De IJzeren Eeuw

Abraham de Geweldige

De IJzeren Eeuw

Abraham de Geweldige

Na Thorbeckes grondwet van 1848 is het Abraham Kuyper die de kleyne luyden een stem geeft. Door een eigen krant op te richten, een eigen school, een eigen universiteit, een eigen partij en kerk. De wereld in het klein. Een grandioos organisator, en uitvinder van een nieuwe politiek die massa’s aan zich weet te binden door politiek leiderschap. Maar zeker niet geliefd bij iedereen. Kuyper krijgt tegenspel van een cartoonist uit Groningen, Albert Hahn die Kuyper op grove wijze neerzet en op zijn manier de massa wil bespelen.