Het Spoor Terug

Cheerio! 14: Koude oorlog in Finsterwolde

Het Spoor Terug

Cheerio! 14: Koude oorlog in Finsterwolde

Veertiende deel van de zeventiendelige serie 'Cheerio!' over Nederland tijdens de wederopbouw, gewijd aan de Koude oorlog.
Vanaf de dag van de bevrijding begon voor de partijcommunisten in Nederland opnieuw het politieke isolement, dat tijdens de bezetting voor het eerst was doorbroken. Geen enkele communist werd in een politiek verantwoordelijke functie benoemd, geen enkele communist maakte deel uit van het nationale kabinet Schermerhorn-Drees. De aanvankelijke achting, die er vanwege hun verzetsverleden voor de communisten ook bij niet-communisten aanvankelijk bestond, verdween geheel na de ontwikkelingen in Oost-Europa waar het communisme met harde hand regeerde. Ondanks politieke isolatie van de CPN heeft deze partij lokaal wel een rol kunnen spelen zoals in Finsterwolde, een van oudsher communistisch bolwerk in Noord-Oost Groningen. Na gemeenteraadsverkiezingen van 1949 had de CPN 6 van de 11 raadszetels en de absolute macht, die de communisten hierna in Finsterwolde uit konden oefenen, ergerde het Kabinet-Drees I in Den Haag mateloos. Wat betreft belastingheffing en steunvoorziening week de gemeente van alle Haagse voorschriften af. Als reactie diende vice-premier Van Schaik op 3 november 1950 een wetsontwerp in om de raad vanwege wanbestuur buiten spel te zetten. De wet werd in mei en juli 1951 door de Tweede en Eerste Kamer aangenomen, met alleen communisten als tegenstemmers. Tot 1953 regeerde daarna burgemeester Jan Tuin over Finsterwolde. In 1953 kwam de wet te vervallen, ook al keerden de communisten opnieuw met een meerderheid terug in de raad. Interviews hierover met:
- Pieter Nuninga, destijds lid van Gemeentebelangen;
- J.H. Scheps, Kamerlid voor de Partij van de Arbeid;
- CPN-raadsleden Jan Siemons en Gradus Luppens;
- Ed Oolders;
- VVD-er Loopstra

Inleidende teksten:
Inleiding: En dan nu Het Spoor Terug met deel 14 van Cheerio!, een serie over Nederland tijdens de naoorlogse wederopbouw. God, wat waren we al weer snel bang in die eerste jaren na de oorlog. Nog maar net bevrijd van die rotmoffen, of je had al weer een nieuw gevaar in het Oosten, die Russen, weet u wel. Heel Oost-Europa hadden ze al onder controle, en het zou niet meer lang duren of ook wij kwamen onder het Bolsjewistische juk terecht. Daar zorgde die enge schreeuwlelijk van een Paul de Groot wel voor met z'n Communistische Partij. Ik weet het nog goed, luisteraars, ik woonde in die tijd naast zo'n CPN-er, en als het dan 1 mei was dan denderde de Internationale door de straat. En als ik stiekem bij hem naar binnen gluurde, dan zag ik een groot portret van Stalin aan de muur hangen, god wat keek die je schijnheilig aan. Gelukkig maar, dat die communisten het hier nooit voor het zeggen hebben gehad. Behalve dan in dat ene dorpje, daar ver weg in Oost-Groningen.
TEKST 1 "Stalin is onze kameraad niet", dat zegt Koos Vorrink in februari 1946, aan de vooravond van de overgang van de oude SDAP in de nieuw te vormen Partij van de Arbeid. Ondanks het krediet, dat de Rode Legers door hun heldhaftige strijd tegen nazi-Duitsland bij velen hebben, daalt de populariteit van partijleider Jozef Stalin na de bevrijding snel. Het lukt de heropgerichte Communistische Partij van Nederland dan ook niet het politieke isolement te doorbreken. De vooraanstaande rol die vele communisten tijdens de bezetting hebben gespeeld, is voor de regering Schermerhorn-Drees geen reden om CPN-ers in hun midden op te nemen, ook al blijkt uit peilingen dat meer dan 10 % van de bevolking de communisten steunt. De interventie van de Sovjetlegers in Praag in 1948, de acceptatie van de Marshallhulp en de totstandkoming van de NAVO - vandaag veertig jaar geleden - drukken de communisten steeds verder in het defensief. De koude oorlog is daarmee, ook in Nederland, een feit. Toch staan de communisten niet overál buiten spel. Bij de Gemeenteraadsverkiezingen van 1946 behaalt de CPN in het Groningse Finsterwolde met 994 stemmen de absolute meerderheid. Communisten bezetten 6 van de 11 raadszetels inclusief de twee wethoudersposten. De overwinning van de CPN in Finsterwolde komt trouwens niet onverwacht, want al sinds 1935 beheerste de toenmalige Communistische Partij Holland de politiek in de van oudsher strijdbare boerengemeente in het Oldamt. Na de bevrijding is de jarenlange uitbuiting van de landarbeiders door de rijke herenboeren nog lang niet vergeten. Integendeel, de tewerkstelling van veel overbodige arbeiders in de DUW, de dienst Uitvoering Werken, doet de strijdbaarheid ogenblikkelijk weer opleven. Ook bij Jan Siemons en Gradus Luppens, die de door zeven in de oorlog vermoorde vooraanstaande kameraden van zijn leden beroofde partij weer op poten zetten.
TEKST 2 Hoe langer de communisten in de raad zitten, hoe groter de vertrouwenscrisis wordt tussen hen aan de ene, en PvdA-burgemeester Tuin en de raadsleden van de PvdA en de plaatselijke partij "Gemeentebelangen" aan de andere kant. Volgens Pieter Nuninga, notarisklerk en lid van de Gemeentebelangenoppositie, zijn niet alle conflicten even ernstig. Maar de manier waarop de communisten in de raad politiek bedrijven is heel eigenaardig, zo vindt Pieter Nuninga, lid van Gemeentebelangen.
TEKST 3 Als de CPN bij de nieuwe gemeenteraadsverkiezingen in 1949 met een recordscore van bijna 60% van de stemmen opnieuw een absolute meerderheid behaalt, begint ook politiek Den Haag zich met het "Kremlin van Nederland", zoals Finsterwolde spottend genoemd wordt, te bemoeien. In oktober 1950 lekt uit dat de regering een wetsvoorstel voorbereidt om de gemeenteraad van Finsterwolde wegens wanbeleid buiten spel te zetten. Er moet een einde komen aan de stroom van raadsbesluiten, die door Hare Majesteit persoonlijk bijKoninklijk Besluit vernietigd moeten worden. Het wetsontwerp, ondertekend door vice-premier Van Schaik,baseert zich daarbij op artikel 146 lid 4 van de grondwet, dat bij grove verwaarlozing van het bestuur van een gemeente een noodvoorziening toestaat. Ook in 1933 is in Beerta en in 1946 in Opsterland van die mogelijkheid gebruik gemaakt. Het enige Kamerlid dat zich daadwerkelijk in Finsterwolde komt informeren is J.H. Scheps van de Partij van de Arbeid. Scheps spreekt o.a. met de volgens de regering onterecht ontslagen ambtenaar Zomer, die hem het volgende vertelt.
TEKST 4 Niet alleen in een volgepakt hotel De Unie gaat Scheps met CPN-er Henk Gortzak in debat, ook in het parlement treft het tweetal elkaar. Gortzak pareert daarbij de aanval van Scheps als volgt:
TEKST 5 Gek genoeg is er onder de niet-communistische inwoners van Finsterwolde zelf veel minder angst voor het CPN-bewind dan daarbuiten ,zo merkt Pieter Nuninga.
TEKST 6 Ook in Finsterwolde zelf proberen de communisten de dorpsbewoners te mobiliseren tegen het dreigend overheidsingrijpen. Partijleider Paul de Groot komt voor een massale protestvergadering naar Finsterwolde, en onder de bevolking worden 1409 handtekeningen verzameld tegen het wetsvoorstel. Volgens CPN-raadslid Jan Siemons gaat de partij aan haar eigen succes ten onder.
TEKST 7 Het bewind van regeringscommissaris Tuin duurt tot 1953, als er nieuwe gemeenteraadsverkiezingen worden gehouden. Hoewel de communisten opnieuw 6 van de 11 zetels in de wacht slepen, durft de regering de noodtoestand niet te verlengen. In en buiten de raad hebben de CPN-ers hun streken nog niet verleerd, ervaart Ed Oolders.
TEKST 8 Volgens Pieter Nuninga van Gemeentebelangen heeft de regering in de jaren 50 op een heel andere manier geprobeerd om een eind te maken aan de communistische meerderheid in Finsterwolde. Al de voorzieningen, die volgens Jan Siemons dankzij de CPN tot stand kwamen, zijn volgens Nuninga juist te danken aan de burgemeester die Finsterwolde in 1953 als straf krijgt toebedeeld, de VVD-er Loopstra.
TEKST 9 Geholpen heeft het allemaal niet. Pas in 1986 komt er in Finsterwolde een einde aan het communistische bewind, als de CPN nog maar 3 van de 7 zetels behaalt. Het rode gevaar is dan eindelijk geweken.