'Een vrouw met een verleden en een man zonder toekomst.' Dat is volgens Martin Koolhoven de essentie van een film noir. Deze week staat De kijk van Koolhoven in het teken van deze filmstijl, vooral te zien in misdaadfilms uit de Verenigde Staten.

The Maltese Falcon (1941) was officieel de eerste film noir, Touch of Evil (1958) van Orson Welles de laatste. Maar het genre kreeg veel navolging onder de noemer neo-noir, kijk naar Polanski’s Chinatown (1974), Blade Runner (1982) en L.A. Confidential (1997).

De film noir kent zijn oorsprong dus in de Verenigde Staten, maar werd opvallend genoeg pas in Frankrijk tot genre verheven. In de VS was net de depressie achter de rug, en dat zag je volgens de Franse filmcriticus Nino Frank terug in deze ‘zwarte films’, die zich kenmerkten door hopeloosheid, geweld en seksualiteit.

Ook de rest van de wereld ging film noirs maken, van Les Diaboliques in Frankrijk tot Stray Dog in Japan. Maar in Nederland kwam het er niet van, zoals zo vaak. Voor Martin Koolhoven is dat een van de redenen om zijn serie De kijk van Koolhoven te maken:  ‘Nederland heeft een moeizame relatie met genrefilms. Waarom werd er in de jaren zestig en zeventig – toen de hele wereld westerns maakte – in Nederland geen cowboy op celluloid  gezet? En toen iedereen post-apocalyptische films ging maken na het succes van Mad Max: The Road Warrior, waarom deed niemand dat toen hier? Bij film noir is er een klein excuus: toen dat op zijn hoogtepunt was, werden er überhaupt amper films gemaakt in Nederland.’

Humphrey Bogart en Elisha Cook Jr. in The Maltese Falcon (1941)

Vóór de Tweede Wereldoorlog werd er best wat geëxperimenteerd met film in Nederland. Maar toen de oorlog uitbrak stopte de productie van Nederlandse films vrijwel volledig en Amerikaanse films bereikten Europa maar moeilijk. Maar waarom zijn er daarna nooit neo-noirs gemaakt? Koolhoven: ‘Omdat wij calvinisten van realisme houden en hoewel de film noir een flinke dosis waarheid injecteerde in de Hollywoodfilm, was er ook sprake van een flinke stilering. Er waren wel een paar films zoals Kermis in de regen uit 1962, maar meestal accepteren we  genres in Nederland alleen als ze met een flinke dosis humor worden gebracht, zoals Rififi in Amsterdam – ook 1962 – of de film-noir-stukken in Lef uit ‘99.’

Misschien kunnen we de schade alsnog inhalen. Koolhoven zelf is inmiddels bezig met een film noir over de onafhankelijkheidsstrijd van Indonesië na de Tweede Wereldoorlog. ‘Ik ben ervan overtuigd dat het Nederlandse publiek allang een inhaalslag heeft gemaakt, getuige het succes van buitenlandse genrefilms en dat er een groot aantal mensen op wat anders zit te wachten dan Hartenjagen deel 6.’

Aflevering vijf van De kijk van Koolhoven is op vrijdag 2 november te zien op NPO 3, 21.20-22:10 uur. Aansluitend wordt Lost Highway van David Lynch uitgezonden.