de aanval gaan’ zegt hij vastberaden.

‘We moeten gaan samenwerken met de zee, en niet steeds maar in de aanval gaan’

Eric-Jan Pleijster

Bestaat de ‘Nederlander’ straks nog wel, of moeten we in het geval van een snelle zeespiegelstijging straks de levensstijl van een ‘Waterlander’ gaan aannemen?

Als landschapsarchitect van Lola Landscape Architects denkt Eric-Jan Pleijster na over het landschap van de toekomst: hij is momenteel bezig met het ontwikkelen van een alomvattend plan voor 2200, voor het geval de zeespiegel dan aanzienlijk is gestegen. In dat plan ziet hij een groot deel van de Nederlandse bewoners verhuizen naar drogere gebieden. Waarbij niet alles aan het water gegeven wordt, maar waar ook wordt gekeken naar wat er behouden kan worden. 

Want, of we door moeten gaan met het alsmaar versterken van onze dijken, betwijfelt hij: ‘Zijn de plekken waarop we nu bouwen wel de meest verstandige plekken? Moeten we niet zeespiegel-bestendig bouwen in de hoge gronden van Nederland in plaats van op de diepste polders?’ Pleijster gaat in gesprek met mensen uit verschillende kennisgebieden om zo uit allerlei invalshoeken nieuwe oplossingen te bedenken.

In 2013 won Pleijster de Rotterdam-Maaskantprijs voor jonge architecten.

‘Zijn de plekken waarop we nu bouwen wel de meest verstandige plekken?'

Gilles Erkens

Geoloog Gilles Erkens vindt dat het beleid op de polders meer bewust gericht moet zijn op zeespiegelstijging. Want terwijl het water om ons heen stijgt, zakken ook nog eens delen van Nederland langzaam onder onze voeten weg. Dit komt voor een groot deel door het veen onder de grond dat krimpt wanneer het teveel in aanraking komt met zuurstof. Vervolgens ontstaat er bodemdaling.

Volgens Erkens moeten we op tijd maatregelen nemen. Niet alleen de zee, ook het lánd kan het ons moeilijk maken. 'Zolang wij het land op deze manier gebruiken, zullen we bodemdaling hebben,' vreest hij. 'Dit probleem verdwijnt niet vanzelf.’ Samen met zijn team bij Deltares onderzoekt hij de structuur van de Nederlandse grond.

Bart Crouwers en Gerard Harleman

Terwijl iedereen koortsachtig naar verschillende oplossingen voor het stijgende water en de bodemdaling zoekt, verbouwen Bart Crouwers en Gerard Harleman vrolijk hun cranberrybessen op het vochtige veen in de Krimpenerwaard. Een voorproefje op de landbouw van de toekomst? De heren begonnen in 2015 met 'The Cranberry Company'. Samen met ecologisch adviseur Rudi Terlouw hebben zij het voor elkaar gekregen ook nog de biodiversiteit op hun land te bevorderen. En omdat de grond lekker vochtig mag blijven voor de cranberries, zakt de bodem niet verder in.