goed verhaal, beetje lang

Lennart van der burg ,

Rockster Dave Grohl maakte een documentaire over de legendarische opnamestudio Sound City. Helaas zit er een commercieel luchtje aan.

3Doc: Sound City
Zaterdag, Nederland 3, 21.30-23.20 uur

Hij was ooit ‘die drummer met dat lange haar’ van Nirvana, in de schaduw van frontman Kurt Cobain. Toen Cobain zichzelf uit de spotlights schoot en de bandleden met een financiële puinzooi achterbleven, onttrok Dave Grohl zich graag aan de discussies door te zeggen dat hij ‘slechts de drummer was’. Toen Grohl vervolgens zijn nieuwe project Foo Fighters begon, nam hij echter ook de zang, gitaar en bas voor eigen rekening. Tegenwoordig is hij volwaardig frontman, de spil in verschillende supergroepen en rockpersoonlijkheid in muziekvideo’s en films. Aan dat indrukwekkende cv kan hij sinds kort ook ‘documentairemaker’ toevoegen – al lijkt hij bij de intro van Sound City nog te denken dat hij een rocklied schrijft:
‘We waren slechts kinderen [gevoelige stilte] met niets te verliezen, en geen thuis. Maar we hadden die liedjes en we hadden die dromen [gevoelige stilte]. Dus gooiden we het allemaal achterin een oud busje en reden weg [gevoelige stilte]. Onze bestemming: Sound City.’ EPISCHE GITAAR-RIFF.

Dave Grohl met Nevermind-producer Butch Vig

De Sound City Studios in Los Angeles vallen bij het eerste bezoek een beetje tegen. Bruin tapijt aan de muren, uitgedrukte peuken op de vloer; volgens sommige muzikanten een studio waar je gerust even in de hoek kon pissen. Maar het heeft ook een magische akoestiek (die niet lijkt te stroken met de atypische vorm voor een studio) en de 78.000 dollar kostende geluidstafel, die volgens Neil Young lijkt op de controlekamer van Star Treks Enterprise. Nadat Fleetwood Mac daar hun hit ‘Never Going Back Again’opnamen, werd Sound City platgelopen door artiesten zoals Santana, Tom Petty en Rick Springfield. In Sound City wordt alles analoog op tape opgenomen en doen ze niet aan effecten of nabewerking, wat voor de rocksterren met grote ego’s best confronterend kan zijn. Tientallen keren oefenen loont echter wel: op die ene perfecte take hoor je vakmanschap, chemie en de ziel van echte muzikanten – iets wat geen computerprogramma kan nabootsen.
Het blijkt tegelijkertijd Sound City’s achilleshiel te zijn. De digitalisering die de uitvinding van de cd met zich meebrengt weet Sound City nog ternauwernood te overleven en nadat Nirvana in 1991 het legendarische Nevermind hier opneemt kent de studio zelfs weer een opleving. Tegen de komst van Pro Tools, een audiomontagesysteem, kan Sound City echter niet opboksen: de legendarische studio gaat uiteindelijk op de knieën.
‘Sound City staat voor mij gelijk aan integriteit, zoals de waarheid... aan iets wat menselijk is,’ memoreert Grohl vanuit zijn rockbusje. Uiteindelijk koopt hij de geluidstafel en de studio en trommelt hij muziekvrienden zoals Stevie Nicks en Paul McCartney op voor een nieuw, gezamenlijk Sound City-album. Hoe goed dat ook klinkt, het laatste halfuur voelt opeens als een langgerekte reclame voor een nieuw Grohl-project. Grohl slaagt hierdoor misschien niet helemaal als documentairemaker, maar hij kan als geen ander een goed rockverhaal vertellen.