steun vpro

Boeken

Vic van de Reijt

Willem Elsschot, het pseudoniem van de reclameman Alfons De Ridder (1882-1960), schreef een tiental romans en novellen. En poëzie. Biograaf Vic van de Reijt kreeg toegang tot de zakelijke correspondentie van De Ridder en schreef aan de hand daarvan de biografie 'Elsschot'.

Willem Elsschot, het pseudoniem van de reclameman Alfons De Ridder (1882-1960), schreef een tiental romans en novellen. En poëzie. Een beknopt, maar hoogstaand oeuvre, dat hij buiten zijn zakelijke activiteiten schreef. Over het letterkundig leven van Elsschot is al veel gepubliceerd, maar het zakenmilieu waarin De Ridder actief was bleef tot dusver onderbelicht. Biograaf Vic van de Reijt kreeg toegang tot de zakelijke correspondentie van De Ridder. De biografie Elsschot legt daarmee het dubbelleven van Elsschot-De Ridder bloot: het succes-in-zaken dat hij wilde nastreven, maar het tegelijkertijd verfoeide.

In 1993 publiceerde Vic van de Reijt een Brieven-editie van Willem Elsschot, in samenwerking met Lidewijde Paris. Het boek bevatte de literaire brieven van de Vlaamse schrijver. In 1998 werd hij door de familieleden van Elsschot benaderd om zijn levensverhaal op te tekenen. Van de Reijt ervoer het verzoek als een heilige opdracht, maar voor een complete biografie zou hij ook zijn activiteiten als zakenman moeten onderzoeken. De Ridder was immers vanaf zijn 22ste in het zakenleven actief. Dat bleef hij tot aan zijn dood. Het gold, naast het gezinsleven, als de belangrijkste voedingsbron voor zijn literaire werk.

Een jaar later, in 1999, liet de kleinzoon van Elsschot aan Van de Reijt weten dat zijn ouderlijk huis, waar het zakelijk archief lag opgeslagen, zou worden ontruimd. Tot die tijd was de zakelijke correspondentie onbereikbaar gebleven. De Ridder verdiende zijn geld met het verkopen van reclame en het maken van jubileumboeken en almanakken. Ook was hij uitgever van tijdschriften. Hij wist allerlei instellingen over te halen om in zijn zelf bedachte ‘wereldtijdschrift’ te adverteren, La Revue Continentale Ilustrée, zoals beschreven in zijn roman Lijmen/Het been.

De twee novellen Lijmen (1924) en Het been (1938) vormen samen een roman. In Lijmen treedt de zachtmoedige kantoorklerk Frans Laarmans in dienst van de harde zakenman Karel Boorman, de directeur van het Wereldtijdschrift. In beide personages zijn eigenschappen van Elsschot zelf te vinden. Van de Reijt: “Je ziet hoe hij de twee kanten van zijn ziel heeft geportretteerd. De harde zakenman en de voormalige idealist en romanticus die zulke schone verzen schreef.”

Het schrijven fungeerde voor Elsschot als een biecht, een manier om boete te doen voor zijn zakelijk handelen. Als reclameman was De Ridder in staat om de ijdelheid van zijn klanten uit te buiten. Van de Reijt: “Kaas (1933, red.) is echt de sleutelroman in zijn oeuvre. Daar zie je hem boete doen. Eerst voor zijn moeder. Met de beschrijving van het ziekteproces en de dood van zijn moeder. Maar hij beschrijft zichzelf ook als ondernemer, als een falende ondernemer.”

Aan het einde van zijn leven, in 1958, beschrijft Van de Reijt in de biografie een veelzeggende ontmoeting. In een bankgebouw loopt Elsschot onverwachts de schrijver en cineast Frans Buyens (1924-2004) tegen het lijf. Elsschot zegt: “Ik ben nooit consequent geweest, jongen, en dat is erg. Gij, gij moet consequent blijven… Ik reken erop…” Volgens de biograaf is dat typerend voor Elsschot. Van de Reijt: “Hij heeft zich verloochend. En hij hoopt dat nieuwe idealisten niet dezelfde fout zullen maken.”