steun vpro

Boeken

Rob Riemen

Rob Riemen, initiatiefnemer en directeur van het Nexus instituut dat debatten verzorgt tussen intellectuelen, heeft het boek 'Adel van de geest' geschreven. Hierin bepleit hij dat de intellectuele elite zich af moet keren van het post-modernisme en hun blaséhouding moet laten varen.

Rob Riemen, initiatiefnemer en directeur van het Nexus instituut dat debatten verzorgt tussen intellectuelen die het niet met elkaar eens zijn, heeft een boek geschreven waarin hij bepleit dat de intellectuele elite zich af moet keren van het post-modernisme en hun blaséhouding moet laten varen. Het is weer tijd voor grote waarheden en grote idealen.

Aanleiding van deze oproep was een gesprek dat hij voerde met vriendin Elisabeth Mann Borghese (de dochter van Thomas Mann en diens oude vriend en componist Joseph Goodman. Het gesprek vond plaats in New York, enkele weken na de aanslagen. Ze deelden hun verontwaardiging over de reactie van vele intellectuelen, die de aanslagen rationaliseerden door te stellen dat het geen laffe aanslag was op onschuldige mensen, maar een aanval op de Amerikaanse cultuur die eigenlijk al wel een tijdje te verwachten viel.

Riemen verkent in zijn boek de visies van Walt Whitman, Goethe, Thomas Mann, Ulrich von Hutten en Spinoza en concludeerde dat Nietzsches "God is dood" alleen maar kan leiden tot desinteresse en een maatschappij die volkomen gestoeld is het vergaren van rijkdom en macht. En in een maatschappij waar rijkdom en macht hoogtij vieren is het moeilijk om nog te zoeken naar permanente waarden als schoonheid, waarheid en recht.

Toch zal een zoektocht naar schoonheid, waarheid en rechtvaardigheid niet zozeer een gelukkiger leven maar wel een bevredigender leven ten gevolg hebben. De mens is nu vaak bezig 'het zo aangenaam mogelijk te hebben' door middel van nog grotere televisies, nog snellere computers, nog mooiere kleren of een nog schitterende uiterlijk. Afgezien van mogelijke schulden bij kredietonwaardige banken, levert zo'n levensinvulling eigenlijk alleen maar meer gemis op: er is immers altijd wel iemand nog rijker en mooier of in het bezit van een grotere televisie. Een zoektocht naar immateriele waarde levert een leven op dat menselijk ongeluk niet marginaliseert maar waar dat misschien zelfs waardevol is.

De taak van de intellectueel is volgens Riemen om door middel van nieuwe ideeën en idealen te inspireren. Niet langer de terrorist verdedigen, niet langer alles kapotrelativeren maar een standpunt innemen en dat verdedigen, desnoods tot de dood. Want als je nooit kiest, eeuwig in twijfelt leeft, zo stelt Riemen, weet je aan het einde van je leven maar één ding zeker: dat je nergens voor hebt geleefd.