Fries fabricaat

Spullen van rotan kwamen niet uit Indonesië, zoals vaak werd gedacht, maar uit Noordwolde. OVT verhaalt de sociale geschiedenis van het rotanstoeltje.

Stoelenmaker

In de jaren vijftig en zestig waren ze in vrijwel elk huishouden te vinden: meubels van rotan. Je had rotanstoelen, rotantafeltjes (met een glazen blad) en ook krantenbakken en boodschappenmandjes van rotan. Het was wel oppassen, want rotanstoelen konden vrij scherpe uitsteeksels hebben, zodat je er niet zonder kleerscheuren vanaf kwam. Vooral nylons moesten het ontgelden. Tegenwoordig gaat huisraad van rotan door voor design en vintage, en moet er fors geld voor worden neergeteld.

Stoelen gereed en in wording.

Het spul kwam niet uit Indonesië, zoals vaak werd gedacht, maar uit het Friese Noordwolde, even ten zuidoosten van Heerenveen. Rond 1825 moet zich daar een Duitse veenarbeider hebben opgehouden die mandjes kon vlechten van in het wild groeiende wilgentenen. Hij bracht de dorpsbewoners de kunst bij, en al snel werd geld verdiend met deze huisindustrie. Toen later die eeuw dominee Hendrik Edema van der Tuuk in Amsterdam een winkel zag waar in Duitsland vervaardigde rieten stoelen werden verkocht, dacht hij: dat kunnen wij in mijn standplaats Noordwolde ook, genoeg riet en goedkope werkkracht voorhanden. Kleine bedrijfjes verrezen, en eind negentiende eeuw werden daar 200.000 stoelen per jaar gefabriceerd. In 1908 werd er de Rijksrietvlechtschool opgericht, om aankomende thuiswerkers – rietvlechters, stoelenmatters en mandenmakers – meer perspectief te kunnen bieden. Er kon een driejarige opleiding worden gevolgd. In de school, die in 1969 wegens gebrek aan leerlingen moest sluiten, is sinds 2001 het Nationaal Vlechtmuseum gehuisvest. Zijn collectie toont de sociale en culturele geschiedenis van vlechtdorp Noordwolde, maar geeft ook een beeld van de vlechtkunst en vlechtgeschiedenis wereldwijd. Voor OVT's 'Het spoor terug' stelde Gerard Leenders een aflevering samen over de sociale geschiedenis van het rotanstoeltje.    

Luister op NPO Radio 1, 11.25-12.00 uur

Tekst: Maarten van Bracht VPRO Gids 2017 #10)