'goede content maken'

npo 3 en youtube

Nathan Oosthoek

Het nieuwe seizoen van Rundfunk zit weer vol met hard, onvoorspelbaar absurdisme. De YouTube-hit uit de 3Labweek komt met langere afleveringen. NPO 3-netmanager Suzanne Kunzeler over online- en lineaire televisie, en hoe de NPO daar nu over denkt.

Hoeveel is 20.489 maal 30.445?’ vraagt meneer Heydrich. Wiskundeleraar Barteljaap pijnigt zijn hersenen op de rekensom. Bij geschiedenisfetisjisten of sympathisanten van het nationaalsocialisme rinkelt er wellicht een belletje bij deze getallen. 20-04-89 x 30-04-45. De geboorte- en sterfdatum van Adolf Hitler. Het is wederom een easter egg van de makers van Rundfunk.

Het weergaloze typetje van Pierre Bokma ging afgelopen jaar al viraal op de online media. ‘Jullie hebben allemaal onvoldoende,’ voorzien van het karakteristieke Duitse accent, kent bijna iedereen. De eerste afleveringen van Rundfunk duurden pakweg vijftien minuten, hetgeen ervoor zorgde dat het wachten op nieuwe afleveringen zo ontstellend lang leek. Gelukkig is er nu een nieuw seizoen met langere afleveringen, vanaf maandag 26 oktober bij KRIO/NCRV.

In het NPO-experiment 3Lab krijgen jonge televisiemakers de kans om een programma te ontwikkelen. Yannick van der Velde en Tom van Kalmthout zagen hun kans schoon. Ze wisten, in samenwerking met regisseur Rob Lücker, grote namen te strikken voor hun hilarische programma. Zo vertolkt Kees Hulst de conrector en speelt Ferdi Stofmeel de gymleraar.

Snoeihard

Het verhaal van Rundfunk is niet ingewikkeld. Twee beste vrienden zitten in het laatste jaar van hun middelbare school. De examens komen eraan en de twee zijn niet de meest excellente studenten, te zien aan hun cijfers. Wat ook niet altijd in hun voordeel werkt, is dat het niet de meest doorsnee middelbare school is. Zonder uitzondering zijn alle docenten op een bepaalde manier gestoord. Waar meneer Heydrich een unheimische bekoring koestert voor Hitler, ziet de gymleraar het verschil niet tussen een donkere jongen en een aap. De conrector zou er dan goed aan doen om een kalm, ordentelijk figuur te zijn, maar vaak is ook hij een arrangeur van chaos.
Tekendocente mevrouw Spek geilt op hoofdpersoon Erik, en wiskundeleraar Barteljaap is simpelweg slachtoffer van het leven.

De serie is absurdistisch, lomp en snoeihard. Shockeren is echter niet het doel. De scènes zijn gewoon ontzettend grappig. Bijna zou je, naar Amerikaans voorbeeld, snakken naar een safe space om bij te komen van de plaatsvervangende ongemakkelijkheid die zich van je meester maakt. Volgens de makers is de serie ‘tegengif voor de opmars van sentimenteel middelbare schooldrama’. Daar zijn ze aardig in geslaagd. Wie een lieflijk, emotioneel verhaal wil zien, kan Rundfunk beter vermijden. Tenzij je een keer goed wil lachen. Het kan bijvoorbeeld maar zo gebeuren dat meneer Heydrich een leerling uit het niets vraagt om te midden van de klas zijn ‘pipi’ te laten zien.

Graf

Suzanne Kunzeler: 'je kunt niet de omroepen alles zelf laten bepalen.'

Met het oog op het nieuwe seizoen van Rundfunk spraken we met Suzanne Kunzeler (48), netmanager van NPO 3. Rundfunk is een van de successen geweest in de 3Lab-week. Vervolgens gooide het programma online hoge ogen, omdat de uitzendingen lang integraal op YouTube stonden. Hoe is nu de verhouding tussen lineaire en online televisie?

In de tweede aflevering van Zomergasten dit jaar kwam het al ter sprake. Arjen Lubach waarschuwde televisiemensen voor de opkomst van internet. Jongeren kijken niet meer naar televisie, en wanneer programma’s vast blijven houden aan de ouderwetse beeldbuis, graven ze hun eigen graf. ‘YouTube is tv kapot aan het maken en bij televisie heeft niemand het door,’ stelde Lubach.

Ook de NRC had het er onlangs over. Er is kritiek van de omroepen op het beleid van de NPO. Programmamakers hekelen het feit dat er te weinig aandacht wordt besteed aan internet, en dat de NPO repressief optreedt wat betreft online content. Wanneer een omroep een fragment van een televisie-uitzending op een site als YouTube wil plaatsen, mag dit niet langer duren dan vijf minuten. Anders wordt gratis content van de publieke omroep weggegeven. Materiaal dat is vervaardigd met publiek geld. Maar waarom zou je dat niet ook via YouTube kunnen aanbieden?

Streng

‘Voor ons, de publieke omroep, staat op de eerste plaats dat we goede content maken,’ zegt Suzanne Kunzeler. Ze vertelt over het conflict met de omroepen. ‘Dat is ook waarin wij ons onderscheiden: verdomd goede content. YouTube is wereldwijd een belangrijk platform. Maar het gebruik hiervan moet wel passen in onze opdracht.’
Volgens de ‘missie’ van de NPO-website bestaat die opdracht uit: ‘een brede publieke omroep met een rijke en gevarieerde programmering voor kijkers en luisteraars uit alle bevolkingsgroepen.’ Kunzeler weet natuurlijk wel dat jongeren steeds meer op internet te vinden zijn en steeds minder op de traditionele kanalen. De NPO is echter bang dat programma’s hun thuisbasis verliezen. ‘We willen ook onze eigen platforms sterk maken en zorg dragen voor het feit dat jongeren weten dat ze naar NPO-materiaal kijken.’

Momenteel is het toegestaan om YouTube te gebruiken, maar alleen als marketinginstrument. Plaats geen filmpjes die langer duren dan vijf minuten. Dat is de harde regel. Hierbij vraagt Kunzeler zich af: ‘Hoe kunnen we het zo doen dat televisie en online elkaar versterken? We zijn streng, maar je merkt ook dat we nog zoekende zijn.’ Dit is bijvoorbeeld te merken als je kijkt naar het feit dat Zondag met Lubach op het moment meer content plaatst dan officieel is toegestaan. Het effect hiervan lijkt te zijn dat zowel op YouTube als op televisie het programma meer kijkers trekt.

'YouTube is wereldwijd een belangrijk platform. Maar het gebruik hiervan moet wel passen in onze opdracht'

suzanne kunzeler

Een nadeel van het gebruik van YouTube is volgens Kunzeler dat we niet weten hoe het zich gaat ontwikkelen. ‘Soms is inhoud van de NPO moeilijk te herkennen in de zee van content die op YouTube beschikbaar is. Daarnaast is het geen onafhankelijk, doorzichtig platform. De website van de NPO is dat wel.’

YouTube is echter wel een medium dat veel innovatie met zich brengt. Zo is de kwaliteit van beeld en geluid op YouTube vele malen beter dan op de player van de NPO-website. Hierover is de netmanager duidelijk: ‘Aan de beeldkwaliteit wordt hard gewerkt. Dat moet beter, punt.’

Agent

'Zondag met Lubach zou niet alleen online kunnen bestaan'

Gezien de recente ontwikkelingen in Groot-Brittannië kwam staatssecretaris Sander Dekker 20 september jongstleden met een suggestie. Voormalig televisiezender BBC 3 is sinds februari dit jaar alleen nog online te bereiken en Dekker heeft hetzelfde voor ogen met NPO 3. Vol inzetten op YouTube en Facebook is hij echter niet van plan. ‘Dan breng je al je advertentie-inkomsten naar grote Amerikaanse internetbedrijven.’ Het plan van Dekker is dus om de zender van de televisie te doen verdwijnen, om vervolgens niet op YouTube en Facebook door te gaan, waar jongeren te vinden zijn. Inmiddels weten we wat er met BBC 3 is gebeurd. Niet alleen de zender zelf weet minder jongeren te bereiken, maar over de gehele linie van de BBC zijn er veel kijkers verloren gegaan. Kunzeler vindt het een groot gemis wanneer de zender zou verdwijnen. ‘Als je met NPO 3 zou stoppen, kom je meteen in een neerwaartse spiraal. Met de zender hebben we een enorm bereik. Programma’s als Zondag met Lubach zouden niet alleen online kunnen bestaan. We zitten nu in een periode van experimenteren. Voor heel veel content werkt materiaal dat korter is dan vijf minuten goed.’

Maar waarom laat de NPO de lengte van hetgeen op YouTube wordt aangeboden niet gewoon over aan de omroepen? ‘We vinden het niet gek om hier met elkaar afspraken over te maken, je kunt niet de omroepen alles zelf laten bepalen.’ Het is begrijpelijk dat de NPO aan haar taak moet voldoen en de inhoud van de omroepen wil coördineren, maar dat maakt het voor de omroepen zelf niet minder vervelend.

Toen bijvoorbeeld Tim Hofman besloot om zijn programma #BOOS volledig op YouTube te zetten, was de NPO hier niet blij mee. ‘Af en toe is er een beetje sturm und drang,’ vertelt Kunzeler. ‘Dan moet je ook niet als agent alles tegen willen houden.’