zo gek nog niet

gülhan demirci ,

Een onofficiële en zwaar verwaarloosde doe-het-zelfinrichting biedt hoop in de levensgevaarlijke Mexicaanse stad Juárez.

2Doc: Meer dood dan levend
NPO 2, 22.45-23.40 uur
In het Mexicaanse Juárez staat een ‘gekkenhuis’. De ‘gekken’ lopen er rond zonder toezicht. Er zijn zo’n 120 patiënten, sommigen daarvan kunnen gevaarlijk zijn; je kunt tot bloedens toe in je oor gebeten, of zomaar geslagen worden. Er zijn te weinig medicijnen, er is te weinig geld, soms zelfs te weinig eten. Maar toch werkt het. Het is een gemeenschap waar de patiënten elkaar helpen. Ze zullen ook wel moeten, want verder is er weinig hulp.
In Juárez heersen armoede, moord en geweld. Het is een van de gewelddadigste steden ter wereld. Berucht vanwege de vele drugsgerelateerde moorden en domicilie van een van de grootste drugskartels, het Juárez-kartel. Maar de stad heeft ook internationale ‘bekendheid’ gekregen vanwege het grote aantal vermoorde, verdwenen en verkrachte vrouwen. Soms wordt een vrouw verkracht en ergens gedumpt. Wie geluk heeft wordt bij het opvanghuis afgeleverd. Daar worden ze door pater José Antonio Galván en de andere patiënten opgevangen. 

Josué Rosales

De documentaire Meer dood dan levend (Dead When I Got Here, 2015) van gelauwerd regisseur Mark Aitken toont de triestheid van de verlaten en vernielde huizen in Juárez, maar ook hoe in de inrichting de lamme de blinde helpt. Hoofdpersoon Josué Rosales kwam jaren geleden meer dood dan levend aan in de inrichting. Verslaafd en met gangreen aan de vingers. Van een boomstronk, zoals hij het noemt, veranderde hij er weer in een mens. Inmiddels gaat het goed met hem en verzorgt hij andere patiënten in de inrichting. Een jongen met zware psychische klachten, een jong meisje dat verkracht is en niet meer kan ophouden met huilen. Iedereen is er welkom.
Nu Josué zijn leven weer op orde heeft, wil hij graag zijn dochter zoeken. Hij heeft haar al twintig jaar niet gezien. Ze woont in Amerika. In de documentaire zien we de emotionele hereniging  van vader en dochter. Volgens Aitken zou zo’n hereniging stof voor een documentaire op zich zijn, maar wilde hij in ‘Meer dood dan levend’ louter het verhaal vertellen van deze bijzondere instelling. Het gaat hem erom de patiënten in hun de waardigheid te tonen en ze niet voor te stellen als een zielig hoopje mens waar we medelijden mee moeten hebben. De Amerikaanse journalist/schrijver Charles Bowden, wiens boek Murder City, Ciudad Juárez and the Global Economy’s New Killing Fields de inspiratiebron is geweest voor deze documentaire, heeft er zelf ook aan meegewerkt. Hij schreef over het ‘gekkenhuis’: ‘Het is de enige plek in Juárez die me hoop geeft. Die inrichting heeft mensen die hun leven verloren hadden dit weer teruggegeven.’