steun vpro

Argos

Bosniërs, en vervolg op uitzending 5 maart 1993 over het Grenshospitium

Argos

Bosniërs, en vervolg op uitzending 5 maart 1993 over het Grenshospitium

'Wat hebben we het toch allemaal keurig geregeld'.
Over de ergernis en de popelende dadendrang van een Bosnische moslim in Nederland tegenover de euforie van de Nederlandse regering over het binnenhalen van een internationaal oorlogstribunaal.

Plus vervolg op de uitzending van 5 maart 1993 over het Grenshospitium. De Nigeriaan Bert Okeke werd na twee maanden opsluiting in het Grenshospitium, door de marechaussee naar Nigeria uitgezet. In Nigeria wordt hij direct opgepakt en naar een gevangenis in de Sahara overgebracht. Na drie weken komt hij vrij. In Argos zijn relaas, een reactie van de marechaussee, ministerie van Justitie en Vereniging Vluchtelingenwerk Nederland.


Inleidende teksten Bosniërs:

TEKST.
Dit is de stem van Hassan Huremovic. Hassan Huremovic, 41 jaar, Bosniër, Moslim, woont al 23 jaar in Nederland. Lasser in de Rotterdamse haven, nu eigen baas, maar van dat lassen is sinds augustus vorig jaar weinig meer gekomen. Het begon allemaal toen hij zijn vader en zusters wilde weghalen uit een vluchtelingenkamp in het voormalige Joegoslavië. Wat hij daar zag greep hem zo aan, dat hij met meer dan 300 ontredderde Bosniërs terug naar Nederland kwam. Maar dat ging zo maar niet, eerst moest staatssecretaris Kosto op de knieën gedwongen worden. Huremovic stond een paar dagen op de grens met Joegoslavië te wachten in de brandende zon. Staatssecretaris Kosto ging om. De term ontheemdenstatus werd verzonnen, de Bosniërs waren alsnog welkom en Huremovic's rol leek uitgespeeld. Maar het bleef niet bij die ene soloactie.
Samen met zijn vriendin Heleen Jongh zette hij de stichting Bosnië Hercegovina op.

De komende week debatteert de Tweede Kamer over Bosnië. Van de meer dan tienduizend Bosnische vluchtelingen in Nederland hoor je niet zo veel. Ze zitten keurig opgeborgen in vluchtelingenkampen met omgeven door aangeharkte plantsoenen. En om met Cor Galis te spreken, ze verstoren niet eens het Nederlandse straatbeeld. Ze leren Nederlands, kijken televisie en wachten. Wachten totdat ze terug naar huis mogen. Wat vinden ze eigenlijk van hun Nederlandse weldoeners? Hoe denken de Bosnische vluchtelingen in Nederland over het verloop van de oorlog en de houding van het Westen? Verslaggever Harm Botje trok deze week een dag op met Hassan en Heleen.

TEKST.
Hassan Huremovic kent alle, nou ja bijna alle Bosnische vluchtelingen in Nederland. Hij is bang. Bang dat de Bosniërs het op een bepaald moment niet langer zullen accepteren dat de beschaafde wereld, met gecalculeerd medeleven, toekijkt hoe zijn volk wordt uitgemoord.

TEKST.
Gisterochtend, tien uur, de Willem 1 kazerne in Den Bosch. Hier verblijven 600, vooral moslim vluchtelingen uit Bosnië, de gastvrijheid van de Nederlandse regering.
Verslaggever Rudie van Meurs bevindt zich in een kleine ruimte, twee kale bureaus, een telefoon. Buiten staan tientallen wachtende mensen, vooral vrouwen. Gespannen gezichten, wachtend op wie binnengeroepen wordt voor een telefonische verbinding met Tuzla.
Dit is één van de plaatsen van waaruit de vluchtelingen kunnen telefoneren met familie in hun thuisland. Een levenslijn, zou je kunnen zeggen. De enige mogelijkheid contact te hebben met dierbaren. Hier ontladen zich de emoties als mensen elkaar na maanden via een krakende telefoonlijn weer terugvinden. Of als, zoals soms ook gebeurt, blijkt dat mannen of zonen er niet meer zijn, omgekomen zijn. We spreken met Bajlo Ramitz en tolk Julia.

tekst.
De gezichten op de gang zijn uitdrukkingsloos en somber. Elke keer vlamt de spanning op als zich weer een nieuwe stem uit Tuzla meldt. En er is wantrouwen. Zwijgend worden vragen afgeweerd en men stelt het niet op prijs als de verslaggever meeluistert. Julia, de tolk, woont al 24 jaar in Nederland maar, ... is Servische. Ze heeft daarom niet het vertrouwen van de moslim-vluchtelingen. Toch proberen we met de wachtenden in gesprek te komen.

TEKST
Van het vluchtelingenkamp in de Willem 1 kazerne terug naar de flat van Hassan en Heleen in Sliedrecht, naar het geïmproviseerde kantoor van de Stichting Bosnië Hercegovina.
De sfeer van betrokkenheid die we hier opsnuiven staat in schril contrast tot het gecalculeerde medeleven. De kille functionele doelmatigheid waarmee wij hier in Nederland 'het probleem' van de Bosnische-vluchtelingen keurig, o, zo keurig, behandelen.
Voor emotioneel acties zoals die van Hassan en Heleen trekken we de wenkbrauwen een beetje op, het is zo amateuristisch.
Maar hoe denken zij over de 'professionele' hulpverleners in de opvangkampen?

TEKST
Zoals gezegd, deze week spreekt de Tweede Kamer opnieuw over Bosnië en de vluchtelingen. Zo langzamerhand breekt ook wel het besef door dat de meer dan tienduizend vluchtelingen in Nederlandse opvangkampen daar niet eeuwig kunnen blijven wonen. Tot nu toe hield de Nederlandse regering de vluchtelingen uit het voormalige Joegoslavië maar het liefst op een kluitje, voor de beheersbaarheid van het probleem, zo luidde het fluisterend achter de schermen.
Dat geldt trouwens niet alleen voor de Joegoslavische vluchtelingen, ook als het om het beleid tegenover andere vluchtelingen en asielzoekers gaat wordt de discussie steeds meer gedomineerd door de zorgen over de openbare orde.
De neiging 'Grenzen dicht, toelatingsvoorwaarden scherper' wordt in heel Europa steeds sterker.
We grijpen we nog even terug op een programma dat we op 5 maart van dit jaar uitzonden over de andere asielzoekers, die in het Grenshospitium in de Bijlmer verblijven. We vertelde o.a. het verhaal van de Nigeriaanse meneer Okeke, die uiteindelijk op de dinsdag voor de uitzending werd uitgezet. Schiphol, de wachtruimte van de marechaussee, dinsdagochtend 2 maart, 11.00 uur.

Tekst
"Ik ben voorbereid op het ergste, en ik verwacht ook het ergste. Waarschijnlijk stoppen ze me in de gevangenis en dat is mijn einde", dat zei Burt Okeke twee maanden geleden tegen onze verslaggeefster Irene Houthuys bij zijn afscheid op Schiphol, een paar minuten voordat de marechaussee hem zou begeleiden op weg naar Nigeria. Einde verhaal, einde procedure, einde programma, einde meneer Okeke.
In de afgelopen weken probeerde we te achterhalen wat er daar in Nigeria terecht is gekomen van Burt Okeke.
Enkele weken geleden ontvingen we een lange brief van Okeke. Vlak daarna hadden we na heel veel moeite telefonisch contact met hem.

Tekst
Twee dagen zat Okeke opgesloten. Toen namen ze hem mee in een auto. Na een urenlange rit, kwamen ze in het noorden van Nigeria aan, in de woestijn, de Sahara. Hij werd daar in de gevangenis gegooid. Een gevangenis zonder een dak boven zijn hoofd. Waar uitgemergelde mensen, criminelen, opgesloten zaten. Waar de gieren boven hun hoofden cirkelden. Iedere dag werd hij daar verhoord. Drie weken later werd hij vrijgelaten. Zijn vrienden van de mensenrechtenorganisatie waar hij voor werkte hadden een rechtszaak tegen de regering aangespannen en zijn vader, een man op een hoge positie en met de juiste contacten, kreeg hem uiteindelijk vrij.
Nu leeft hij in Jos, in het midden van Nigeria. Hij wordt nog steeds gezocht, durft zich niet alleen op straat te begeven, is wanhopig en verveelt zich. Hij kan niets doen. Hij is ondergedoken. Hij is verbitterd en teleurgesteld. Hij snapt niet waarom de marechaussee hem heeft overgedragen aan de Nigeriaanse autoriteiten.

Tekst
Burt Okeke via de telefoon vanuit Nigeria met zijn opmerkelijke verhaal. Dat vraagt om een reactie van de Marechaussee. Op Schiphol opnieuw, spreken wij met de betreffende marechaussee. Zijn baas en een waakzame voorlichter houden een oogje in het zeil.
Waarom hebben ze meneer Okeke niet alleen uitgezet maar ook uitgeleverd, weliswaar niet formeel maar praktisch kwam het tot neer op uitlevering aan de Nigeriaanse autoriteiten. Autoriteiten waar meneer Okeke nou juist zo bang voor was.
De marechaussee wil wel antwoorden maar dan anoniem. Het antwoordt van de anonieme uitvoerder dus:

tekst
"Even stoppen dit is een insinuerende vraag ...... en dat kan niet want deze meneer heeft geen mediatraining gehad", breekt de voorlichter het interview af. Even heen en weer gepraat en we gaan weer verder. Zelfde vraag, okee, een beetje genuanceerder geformuleerd.

tekst
We blijven zitten met de vraag waarom ze meneer Okeke niet alleen hebben uitgezet maar ook hebben uitgeleverd. De voorlichtster van het ministerie van Justitie dus maar gebeld.

tekst
Justitie wil niet toegeven dat ze het niet weten. Daarom leggen we dezelfde vraag voor aan de Vereniging Vluchtenwerk Nederland. Vicevoorzitter Hoeksma: