Spanje is een land van bars, kroegen en terrassen. Wil Stef wat meer een echte Spanjaard worden, dan hoort barbezoek erbij. En dus ook praten over voetbal, stierenvechten en politiek.

Allemaal aan de toog

In een poging zelf wat Spaanser te worden gaat Stef op kroegentocht. En daarbij ontkomt hij niet aan twee typisch Spaanse caféonderwerpen: voetbal en stierenvechten. Een beetje platgetreden paden, vond hij. Maar wie een blik wil werpen op de Spaanse ziel, en dan met name de mannenziel, kan er echt niet omheen. Om politiek trouwens ook niet. In sommige bars mag er niet over gesproken worden, in andere is het juist de kurk waarop de hele zaak drijft. 

in het kort: bars in Spanje

Hoe weinig inwoners een dorp in Spanje ook heeft, er is altijd een bar. Als je alle togen achter elkaar zou zetten, kom je op een lengte van 1942 kilometer. Als alle 47 miljoen Spanjaarden tegelijk naar de kroeg gaan, wordt het  dringen, maar misschien past het wel, 24 mensen per meter toog. Voor veel Spanjaarden is de bar een soort tweede thuis, en dé plek om vrienden te ontmoeten. Iemand thuis ontvangen is veel minder gebruikelijk. Ze drinken er niet alleen bier, maar ook veel koffie. En frisdrank; een postbode die tijdens zijn ronde even het café induikt is heel gewoon.

drie keer de kroeg in

'Nee. Godverdomme, ben je voor Barça?'

Toñin ziet geen leven zonder Real Madrid

Stef: ‘In Madrid ging ik naar de bar van Toñin, een klein, stevig kaal mannetje met een bijzonder energieke uitstraling. Niet iemand die je zomaar tegenspreekt, en er zaten wat duistere types aan de bar, dus ik was benieuwd wat er zou gebeuren als ik zei dat ik geen fan van Real Madrid ben, waar die hele kroeg om draait, maar van aartsvijand FC Barcelona. "Ik weet wel dat jij niet voor Real Madrid bent," begon Toñin, "Jij bent voor PSV Eindhoven, of FC Feyenoord of Ajax." Zal ik je een geheim vertellen, vroeg ik. Zijn vrouw was me al voor, want die had ik het al onthuld: "Hij is voor Barcelona." Inderdaad, zei ik.'

'Vond-ie niet leuk, maar het was ook een beetje een spelletje. "Godverdomme, ben je voor Barça?" Hij liep naar achteren, nam een aanloop en sprong, hup, zo met z'n kale kop tegen een bel die daar achter de bar hing. Zo, die zat, of zoiets. Het bleek zijn manier te zijn om doelpunten te vieren, maar ook een manier om spanning weg te nemen. Dat werkte, want hij kon meteen weer lachen.' 

'Toñin liet me nog zijn stierenvechterscape zien, en waarom hij kipspiesjes serveert. Die lijken namelijk op de spiezen die stierenvechters gebruiken om de stier te... ik zou het treiteren noemen, maar zij kijken daar anders naar. Daarna ging ik maar snel weg, want er kwam een wedstrijd van Real Madrid aan en, zei ik plagerig, het brengt vast ongeluk, een fan van je aartsrivaal in je café.'

‘De mens is slimmer, maar de stier is gemaakt om met z'n hoorns te vechten.’

Pepe Moral vindt het een eerlijke strijd

Stef: ‘Ik ging naar een bar die helemaal om stierenvechten draait, vlakbij de arena. Daar wilde ik in discussie met de barman, maar dat lukte niet echt. Als ik bijvoorbeeld zei dat het een oneerlijke strijd was tussen stier en mens, dan zei-ie: ja, het leven is oneerlijk. Ja, het leven is wreed. Ik kreeg geen vat op 'm, alsof ik de stier was en hij de behendige matador die me steeds ontweek.'

'En toen kwam Pepe Moral binnen, een beroemde torero, vaste klant van deze bar. Hij woont om de hoek, naast de arena waar hij al zo veel stieren heeft gedood. Maar nu was dat al een jaar niet gebeurd, door corona. Ook dat gesprek pakte niet helemaal goed uit. Ik vond hem een aardige man, en hij vertelde met passie over z'n vak. Zo in het hol van de leeuw durfde ik mijn kritische vragen niet te stellen. Later bij hem thuis deed ik nog een poging, nadat ik een dierenactiviste had aangeschreven om goed beslagen ten ijs te komen. Zij hoopte dat het stierenvechten na corona niet zou terugkeren.'

'Maar Pepe zag dat natuurlijk anders. Hij dacht juist dat de mensen nu extra veel zin zouden hebben in stierengevechten. En hij was bereid daarvoor zijn leven te wagen. Vind je het een eerlijk gevecht, wist ik nog te vragen. Ja, hij vond het heel eerlijk. De mens is slimmer, maar de stier is gemaakt om met z'n hoorns te vechten. Maar vonden zijn kinderen het dan niet zielig voor de stier? Ook daarop zei hij nee. Want die hadden gezien hoe hij een keer gewond was geraakt, dus die hadden veel liever dat papa de stier doodde dan andersom.'

Een café runnen zag ze als een poging om de wereld te veranderen

Een solidair biertje

Stef: ‘Na al die kroegen met stierenvechters, voetbalfans van de verkeerde ploeg en daarna nog aanhangers van de rechtse regiopresident van Madrid, na al die ongemakkelijke gesprekken, wilde ik wel even ontspannen in mijn eigen bubbel. Heel even tussen mensen die net zo dachten als ik. Lekker links. Dus ging ik naar een bar waar een regenboogvlag hing en waar ze een inzamelingsactie hielden. Wie voedsel voor arme Madrilenen meenam, kreeg een gratis biertje van de barvrouw.' 

'Een café runnen zag ze als een poging om de wereld te veranderen. Ik ging met haar mee postertjes plakken in de stad, en dat werkte. Er kwamen allerlei mensen met potten bonen en pakken rijst aanzetten. Voor hun behoeftige stadgenoten, maar ook voor een biertje. Een solidair biertje, volgens de postertjes.' 

Brieven aan de rest van Spanje: solidair biertje

kijk nu op NPO Start

Spanje telt 1942 kilometer aan togen. Ieder dorp, ongeacht haar aantal inwoners, heeft een bar en dagelijks gaan er acht miljoen Spanjaarden naar het café. Je zou bijna denken dat ze niets anders doen. Toen de coronapandemie de kroegen sloot, werd de horeca opeens een belangrijk campagnemiddel in verkiezingstijd: vrijheid of communisme?