In de serie zie je veel koeriers voorbij rijden, maar er is maar één vaste kern: Stanley, Nanne, Rolf, Maciej en Edwige. Leer ze hier beter kennen.

Stanley

Stanley

Stichting Fietskoeriers Amsterdam begon zo’n acht jaar geleden met de charismatische Stanley, vanuit een gangkast van een vierkante meter. Stanley wilde iets betekenen voor mensen die niet goed kunnen of willen meekomen in de snelle maatschappij. De zaak moet voor hem een plek zijn waar ‘zijn jongens’ altijd terecht kunnen, daarom is hij er ook vaak in het weekend.

Die ambitie vloeit voort uit zijn eigen ervaringen toen hij op tienjarige leeftijd noodgedwongen naar Nederland kwam. Stanley hield als jongen van buiten spelen. Op een dag viel hij uit een boom, de wond ging infecteren en in combinatie met een aangeboren hartafwijking leidde dat tot een operatie. Die konden ze echter niet in Suriname uitvoeren. Eenmaal in Nederland werd duidelijk dat zijn benen geamputeerd moesten worden. Zonder benen was er voor Stanley geen toekomst meer in Suriname en bleef hij met zijn oudere zus in Nederland, waar hij vaak werd afgewezen en buitengesloten. Maar Stanley laat zich niet makkelijk klein maken.

De zaak is als een familie voor Stanley. Hij probeert maatjes te worden met iedereen maar kan ook flink mopperen. Het is hard werken, zeker rond kerst, en de vrijwilligers hebben regelmatig een opbeurend of dwingend telefoontje of appje nodig om ze weer aan het werk te krijgen. Maar de harde werker vergeet soms ook voor zichzelf te zorgen. Neemt geen vakantiedagen op, eet niet goed, slaat looptrainingen over en doet toch nog even die laatste bezorging op vrijdagavond zelf met zijn Birò. Maar daar werkt hij aan. Met een intensief revalidatietraject en nieuwe protheses wil Stanley gaan genieten van het leven, iets wat hij lang niet heeft gedaan.

Nanne

Nanne

De oudste fietser bij het koeriersbedrijf lijkt op het eerste gezicht een rustige rocker. Maar het tegendeel is waar; Nanne is een rockmuzikant met enorm veel encyclopedische kennis. Na de middelbare school sloeg de toen nog onzekere Nanne, gemotiveerd door de sterke band met zijn broer en gesteund door zijn vriendin, de weg van de muziek in. Wat begon met verschillende bandjes groeide eind jaren 80 uit tot een serieuze formatie die regelmatig in de voorprogramma’s te vinden was in Paradiso en Melkweg en op podia in andere grote steden. Vanuit zijn kleine appartement dat volhangt met posters van zijn oude optredens luistert hij nog steeds graag naar muziek en schrijft hij nieuwe nummers.

Een uitkering regelen ging heel gemakkelijk in die tijd, en dus begon Nanne pas rond zijn veertigste met werken. Van geluidsman tot kinderopvang tot medewerker in Artis. De fietskoeriersdienst kwam regelmatig terug in zijn onregelmatige leven waar hij bewust voor koos, want ‘voor je het weet ga je je vervelen als je normaal leeft’. Inmiddels werkt hij een decennium als fietskoerier en moet Nanne toegeven dat de regelmatigheid ongemerkt zijn leven is binnengedrongen. Het lichamelijk ongemak begint zich ook op te stapelen. Nanne vraagt zich af of hij niet beter met vervroegd pensioen kan. 

Als de dienst erop zit is Nanne vaak te vinden in de kroeg van zijn zwager in Amsterdam Oost.  Hij kijkt graag naar spelshows en doet ook wel eens mee met een lokale pubquiz. Niet zonder reden: hij lijkt alle antwoorden te weten. Zijn specialiteit is Romeinse keizers.Maar zijn echte passie blijft de muziek, waar hij met drie andere mannen in de band Murkinbone nog steeds actief in is.

Rolf

Rolf

Zie je een jongeman in een hoekje Zweedse puzzels maken, dan is dat waarschijnlijk Rolf. Rolf werkt als koerier omdat hij simpelweg houdt van fietsen: jaarlijks legt hij zo’n 24.000 kilometer af. Zonder oortjes in geeft het hem een gevoel van vrijheid. Zijn vrije tijd besteedt hij dan ook graag aan wielrennen en vroeger was hij fanatiek paardrijder. Hij sleutelt ook regelmatig aan oude auto’s met zijn broer en vader.

Je maakt Rolf niet blij met een overvloed aan commerciële tv en streaming diensten: na het werk zit hij vaak te lezen terwijl op de achtergrond klassieke muziek speelt. Hij verdiept zich graag in wereldliteratuur zoals Dostojevski, waarbij hij driftig met een potlood passages onderstreept. Ze helpen hem nieuw inzicht te geven.

Naast het koerierswerk helpt hij zijn vader twee dagen per week in zijn boekhoudkantoor voor kleine bedrijven en ZZP’ers. Rolf zou het kantoor kunnen overnemen als zijn vader over een paar jaar met pensioen gaat, maar hij weet niet zeker of dit de manier is waarop zijn leven wil blijven vullen. Door zijn grote verantwoordelijkheidsgevoel vergelijkt hij zichzelf veel met anderen, die het op school altijd beter deden dan hij. Dat gevoel van minderwaardigheid knaagt nog steeds aan hem. Rolf is naar eigen zeggen vastgelopen. Hij dus blijft hij maar koerieren. Hij vindt het lastig om te dromen over wat hij gaat doen als hij ooit stopt met koerieren. Iets met taal? Werken in het buitenland waar hij goede vrienden van zijn familie kent? De toekomst is nog onduidelijk. 

Maciej

Maciej

Voor kennis over fietsen moet je bij Maciej zijn. Al meer dan veertien jaar heeft hij voor allerlei diensten gekoerierd. Hij gaat de deur niet uit zonder zijn ketting te oliën en kan uren over voorvorken praten. Daarin mist hij aansluiting bij zijn collega’s; de anderen bij de Stichting zien het werk toch meer als een reguliere negen tot vijf baan, volgens hem. 

Maciej neemt het koeriersvak erg serieus en weigert op een andere fiets dan een van zijn eigen drie gespecialiseerde fietsen te rijden. In Polen had hij een eigen koeriersbedrijf en stond hij voor de keuze om daar te professionaliseren of in Amsterdam in te zetten op fulltime koerieren. Toen een aantal vrienden ook naar Amsterdam verhuisden viel de keuze uiteindelijk op het opheffen van zijn bedrijf. En in tegenstelling tot Krakau kan hij in Amsterdam zonder problemen een jointje roken, waar hij tot ergernis van Stanley soms net iets te vroeg op de middag mee begint. Toch droomt hij stiekem nog steeds van een eigen zaak voor luxe sportfietsen.

De trotse koerier kan zich mateloos ergeren aan trage idioten op de weg. In Krakau is het minstens zo druk, maar is iedereen in ieder geval in beweging. Maciej houdt van doorfietsen. Het koerierswerk is voor hem minder romantisch als het beeld wat hij er ooit van had. De oude levensstijl van racen tegen de klok met belangrijke documenten op zak is tegenwoordig vervangen door zware dozen wijn vervoeren naar restaurants waar hij toch nooit zou kunnen eten. In de weekenden gaat Maciej graag op zijn wielrenfiets naar Maastricht, Texel of Zandvoort. Zijn volgende doel is om in vijf weken naar Zweden en terug te fietsen, onderweg bivakkerend in de natuur.

Edwige

Edwige

Fietskoerier zijn is een heerlijke afwisseling voor het andere werk wat Edwige doet: ze is tevens groepsbegeleider in de psychiatrie en helpt mee evenementen op- en afbouwen. En dan is ze ook nog als vrijwilliger de ‘grote zus’ van een dove jongen uit de buurt waarmee ze regelmatig gaat skaten. Vastigheid en routine zijn niets voor haar en dus combineert ze het flexwerken graag met haar rijke sociale leven.

Edwige woont op drie hoog, pal boven de Stichting. Op een dag raakte ze op straat aan de praat met koerier Maciej over haar vintage racefiets. Hij introduceerde haar bij de Stichting, ze raakten bevriend en zo ging het balletje rollen. Sindsdien is ze helemaal fietsverslaafd. Het liefst koeriert ze met een koptelefoon op met muziek of een podcast; in haar eigen bubbel in de grote stad kan ze zo de mentale druk van haar andere werk eruit trappen. Wanneer ze een rustigere periode inplant besteedt Edwige haar tijd graag aan dj’en, motorrijden, festivals bezoeken of de clubs en kroegen in gaan.

Maar het flexwerken heeft ook als nadeel dat er moeilijk diepgang te vinden is. Daarom maakt Edwige plannen om er een keer een jaar tussenuit te gaan voor een lange, avontuurlijke fietstocht naar Parijs of Berlijn. Of misschien wel Tokyo.