Ruzie

A.L. Snijders ,

De man heeft een vrouw en kinderen, maar als hij een dochter krijgt bij een minnares, gaat hij bij haar wonen.

We zijn in Brazilië, dit gebeurt echter overal, het zit in de menselijke natuur. Je weet nooit hoe deze dingen aflopen, in dit geval loopt het fout, de jonge moeder blijkt een onaangename ruziemaker, hij gaat terug naar zijn eerste vrouw.
De rechter oordeelt dat het beter is dat zijn dochter, die Jacira heet, door hem wordt opgevoed. Een goede beslissing, vader en dochter gaan erg van elkaar houden. Het zou mooi zijn als het verhaal hier eindigt, over geluk is namelijk niets te vertellen.
Als ze zes jaar is, wordt het kind door haar moeder met een list ontvoerd, ze wordt hardvochtig behandeld en belandt op een kostschool. Haar vader ziet ze nooit meer, maar ze krijgt gelukkig een goede opleiding, zodat ze later in dienst kan treden bij een diplomaat. Deze wordt uitgezonden naar Nederland, het land van Derk Bolt, die op zoek gaat naar haar vader in Brazilië.
Ze is dan inmiddels 51 jaar.
Derk vindt de vader vrij gemakkelijk. Hij is ongeveer tachtig jaar, een buitengewoon aardige man die zijn hele leven aan Jacira gedacht heeft. Hij wordt in de reportage een rokkenjager genoemd, en dat lijkt me niet overdreven, hij heeft 21 kinderen ‘en die zijn hem allen even lief.’
Jacira, die op de computer meekijkt naar de afwikkeling van dit avontuur, zegt met tranen in haar ogen dat ze het leuk vindt dat ze zoveel broers en zusters heeft.
Gezellig, zegt ze.

Van een heel andere orde is de aflevering van De rijdende rechter. Die probeert op de Veluwe een burenruzie te begrijpen en te beëindigen. Hoewel mijn ideaal een emotieloos leven is, lukt het me nooit onpartijdig naar dit soort ruzieprogramma’s te kijken. Maar in dit geval wel, deze twee zijn allebei even gek. Hun conflict gaat over een parkeerplaats, volstrekt oninteressant. Daarvoor bedreigen ze elkaar met de dood. Ze behoren tot hetzelfde donkerzwarte kerkgenootschap. De beschaamde omstanders benadrukken dat het heel vreemd is dat christenen elkaar zo bitter bestrijden. Dat verbaast me, ik denk bij protestantisme in de eerste plaats aan sektarische ruzies die honderden jaren duren. In Amerika wemelt het van de protestanten die in de zeventiende eeuw Europa ontvluchtten en nu nog steeds in dezelfde kleren in koetsjes rondrijden.